Doorzoek volledige site
15 juni 2016 | CATHERINE DE WOLF

Catherine De Wolf: Waarom berekenen architecten de milieu-impact van bouwmaterialen?

Discussie met professionelen tijdens het 2016 Embodied Energy and Carbon Symposium dat plaatsvond in de universiteit van Cambridge.

Volgens Catherine De Wolf (PhD MIT & Researcher Cambridge) hecht slechts een minderheid van de vakspecialisten belang aan de embodied carbon van gebouwen. Maar wat belet een architect om de milieu-impact van zijn ontwerp te verminderen op vlak van bouwmaterialen? De Wolf overloopt ‘de excuses’. 

Aangezien 40% van broeikasgassen afkomstig zijn uit de bouwsector, is het van cruciaal belang om zich bewust te zijn van de milieu-impact van de bouwmaterialen. Vandaag de dag hecht slechts een minderheid van de vakspecialisten belang aan de embodied carbon van haar gebouwen. De hindernissen om deze tendens om te keren zijn talrijk: conservatisme, economische redenen of gebrek aan technische kennis. Soms zijn deze aspecten net ook de redenen waarom de Global Warming Potential* van gebouwen wordt berekend.

Wat belet een architect om de milieu-impact van zijn ontwerp te verminderen op vlak van bouwmaterialen? In een reeks gesprekken, interviews, artikels en conferenties binnen het vakgebied architectuur, kwamen de volgende ‘ excuses’ aan bod. Milieuvriendelijke materialen zijn duurder dan de traditioneel gebruikte materialen zoals beton en staal. Alternatieve materialen zijn structureel zwakker dan staal en beton. We weten niet hoe we de CO2e-uitstoot** van gebouwen moeten berekenen en hoe we het gebruik van alternatieve materialen moeten implementeren. Duimregels voor milieuvriendelijk ontwerpen ontbreken nog. Gewoontes in de bouwsector zijn moeilijk te veranderen. Er zijn niet genoeg goede voorbeelden als startpunt. De wetgeving is nog niet aangepast. Innovatief en milieuvriendelijk bouwen vereist arbeidskrachten die anders geschoold zijn. Het ontwerp- of bouwproces voorziet onvoldoende tijd. De klant vraagt er niet naar.

Hoewel sommige argumenten zeker een barrière vormen om over te stappen naar ‘ low carbon’  bouwen, is het de verantwoordelijkheid van ingenieurs en architecten om deze barrière te overstijgen. Het argument dat klantenconservatief blijven en niet geïnteresseerd zijn in de milieu-impact van gebouwen is daar een voorbeeld van: het is de verantwoordelijkheid van de ontwerper om desalniettemin de CO2e-uitstoot van zijn gebouw zo laag mogelijk te houden. Als de klant helemaal niet geïnteresseerd is in de stabiliteit, wordt immers evenmin gezegd dat we die niet gaan berekenen.

Laten we nu naar de redenen kijken waarom een deel van de bouwsector wél naar embodied carbon kijkt. Vele certificaten zoals LEED of BREEAM stellen nieuwe criteria op punt om de milieu-impact van bouwmaterialen te evalueren. Europese normen (EN 15978) ontwikkelen eveneens nieuwe reglementeringen. Grote bedrijven zien in deze toekomstige certificaten en regels een kans om een voorsprong te boeken op anderen als zij deze doeleinden reeds kunnen behalen.

Een voorbeeld van dergelijke targets zijn de “Science Based Targets”, tot dewelke zich op dit ogenblik 163 bedrijven hebben verbonden. Los van het feit of ze het beoogde doel al dan niet bereiken, getuigt een dergelijke verbintenis van hun motivatie om de milieu-impact van hun bouwmaterialen te verminderen: hun architecten zullen zich engageren om de CO2e-uitstoot van hun ontwerp te berekenen, na te volgen en zoveel mogelijk te verlagen.

Om terug te komen op de klant, soms wordt juist wél gevraagd naar milieuvriendelijke bouwmaterialen. Het kan ook een vereiste zijn van de architect, de ingenieur, de aannemer, enzovoort. Andere ‘ tegen’ argumenten waren de sterkte of de financiële kost. In vele gevallen zijn alternatieve materialen en ontwerpen juist een voordeel. Een ontwerp waar bijvoorbeeld gewelven worden gebruikt in plaats van het klassieke maar inefficiënte kolom-balk systeem kan zowel een betere sterkte als een lagere impact met zich meebrengen. In vele gevallen zijn deze alternatieven zelfs esthetisch wenselijker. Bouwen in hout kan ervoor zorgen dat een huis veel sneller wordt opgetrokken vergeleken met opties die meer CO2e uitstoten.

Bovendien isoleren natuurlijke materialen meestal beter, zonder uit het oog te verliezen dat dergelijke opties vaak gezonder zijn voor de mens. Dit brengt ons tot een belangrijk punt: de CO2e-uitstoot van materialen verlagen is essentieel, maar is enkel een stukje van de puzzel. Als architect of ingenieur, moeten we aan een complexe reeks van vereisten voldoen. Enkel naar embodied carbon kijken is dus ook kortzichtig. Andere impact factoren zoals toxiciteit en de uitputting van natuurlijke bronnen wegen even zwaar in het geheel.

--------------------------------------------------------------------------------------------------------

*Global Warming Potential of GWP staat voor de uitstoot van broeikasgassen die de opwarming van het klimaat veroorzaken.

**CO2e staat voor “CO2 equivalent” of het voorstellen van alle broeikasgassen a.d.h.v. hun equivalent in CO2 als maat.