Doorzoek volledige site
25 oktober 2017 | MICHEL VAN DEN BOSCH

Prins Kavelhof past zich naadloos in in gemeentelijk woonweefsel

Illustratie | Michiel De Cleene
Illustratie | Michiel De Cleene
Illustratie | Michiel De Cleene
Illustratie | Michiel De Cleene

Waar men vroeger huisvesting voor ouderen voorzag op plaatsen waar het enkel rustig wonen is, gaat men nu op zoek naar locaties in het centrum van een gemeente, vlakbij voorzieningen en midden in het gemeenschapsleven. Het is daarom dat POLO Architects een geheel van 190 assistentiewoningen ontwierp dat zich naadloos inpast in het gemeentelijk woonweefsel.

Het ruimtelijke concept is geënt op het principe van een conglomeraat van afzonderlijk ingeplante gebouwen. Het programma wordt verdeeld over een aantal kleinere entiteiten om de schaal menselijker te maken. De gebouwen zijn opgevat als urban villa's in het groen. Het bestaande parklandschap wordt als karakteristiek element behouden en versterkt.

In totaal werden op de site 190 assistentiewoningen in drie bouwfasen gerealiseerd met één gemeenschappelijk foyergebouw en ondergrondse parkeerplaatsen. Er zijn drie verschillende typologieën ontwikkeld, met woningen van circa 60 tot 100 vierkante meter, verspreid over 12 paviljoenen. Het aantal bouwlagen varieert van vier tot zeven. Dit alles resulteert in een diverse beeldtaal in harmonie met de kleinschalige korrel van de omgeving.



Centrale ligging

De nabijheid van zowel het centrum van de gemeente Brasschaat, als extra zorgfuncties en openbare vervoersfaciliteiten zijn een belangrijke troef voor deze locatie. Aan de straatzijde is een foyergebouw voorzien met gemeenschappelijke faciliteiten ten behoeve van alle bewoners (ontvangstbalie, bibliotheek, ontmoetingsruimte, café-restaurant).



Binnenplein en pergola als ruggengraat

Een meanderende pergola bepaalt de identiteit van het geheel, verbindt de diverse onderdelen, bepaalt een eigen en eigenzinnige plek in het park, is speels en luchtig, creëert contrasterende ruimten en lijnt het landschap in horizontale richting scherper af. De pergola bestaat uit een meanderende structuur die de gebouwen op informele manier verbindt. Door zich te plooien naar en tussen bestaande boomstructuren gaat hij op in het omhullende landschap.

De weloverwogen inplanting van de “urban villa” is gebaseerd op interessante perspectivische doorzichten, een relatieve kleinschaligheid van de gebouwen, en het bepreken van de voetafdruk door punctueel en weloverwogen op enkele plaatsen in de hoogte te bouwen.

Het binnenplein met pergola verbindt het geheel. Hij is voldoende hoog zodat hulpdiensten eronder kunnen rijden. Taxi's of auto's kunnen er gecontroleerd voorrijden tot aan de voordeur, (klein)kinderen kunnen er spelen, rustbanken krijgen er beschutting, het is een veilige plaats voor informele communicatie en ontmoetingen.