Doorzoek volledige site
28 september 2011

Dag van de Architectuur 2011: Jo Berben, Kristiaan Borret en Jo Lefebure over participatie

Architecten en beleidsmakers zien alsmaar meer het belang in van de zogenaamde participatieaanpak tijdens het ontwerpproces. Waar de wisselwerking tussen architect en bouwheer de logica zelve is, wordt de directe en indirecte gebruiker steeds meer betrokken. Jo Berben, Kristiaan Borret en Jo Lefebure vertellen over hun ervaring met participatieprojecten in het Dag van de Architectuur-magazine dat op 21 september samen met Knack Weekend verscheen.

Architecten en beleidsmakers zien alsmaar meer het belang in van de zogenaamde participatieaanpak tijdens het ontwerpproces. Waar de wisselwerking tussen architect en bouwheer de logica zelve is, wordt de directe en indirecte gebruiker steeds meer betrokken. Jo Berben (a2o-architecten), Kristiaan Borret (Antwerps stadsbouwmeester) en Jo Lefebure (hoofd Cel Architectuur Gent) vertellen over hun ervaring met participatieprojecten in het Dag van de Architectuur-magazine dat op 21 september samen met Knack Weekend verscheen.


 


 

De participatiegedachte staat voor het inzetten van de gebruiker om een actieve rol te spelen in het ontwerpproces. Deze interactie tussen bouwheer en bouwmeester die in een particuliere context eeuwenoud is, vindt meer en meer zijn evenknie bij grote stedenbouwkundige ingrepen. Volgens architect en docent Jo Berben is het dus belangrijk om binnen de participatiebeweging een onderscheid te maken. Berben: "Enerzijds heb je gebruikersparticipatie waarbij duidelijk is wie de toekomstige gebruiker is. Anderzijds heb je projecten waarbij de toekomstige gebruikers nog niet gekend zijn, en er eerder sprake is van een soort beleidsparticipatie waar een bredere groep wordt aangesproken." Vermits grote architecturale ingrepen meestal een grote maatschappelijk impact hebben, kan participatie dus ook op maatschappelijk niveau niet ontbreken. Onder de leuze 'architectuur met iedereen' is een forum nodig waarin het archi­tectuurdebat wordt opengetrokken. Zo krijgt de bevolking, en dus de gebruiker, meer inspraak in het stedenbouwkundige beleid van haar stad of gemeente. Dikwijls wordt bij die laatste vorm van participatie gewerkt met zogenaamde projectgroepen. Deze bestaan uit vertegenwoordigers van verschillende openbare sectoren, die elk de belangen van hun domein zullen verdedigen."


Participatie en stadsontwikkeling

Opmerkelijk is dat steeds meer gemeentelijke stadsontwikkelingbedrijven bij het uitwerken van grootschalige projecten de kaart van participatie trekken. In Gent is dat AG SOB (Autonoom Gemeentelijk Stadsontwikkelingbedrijf). Volgens hoofd van de Cel Architectuur Gent, Jo Lefebure, kiest AG SOB resoluut voor participatie bij ondermeer de grote herwaarderingsprojecten aan de Gentse stadsrand. Lefebure: "AG SOB hanteert hierbij een zeer efficiënt systeem. Op basis van een prijsvraag stellen ze een pool van tien architecten samen die een creatieve oplossing bedenken voor zowel herbestemming– als nieuwbouwprojecten. Vervolgens schotelen zij de tien ontwerpen voor aan de toekomstige gebruikers, die dan de keuze hebben met welke architect ze in zee willen gaan." 


Niet alleen Gent is hierin koploper, ook Antwerpen is al een tijd bezig met deze participatiepolitiek. Met de recente ontwikkelingen rond Park Spoor Noord werd van bij het ontwerpproces steevast gekozen voor inspraak van de omwonenden. Het tot stand komen van dit stedenbouwkundig project kan op gebied van participatie gerust als trendsettend worden beschouwd. Antwerps stadsbouwmeester, Kristiaan Borret: "Bij Spoor Noord werd echt een draagvlak gecreëerd om bij de buurtbewoners te polsen hoe zij tegenover het geplande park stonden.". Hij merkt nog op dat er bij participatieacties voor bepaalde projecten rekening moet worden gehouden met een veel breder draagvlak dan enkel de omwonenden. Er wordt blijkbaar nog al te weinig rekening gehouden met de indirecte gebruiker. "Uit een recente enquête in verband met de geplande ontwikkelingen aan de Scheldekaaien, bleek dat zeer veel niet-Antwerpenaren deze hadden ingevuld!", aldus Borret.


Wil u de rest van het lezen? Klik dan hier.

Tekst: Egon Verleye
Bron: Vlaams Architectuurinstituut