Doorzoek volledige site
06 januari 2014 | TIM JANSSENS

Jaaroverzicht 2013: De zoektocht naar een innovatieve zorginfrastructuur

Hoe langer hoe meer wordt duidelijk dat onze hedendaagse zorginfrastructuur sterk onder druk staat. Vlaams minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin Jo Vandeurzen blijft echter niet bij de pakken zitten en lanceerde samen met Vlaams Bouwmeester Peter Swinnen vijf vernieuwende pilootprojecten die moeten leiden tot concrete, innovatieve woonzorgmodellen met een maatschappelijke meerwaarde. Eerder had de minister zijn plannen al toegelicht in een panelgesprek met vier architecten en een academisch researcher, waarvan het relaas in maart op Architectura verscheen. Bij wijze van afsluiter van een boeiend zorgjaar hebben wij de meest markante uitspraken uit dit debat voor u gebundeld.
Hoe langer hoe meer wordt duidelijk dat onze hedendaagse zorginfrastructuur sterk onder druk staat. Vlaams minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin Jo Vandeurzen blijft echter niet bij de pakken zitten en lanceerde samen met Vlaams Bouwmeester Peter Swinnen vijf vernieuwende pilootprojecten die moeten leiden tot concrete, innovatieve woonzorgmodellen met een maatschappelijke meerwaarde. Eerder had de minister zijn plannen al toegelicht in een panelgesprek met vier architecten en een academisch researcher, waarvan het relaas in maart op Architectura verscheen. Bij wijze van afsluiter van een boeiend zorgjaar hebben wij de meest markante uitspraken uit dit debat voor u gebundeld.



Woonzorgcentrum De Vierde Wand in Winterslag (PCP Architects)




Integratie in de omgeving

- “Privé-investeerders lijken me meer geneigd om plaatsgebondenheid op te zoeken en rekening te houden met zaken die verder gaan dan alleen het woonzorgaspect (bijvoorbeeld de nabijheid van een fietsroutenetwerk, synergie met scholen in de directe omgeving die er projecten kunnen uitvoeren, enz.). Een woonzorgcentrum mag geen instituut met gesloten deuren zijn.” (Peter Cornoedus, PCP Architects)

- “Er zijn ook heel wat OCMW's die oren hebben naar die synergie met de omgeving. De mate van verwevenheid hangt mijns inziens volledig af van de ondernemingsgeest van de personen waar je mee werkt. We hebben zulke ondernemers ook wel nodig, want integratie van andere functies in woonzorgcentra zal in de toekomst noodzakelijk worden om ze optimaal in te bedden in hun omgeving.” (Jorden Goossenaerts, RDBM)

- “Ik geloof sterk in hybride programma's. Ik zou daar zelfs zeer ver in gaan: het vermengen van functies zou het traditionele gebruik van de ruimte moeten overstijgen. Waarom geen kinderopvang, horeca-faciliteiten of reisbureaus integreren in onze woonzorgcentra? Deze oefeningen worden mijns inziens in Vlaanderen nog veel te weinig gemaakt.” (Jo Berben, a2o)

- “Ik pleit voor 'vermaatschappelijking' van zorg. Waarom niet bekijken hoe we gebouwen zoals leegstaande kloosters en gevangenissen, die binnen de stedelijke kernen geen plaats meer hebben, kunnen invullen met zorgfuncties? Woonzorginitiatieven kunnen op die manier een opportuniteit zijn om stedelijke weefsels te herschikken.” (Jo Vandeurzen)

- “We moeten de nood aan nieuwe zorginfrastructuur gebruiken om onze ruimtelijke ordening en ons patrimonium eindelijk op een goede manier te verankeren, en dit aan de hand van slimme casco's die zowel door hun locatie als door hun energieprestaties en flexibele inrichtingsmogelijkheden – onder andere voor zorg- en verzorgingsfuncties, maar ook voor nog zoveel meer andere doeleinden – per definitie duurzaam en dus zeer waardevol zijn.” (Jorden Goossenaerts, RDBM)




De Nieuwe Kaai in Turnhout, een themagericht rustoord van de hand van De Gregorio & Partners dat is opgevat als een charmehotel met openbaar café.




Zorgarchitectuur: specialisme versus 'out of the box'-denken

- “Ik geloof dat je als architect al wel wat ervaring nodig hebt om een woonzorgcentrum te kunnen ontwerpen. Maar die ervaring moet je zeker niet uitsluitend hebben opgedaan in de zorgbouw, want er is volgens mij wel iets voor te zeggen dat je dan na verloop van tijd vastgeroest kan raken in bepaalde ideeën die best wel functioneel, maar misschien niet bij elk bouwprogramma even relevant zijn.” (Peter Cornoedus, PCP Architects)

- “We moeten komen tot slimme gebouwen die verschillende invullingen kunnen krijgen, en dus zou de vraag naar ervaring met het ontwerpen van zorginstellingen alsmaar minder relevant moeten worden. Het is volgens mij net van belang om in zoveel mogelijk sectoren verschillende ervaringen op te doen, zodat je de 'best practices' uit deze ervaringen kan combineren om uiteindelijk tot een soort van grootste gemene deler te komen.” (Jorden Goossenaerts, RDBM)

- “Als je ouder wordt en liefde voor het vak hebt, word je net beter, frisser en veelzijdiger. Je maakt pas een goed woonzorgcentrum als je er al een paar andere gemaakt hebt, maar dit geldt evengoed voor andere soorten gebouwen. Het is haast onmogelijk om aan het begin van je carrière 'out of the blue' met een perfect ontwerp voor de dag te komen.” (Alfredo De Gregorio, De Gregorio & Partners)

- “Door de professionalisering van onze zorgsector en bepaalde initiatiefnemers is het voor personen of instanties met nieuwe ideeën erg moeilijk om toegang te krijgen tot die zorgsector.” (Oswald Devisch, onderzoeksgroep ARCK, Provinciale Hogeschool Limburg)

- “Ruimtelijk nadenken over zorg mag geen exclusieve zijn van een aantal 'gespecialiseerde' architecten.” (Jo Berben, a2o)




a2o bouwt het Clarissenklooster in Hasselt momenteel om tot Woonzorgcentrum Clarenhof. (Visualisatie: a2o)




Subsidies en regelgeving

- “Heel wat initiatiefnemers zijn door hun nood aan subsidies afhankelijk van het VIPA en kunnen dus niet anders dan voldoen aan die strenge regelgeving. Natuurlijk dienen de normen die de subsidies omkaderen ertoe om de kwaliteit van een realisatie enigszins in de hand te houden, maar als je de zaken te fors in de hand houdt, riskeer je een belemmerende in plaats van een faciliterende factor te worden.” (Oswald Devisch, onderzoeksgroep ARCK, Provinciale Hogeschool Limburg)

- “De grondprijzen in onze stads- en dorpskernen vormen momenteel een aanzienlijk obstakel om zorginstelling in het hart van onze leefomgevingen in te planten. Waarom zouden we de subsidies niet gebruiken om op dit vlak bij te passen?” (Jorden Goossenaerts, RDBM)

- “De manier waarop VIPA subsidieert – op basis van het aantal vierkante meter – is volledig fout. De subsidies zouden moeten worden vervangen door een andere stimulans vanwege de overheid, bijvoorbeeld een schenking van een bepaald bedrag per gerealiseerde kamer.” (Alfredo De Gregorio, De Gregorio & Partners)

- “In elke discipline is er regelgeving. Enkel het feit dat die regelgeving zo normatief gehanteerd wordt, stoot me wat tegen de borst. Er zou wat onderhandelingsmarge moeten zijn, een mogelijkheid om toe te lichten waarom je bepaalde zaken anders hebt aangepakt. Het is immers net in die randzones dat je innovatief kan zijn.” (Peter Cornoedus, PCP Architects)

- “We gaan het systeem van de voorafgaande vergunningen aanpassen. Als je een goed concept hebt en kan aantonen dat je realisatie haalbaar is en beantwoordt aan de lokale noden, gaan we een handje helpen om zulke projecten meer mogelijkheden te geven. De kwaliteit moet primeren, niet het aantal vergunningen.” (Jo Vandeurzen)



Woonzorgcentrum Reigersvliet in Leopoldsburg (RDBM).




Innovatie

- “Nieuwe woonzorgcentra moeten de zorgvisie van de toekomst al voor een stuk uitstralen. Momenteel is dit echter nog te weinig het geval doordat de focus soms te veel op het rendement van de immobiliënoperatie ligt. Innovatie begint met andere woorden bij het vinden van een gedreven initiatiefnemer die de knowhow en het strategisch inzicht heeft om het zorginhoudelijke te koppelen aan kostenefficiëntie.” (Jo Vandeurzen)

“Ik pleit voor het herbestembaar maken van ons vastgoed, voor het ontwerpen van slimme casco's die het ons zullen toelaten om uiterst flexibel met onze ruimtelijke ordening om te gaan. Er is volgens mij maar één manier om dit te bewerkstelligen, en dat is het loskoppelen van het bouwprogramma en het vastgoed an sich.” (Jorden Goossenaerts, RDBM)

- “Vastgoed is belangrijker dan design, en ook op het vlak van personeelsbeleid is er nog heel wat vernieuwing mogelijk.” (Alfredo De Gregorio (De Gregorio & Partners)

- “Ik zou gemeentelijke ambtenaren inspireren via de concrete illustratie en visualisatie van innovatieve zorgprogramma’s. Architecten moeten hen tonen wat mogelijk is. Er zijn waarschijnlijk wel heel wat initiatiefnemers die iets totaal anders willen, maar die simpelweg niet weten wat er allemaal kan.” (Oswald Devisch, onderzoeksgroep ARCK, Provinciale Hogeschool Limburg)

- “Voor mij is het zeer belangrijk dat mensen die architect of ruimtelijk planner zijn mee proberen te denken over hoe we onze zorg kwaliteitsvol kunnen organiseren. Er komen immers veel zaken bij kijken die via een goed ontwerp een heel stuk te verbeteren zijn: nabijheid van mensen en link met de omgeving, het woongegeven, de werking van het personeel, het bedrijfseconomisch functioneren, ...” (Jo Vandeurzen)



Noot: Het verslag van het panelgesprek rond zorgbouw verscheen eerder al in Actual Care.