Doorzoek volledige site
03 maart 2011 | HP

51N4E Belgian wint Belgian Building Award voor C-Mine

Binnen de categorie niet-residentieel van de Belgian Building Awards viel dit jaar het C-Minecomplex in Genk in de prijzen. Behalve C-Mine waren ook de Bibliotheek in Dendermonde van BOB361 en project Métal in Saint-Gilles van AgwA & Ferrière genomineerd.

Binnen de categorie niet-residentieel van de Belgian Building Awards viel dit jaar het C-Minecomplex in Genk in de prijzen. Behalve C-Mine waren ook de Bibliotheek in Dendermonde van BOB361 en project Métal in Saint-Gilles van AgwA & Ferrière genomineerd.






C-Mine: een nieuwe stadswijk in Genk

Binnen de categorie niet-residentiële gebouwen werd het architectenbureau 51N4E (wat staat voor de geografische coördinaten van Brussel) laureaat met het project C-Mine. Het project kwam als sterkste naar voor uit 63 inzendingen. 51N4E wordt geleid door Freek Persyn, Johan Anrys en Peter Swinnen, de huidige Vlaamse Bouwmeester. Het C-Minecentrum in Winterslag opende afgelopen september 2010 z’n deuren.  Rond de twee mijnschachttorens, trotse getuigen van een rijk industrieel verleden, werd deze oude mijnsite na een grondige renovatie en uitbreiding omgevormd tot een boeiend geheel bestaande uit een designcentrum, seminarieruimtes, een cultureel centrum, een bioscoopcomplex,  restaurants en cafés. Op een aanpalend terrein zijn inmiddels ook de werken gestart voor een nieuwe woonwijk. Op die manier krijgt langzaamaan een volledig nieuw stukje Genk krijgt vorm. Net hierdoor blijkt het ambitieuze project goed op weg om een voorbeeld te worden van hedendaagse herbestemming.

 


 
Ontwerpuitdagingen

Volgens de architecten was dit project een boeiend experiment. Ze menen dat vooral “de grote schaal de grootste troef uitmaakt. “Het geeft het project de slaagkansen om boven het referentieniveau van Genk zelf uit te stijgen”. Met die omvang van de site, maar ook van de energiegebouwen zelf, zijn de architecten van 51N4E aan de slag gegaan. Als een soort zelf opgelegde randvoorwaarde die het ontwerp stuurde.  “Het werkt door in de vormgeving, in de positionering, ja zelfs tot in de afwerking en detaillering”, zegt Johan Anrys.
Een andere uitdaging bestond er in om het beschermde industrieel erfgoed te respecteren en het tegelijk te activeren met een compleet nieuwe functie. Het respect voor het erfgoed tonen de architecten niet in het kopiëren van de oude materialen of stijlvormen, maar wel in het voortbouwen op de intrinsieke kwaliteiten van het oorspronkelijk gebouw: de organisatie en nogmaals het ruimtegevoel. Generositeit, noemen de architecten het zelf. “Het lijkt soms wel alsof dat gebouw in een andere schaal was gemaakt. Die overmaat hebben we bij de uitbreiding en de inrichting willen bewaren. Zodat het  blijft voelen als een landschap waar je in verloren kunt lopen”.






Voortbouwen op bestaande logica

Voor de renovatie en uitbreiding waren de energiegebouwen een T-vormig complex, met een vijfmeter hoge sokkel en daarbovenop een zeer hoge verdieping. De onderste laag was hierbij het technische niveau met alle machines en leidingen. Boven bevonden zich de pronkzalen die niet in het minst indruk maakten door hun schaal. Dit was de context waarin de architecten een vrij omvangrijk programma dienden onder te brengen: een grote en een kleine theaterzaal, een foyer, een theatercafé, vergaderlokalen, sanitair, bergruimtes, kantoren... De architecten hebben hierbij getracht alle functies die hier op een logische manier konden ingepast worden daar ook onder te brengen. Tegelijk kozen ze er meteen voor om de functies die niet pasten binnen het bestaande areaal van ruimtes, onder te brengen in het nieuwbouwgedeelte.
De architecten hebben de ‘oksels’ van het oorspronkelijke T-vormige gebouw opgevuld met twee kubusvormige gebouwen waarin de theaterzalen zijn ondergebracht. Door deze bijkomende gebouwen is een rechthoekig grondplan ontstaan dat tegelijkertijd helder en verrassend is.  Het centrum laat zich vanuit de foyer ontdekken als een labyrint van aaneengeschakelde ruimtes terwijl de structuur van het complex tegelijkertijd toch leesbaar blijft. Wellicht omdat ze de bestaande logica van het gebouw hebben doorgetrokken in het nieuwbouwgedeelte.


Het totaalproject werd overigens reeds eerder bekroond met de Regio Star Award, een onderscheiding van de Europese Commissie die innovatieve projecten bekroont die zogenaamde brownfieldsites herwaarderen.

 

De uitvoering van dit bekroond C-Mine project was in handen van Bouwteam Houben.


Foto’s: Stijn Bollaert, 51N4E, www.vlaanderenvanuitdelucht.be