Doorzoek volledige site
23 oktober 2012

Edugo in Oostakker plaatst sport in een breder kader

Op een site van de Edugo Scholengroep in Oostakker bouwt ARKS architecten voor VZW Katholieke Scholen Oostakker, en samen met het Gentse stadsbestuur, de EDUGO Arena. De bestaande sportinfrastructuur zit geïsoleerd binnen de verschillende deelcampussen. Als antwoord op deze versnipperingsproblematiek wordt een centraal ontmoetingcentrum voorgesteld: een plein dat de verschillende deelcampussen in functie en beleving met elkaar en met de buitenwereld verbindt. Een overdekte wandelstraat neemt de barrières tussen de verschillende deelcampussen weg.
Op een site van de Edugo Scholengroep in Oostakker bouwt ARKS architecten voor VZW Katholieke Scholen Oostakker, en samen met het Gentse stadsbestuur, de EDUGO Arena. De bestaande sportinfrastructuur zit geïsoleerd binnen de verschillende deelcampussen. Als antwoord op deze versnipperingsproblematiek wordt een centraal ontmoetingcentrum voorgesteld: een plein dat de verschillende deelcampussen in functie en beleving met elkaar en met de buitenwereld verbindt. Een overdekte wandelstraat neemt de barrières tussen de verschillende deelcampussen weg.




Edugo (EDUcatief project Gent-Oostakker) is een scholengroep met deelvestigingen in Oostakker en Lochristi. De groep biedt zowel basisonderwijs als secundair onderwijs aan, en dit met een gevarieerd studieaanbod. De site in Oostakker is gelegen ten zuiden van de ringweg R4 (Dwight Eisenhowerlaan) in een groene zone tussen de woonwijk Krijte-Schansakker en het bedevaartsoord Onze-Lieve-Vrouw Lourdes. Twee verkeersaders, de Sint-Jozefstraat en de Eksaardserijweg, doorkruisen de site.




Inplanting


Nood aan sportinfrastructuur en efficiënt ruimtegebruik

Uit de dagelijkse werking van de Edugo-scholen in Oostakker blijkt een noodzaak aan bijkomende sportinfrastructuur. Een tekenend voorbeeld hierbij is dat de toneelzaal in campus De Toren nu wordt gebruikt als sportzaal, waardoor de kwaliteit van deze waardevolle cultuurruimte verloren gaat.

De bestaande sportinfrastructuur zit geïsoleerd binnen de verschillende deelcampussen. Dit leidt tot inefficiëntie en meervoudige investeringskosten en staat elke opening naar extern gebruik in de weg.




De verkeerssituatie op de site is onveilig. Het snelle doorgaand (sluip)verkeer in de Eksaardserijweg en de Sint-Jozefstraat wordt niet afgeremd en de diverse verkeersstromen kruisen elkaar op veel plaatsen. De twee verkeersaders vormen een fysieke barrière en isoleren de deelcampussen van elkaar waardoor interactie verhinderd wordt.


Concept
 
Als antwoord op deze versnipperingproblematiek wordt een centraal ontmoetingcentrum voorgesteld. Een plein dat de verschillende deelcampussen in functie en beleving met elkaar en met de buitenwereld verbindt. Door zijn ligging midden de deelcampussen is de parking tussen Zwembad Rosas en Campus De Toren de uitgelezen plaats voor dit centrum.

Sport en cultuur moeten de kwaliteit van het centrum optillen en meervoudig gebruik eenvoudig mogelijk maken. De nieuwe sportaccommodatie legt hier automatisch de link naar Zwembad Rosas waar het principe van meervoudig gebruik nu al toegepast wordt. De toneelzaal van Campus De Toren zorgt voor een culturele link. De mooie platanenlaan en het art-decogebouw vormen een dankbare aanzet. De bijkomende volumes moeten de pleinwanden voltooien.





Een overdekte wandelstraat neemt de barrières tussen de verschillende deelcampussen weg. Deze link tussen campus Glorieux en campus De Brug opent zich ook naar het plein en legt zo de relatie tussen de deelcampussen en de toegevoegde sportaccommodatie.
Straten, voet- en fietspaden worden vervangen door een erfinrichting, wat een adequate oplossing biedt aan de acute mobiliteitsproblematiek van de site. Volgens dit principe krijgen zwakke weggebruikers voorrang, en heeft het autoverkeer een ondergeschikte positie. De verharding van het plein waaiert uit over de rijweg tot aan de campusgrenzen en zorgt voor een onderliggende laag die alles met elkaar verbindt. De (weg)barrières tussen de deelcampussen worden gesupprimeerd, waardoor de toegang tot de site duidelijk voelbaar wordt. Het (auto)verkeer wordt automatisch  afgeremd, sluipverkeer ontmoedigd. De resterende parking ten noorden wordt geoptimaliseerd en uitgebreid met bijkomende parkeermogelijkheden verdeeld over de site.


Minimale ecologische voetafdruk




Een boeiend debat tussen de EDUGO scholengroep en de stad Gent resulteert in een duurzaam project, waarbij investeringen spaarzaam worden door samengebruik. Meervoudig gebruik zorgt voor een continuïteir in bezetting. Uit de Gentse sportbeleidsnota 2008-2013 ‘Blijf in Beweging’ blijkt een grote nood aan een moderne, aangepaste en kwalitatieve sportinfrastructuur. Om dit te verwezenlijken is een samenwerking tussen de stad en de scholengemeenschap een opportuniteit. De infrastructuur wordt voor iedereen opengesteld. De principes van integrale toegankelijkheid worden dan ook toegepast.

Dit alles wordt gerealiseerd met een minimale ecologische voetafdruk, zowel qua flexibiliteit in het ruimtegebruik, als qua verbruik van grondstoffen en energie. Grondstoffen worden afgewogen op basis van de levenscyclusanalyse en -kost, waarbij zowel productie, onderhoud, als afbraak en recyclage in beschouwing worden genomen. Er wordt maximaal gebruik gemaakt van regenwaterrecuperatie. Stadswatergebruik wordt ingeperkt door allerlei waterbesparende maatregelen.



Het wordt een laag-energie-gebouw volgens de principes van de trias energetica:

-    beperken van de energievraag door een doorgedreven isolatiegraad, het benutten van passieve zonne-energie en optimaal gebruik van daglicht.
-    gebruik van hernieuwbare energie.
-    toepassen van efficiënte technieken zoals lage temperatuurverwarming, energiezuinige verlichtingssystemen, vraaggestuurde ventilatie met warmterecuperatie en zomerbypass, en nachtkoeling.

Er wordt een haalbaarheidsonderzoek gepland met een energiemasterplan van de scholensite. Hierbij wordt de mogelijkheid van warmtekrachtkoppeling onderzocht. Dit houdt in dat de elektriciteit die verbruikt wordt ter plaatse opgewekt wordt. De warmte die hierbij vrijkomt, wordt aangewend voor de warmtevraag van de gebouwen.