Doorzoek volledige site
08 november 2011 | TIM JANSSENS

Belgische Prijs voor Architectuur en Energie: Arteconomy van 51N4E

De komende weken zal Architectura een vervolgreeks brengen over de winnende en genomineerde projecten van de Belgische Prijs voor Architectuur en Energie. Het eerste project dat aan bod komt, is Arteconomy van 51N4E, oftewel de renovatie en transformatie van een vrijstaande fermette in Sint-Eloois-Winkel. 51N4E toverde ze om in een uiterst moderne, contextgebonden privéwoonst en werd meer dan verdiend verkozen tot architectuurlaureaat in de categorie ‘Eengezinswoningen’.
De komende weken zal Architectura een vervolgreeks brengen over de winnende en genomineerde projecten van de Belgische Prijs voor Architectuur en Energie. Het eerste project dat aan bod komt, is Arteconomy van 51N4E, oftewel de renovatie en transformatie van een vrijstaande fermette in Sint-Eloois-Winkel. 51N4E toverde ze om in een uiterst moderne, contextgebonden privéwoonst en werd meer dan verdiend verkozen tot architectuurlaureaat in de categorie ‘Eengezinswoningen’.


Nieuwe start

Arteconomy vloeide voort uit een klassieke ‘fermette’ die dringend aan renovatie toe was. Deze werd vrij drastisch doorgevoerd, maar is geen volledige ‘tabula rasa’. Heel veel van wat er bestond is aangepast en geherdefinieerd: het statuut van de leefruimte, de interne routing, het versmelten van binnen en buiten, de grens tussen publiek en privé. “Maar hoewel de geschiedenis van de woning en het leven dat er zich in afspeelde niet weggegomd is, blijkt toch duidelijk dat de toekomst heel anders zal zijn,” luidt het bij 51N4E. “De ambitie van het project is een nieuwe start te definiëren, een nieuw beginpunt. Een plaats waar bestaande relaties opengebroken worden en nieuwe verbindingen kunnen ontstaan. Een huis dat tegelijkertijd intiemer is en meer publiek. Een woonst die meer specifiek en persoonlijk is geworden dan de fermette ooit was, maar die ook neutraler zal zijn, in de zin dat ze meer openstaat om toegeëigend te worden door mensen die er niet wonen, maar voor korte of lange tijd op bezoek komen.”



Foto: Ake Lindman.


 


Deel van het geheel

Het ontwerp beschouwt het interieur en exterieur als onlosmakelijke delen van een groter geheel. Ze werden wel grotendeels herschikt, met de bedoeling om het  natuurlijke licht rijkelijk te laten binnenvallen. ‘Binnen’ en ‘buiten’ zijn met elkaar verweven en lopen maximaal in elkaar over. De prachtige, bosrijke context wordt daarbij eindelijk ten volle benut. Toevoegingen aan het oorspronkelijke volume werden zoveel mogelijk vermeden. Binnenin wordt de bestaande leefruimte verduidelijkt en uitgebreid tot een ‘serpentine’ met meervoudige zichten en richtingen. Deze ‘serpentine’ wordt de nieuwe kern van de woning en geeft toegang tot de overige functies. Links van de centrale ruimte bevindt zich de gereduceerde kern van het woonhuis (met vestiaire, garage, badruimte en keuken).


Doelgerichte ontwrichting

Een nieuwe routing linkt deze delen op een compactere manier aan elkaar en aan de buitenruimtes. De centrale ruimte herdefinieert de woning compleet. De vroegere buitenmuren aan de voor- en achterzijde van deze ruimte zijn - samen met enkele binnenmuren - volledig gesloopt en vervangen door glaswanden. In combinatie met een 12 mm dunne staalwand van drie meter hoog, geplaatst op drie meter afstand van het huis, ontstaat er een veelvormige ruimte die zich in en rond het huis beweegt. Deze nieuwe perimeter herdefinieert de relatie tussen binnen en buiten door middel van precies gekozen uitsneden. Tussen de oude en de nieuwe perimeter ontstaat er op die manier een tussenruimte die zowel de tuin als de leefruimte verder kan uitbreiden. De nieuwe perimeter herijkt door zijn positie, hoogte en materialisatie het karakter van het terrein en de woning, en dit zonder ze beiden uit te wissen. Het einde van de binnenruimte lijkt zich te verplaatsen tot aan de stalen wand, waardoor het bos en de leefruimte elkaar kruisen. 



Foto: Ake Lindman.

 

Fysiek en immaterieel

 

Het scherpstellen van grenzen en het creëren van verbindingen hangt nauw samen met de materialisatie. Vooral de staalwand rondom de woning en de  glasramen van de centrale ruimte werken sfeerscheppend. De staalwand bestaat uit 12mm dunne stalen platen. Doordat hij aan de buitenzijde bekleed is met vernist blauwstaal en aan de binnenzijde met een witte lak, doet de woning zowel beschermend als uitnodigend aan. De glaswanden zijn opgebouwd uit zelfdragende elementen van helder dubbel glas die op cruciale plekken in de ruimte volledig kunnen openschuiven. Ondanks hun fijne uiterlijk zijn de ramen volledig isolerend en perfect sluitend. Door het feit dat het glas niet gevat is in een kader (het stalen frame is er enkel om de dichting er in te kunnen verwerken) ontstaat er een spel van transparanties, verdubbelingen en reflecties. Op bepaalde ogenblikken functioneert de witte wand als een zonnereflector, waardoor zowel voor- als achterzijde van de woning onverwacht in het zonlicht baden. De staalwand en de glaspartijen zijn afgestemd op elkaar en op de verhouding van de ruimtes. In combinatie met een set van halftransparante gordijnen suggereren ze een veelheid aan plekken. Zo wordt er binnen één continue ruimte een steeds wisselend gebruik gestimuleerd, aangestuurd door het ritme van de dag en het verglijden van de weersomstandigheden.




 


Publiek en intiem

De verbouwing geeft aan de woning een publiek karakter en een neutraliteit die maken dat haar ruimte op verschillende manieren ingevuld kan worden. Toch is het niet de bedoeling een ruimte te maken die als een soort van galerie aanvoelt: de algehele sfeer van de woning benadrukt het feit dat het een plek is om te wonen. Toch zijn gasten ook meer dan welkom. De bewoners staan immers meer dan open voor tijdelijke verblijven door kunstenaars, schrijvers, fotografen, toneelspelers, architecten, ...  Het eerste verblijf heeft al plaatsgevonden. De Spaanse kunstenaar Enrique Marty maakte er twee poppen, die staan voor de alter ego’s van de bouwvrouw en de bouwheer. De alter ego’s hebben een sprekende gelijkenis maar zijn van een totaal andere orde.  “Een vleesgeworden mission statement van de architecturale ambities van dit ontwerp,” besluit 51N4E.