Doorzoek volledige site
03 oktober 2018 | FILIP CANFYN

Steen & Been: Hooghuishoudens

Illustratie | PxHere

Onze huiscolumnist steekt zijn enthousiasme voor een ‘hoogbouwproject’ in Oostende niet onder stoelen of banken, vooral omdat het over blijkbaar goede sociale woningbouw gaat.

In Oostende staat al ruim veertig jaar een architecturale en stedenbouwkundige schande, die per definitie getolereerd werd wegens sociale appartementen. Chinese vrijwilligers met een lager inkomen moeten immers niet moeilijk doen. Deze onrespectvolle hoogbouw, mislukte Corbu met de pretentie van een tweede Atlantik Wall, kreeg de cynische naam ‘De Nieuwe Stad’, naar de wellicht tevreden aannemer van deze ramp. De minder barmhartige volksmond sprak van ‘De Apenplaneet’. In niet minder dan 700 appartementen stegen met de jaren zowel het leeftijdsgemiddelde als het kleurgehalte en dus de miserie. Er restte uiteindelijk maar één oplossing voor deze kwetsbare wijk in het verpauperde Oostende: weg ermee en opnieuw beginnen. Met andere woorden, tijd voor een ontwerpwedstrijd.
 

"Ik zie (terecht) veel aandacht voor de niet-bebouwde ruimte en voor de inplanting van de woongebouwen: in plaats van een naargeestige betonnen muur te vormen worden ze intelligent verspreid, zodat niet alleen spreekwoordelijk door de bomen overal het bos kan gezien worden."


Op Architectura.be zag ik onlangs dat het masterplan van Brut + C.F. Moller (ja, een Deense o met een streepje) uitverkoren werd. Ja maar, dacht ik, dat zijn toch diezelfde gasten van die toren in aanbouw op Nieuw-Zuid, ‘Scheldezicht’? In Antwerpen tekenen ze inderdaad de zoveelste hoogbouw voor hoge inkomens, die vooral willen tonen dat ze genoeg centen hebben om boven iedereen uit te tronen. Vierentwintig verdiepingen van zogenaamde nieuwe stedelijkheid voor zogenaamde nieuwe stedelijken, die op hun terrasje willen cocoonen met een gintonic in de pollen. Wat gaan die architecten in Oostende uitsteken?

Edoch, afgaande op de simulaties op de website van Brut kan ik alleen maar enthousiast worden. Ik zie (terecht) veel aandacht voor de niet-bebouwde ruimte en voor de inplanting van de woongebouwen: in plaats van een naargeestige betonnen muur te vormen worden ze intelligent verspreid, zodat niet alleen spreekwoordelijk door de bomen overal het bos kan gezien worden. Blokhuizen (5-8 verdiepingen) en hooghuizen (13 verdiepingen), samen goed voor nog maar 500 woonunits, proberen op een subtiele manier een leefbaar en voorbeeldig evenwicht tussen compactering en kleinschaligheid, tussen verdichting en leefbaarheid te vinden. Positieve sociale hoogbouw dus en dat stemt mij uitermate blij. On verra natuurlijk want in Oostende liep al altijd veel water doelloos naar de zee ...

De architecten krijgen van mij nu al een spuugmedaille voor het sympatiekste neologisme: hooghuis. Dat is eens wat anders dan Chicagoblok of probleemtoren.