Groen voor Grijs: Moet de Vlaming de hoogte in voor een groenere leefomgeving?
In de tweede aflevering van de podcastreeks Groen voor Grijs, een initiatief van Talea in samenwerking met Palindroom, buigen de experts zich over een van de meest gevoelige thema's in de Vlaamse ruimtelijke ordening: de relatie tussen verdichting en vergroening. Om ruimte vrij te maken voor natuur en biodiversiteit, lijkt een compactere manier van wonen onvermijdelijk. Maar betekent dit dat we massaal in torens moeten gaan wonen? Moderator Rik Neven (Palindroom) vraagt aan Vlaams Bouwmeester Véronique Claessens, een van haar voorgangers Leo Van Broeck en gewezen schepen Marc Schepers of vergroening wel mogelijk is zonder hoogbouw en verdichting.
De discussie over densiteit roept bij veel burgers vaak beelden op van massale appartementsblokken, maar volgens Leo Van Broeck is die angst ongegrond. Hij benadrukt dat verdichting niet synoniem staat voor louter hoogbouw, maar vooral voor een slimme mix. "Hoog en laag mengen, uw harmonieregel in de vuilbak," stelt hij resoluut. Volgens Van Broeck zorgt het loslaten van de klassieke kroonlijsthoogte juist voor meer daglicht en zonlicht in de straat. Door strategisch een toren te combineren met lagere rijwoningen, kan men de voetafdruk op de bodem verkleinen terwijl de woonkwaliteit stijgt.
"Hoog en laag mengen, uw harmonieregel in de vuilbak. Dan kun je verdichten en vergroenen tegelijk en je landgebruik doen krimpen."
Naast de energetische voordelen, zoals het feit dat een warmtenet pas rendabel is vanaf een bepaalde dichtheid, wijst Van Broeck op de noodzaak om onze versnipperde manier van wonen achter ons te laten. Vlaanderen is momenteel een van de minst verdichte regio's van Europa, met een overvloed aan verkavelingen die de biodiversiteit verstikken. Voor Van Broeck is de keuze duidelijk: we moeten met minder ruimte meer leren doen. "Het is zalig om met een uitzicht te wonen, dus als je al die woonwensen naast elkaar zet, dan krijg je automatisch hoog en laag door elkaar", legt hij uit.
Kwaliteit boven kwantiteit
Véronique Claessens sluit zich aan bij de noodzaak van verdichting, maar legt de nadruk op de ontwerpkwaliteit die daarbij komt kijken. Ze merkt op dat er in Vlaanderen vaak een zwart-witbeeld heerst: men kiest ofwel voor een vrijstaande villa, ofwel voor een toren. Volgens haar zijn er echter talloze tussenvormen die de individuele private ruimte kunnen garanderen. "Ik heb geen angst om in de hoogte te gaan, maar ik denk dat het wel moet gaan over wat is die woonkwaliteit dan daar", stelt de Bouwmeester vast. Het draait voor haar om generositeit in het ontwerp, zoals ruime collectieve inkomhallen waar plek is voor ontmoeting en praktische zaken zoals buggy’s.
"Ik heb geen angst om in de hoogte te gaan, maar ik denk dat het wel moet gaan over wat is die woonkwaliteit dan daar en hoe kun je dat oplossen?"
Op de vraag of een toren van vijftien verdiepingen in een kleine gemeente kan, antwoordt Claessens dat dit altijd afhangt van de lokale context. Ze pleit ervoor om niet vast te houden aan rigide harmonieregels, maar te kijken of een gebouw ruimtelijk op zijn plaats is. Het grootste obstakel is volgens haar echter de Vlaamse eigendomsstructuur, waarbij gronden in woonreservegebieden nog steeds als loutere beleggingsproducten worden gezien.
De planeet is geen investeringsproduct
Marc Schepers trekt de discussie naar de ethische kant van grondbezit en ontwikkeling. Hij merkt op dat het huidige systeem, waarbij bouwgrond een eeuwigdurend statuut heeft, een reële behoefteanalyse in de weg staat. Hij haalt het voorbeeld van Spanje aan, waar statuten tijdelijk kunnen zijn. Volgens Schepers moeten we de manier waarop we naar onze leefomgeving kijken fundamenteel herzien om als maatschappij te overleven. "Als je denkt dat de planeet een investeringsproduct is, dan heeft ze geen schijn van kans om te overleven," waarschuwt hij.
"Als je denkt dat de planeet een investeringsproduct is, dan heeft ze geen schijn van kans om te overleven."
De experts zijn het erover eens dat vergroening en verdichting twee zijden van dezelfde munt zijn. Door slimmer om te gaan met de beschikbare ruimte en de hoogte in te gaan waar het kan, ontstaat er buiten de woonkernen de nodige ademruimte voor echte natuur en biodiversiteit.
Luister naar de volledige podcast
Wil je meer weten over hoe lokale besturen kunnen bijdragen aan vergroening en een betere balans tussen mens en biodiversiteit? Luister hier of via je favoriete platform naar de tweede aflevering van Groen voor Grijs.