Doorzoek volledige site
17 mei 2017

Wettelijk verplichte verzekering beroepsaansprakelijkheid voor aannemers

Ook u heeft het vast al vernomen: de aannemer wordt weldra verplicht zich te verzekeren. Daardoor is niet langer alleen de architect wettelijk verplicht zijn beroepsaansprakelijkheid te verzekeren.  Een goede zaak. Maar ook voor u als architect veranderen er enkele aspecten. Een overzicht door Assiver

De wetgever brengt de verzekeringsplicht van de aannemer niet op het huidige niveau van de architect, maar past ook de verzekeringsplicht van de architect aan. Of de wetgever ook het aansprakelijkheidsregime waaronder de architect vandaag leeft zal aanpassen, is nog niet duidelijk.  Zo is het dus mogelijk dat op de architect een ruime aansprakelijkheid blijft rusten, echter niet langer met de (wettelijke) verplichting zich te verzekeren.  Of die verplichting deontologische overeind blijft, is ook nog niet duidelijk.

U merkt het, er blijven nog heel wat vragen onbeantwoord.

Maar wat weten nu al wel?

 

10-jarige aansprakelijkheid verzekeren

Zowel de aannemer en de architect als andere dienstverleners in de bouw moeten hun 10-jarige aansprakelijkheid verzekeren. Andere aansprakelijkheden (lichte verborgen gebreken) vallen niet onder de verplichting.

Voor de goede orde: de 10-jarige aansprakelijkheid heeft betrekking op de soliditeit en stabiliteit en de waterdichtheid waarbij de soliditeit en de stabiliteit van het gebouw in het gedrang kan komen.  Deze aansprakelijkheid neemt een aanvang vanaf de aanvaarding van de werken.

 

Woningbouw

Projectgewijs rust de verzekeringsplicht op woningbouw.  Industriële gebouwen, handelszaken, overheidsgebouwen, utiliteitsopdrachten,...  vallen niet onder een wettelijke verzekeringsplicht. Ook niet langer voor de architect.

Verder moet de woningbouwopdracht, indien deze onder de wet wil vallen, de verplichte tussenkomst van een architect inhouden. Elke aannemer, architect of andere dienstverlener die werken uitvoert aan gesloten ruwbouw waarvoor een stedenbouwkundige vergunning vereist is, heeft dan een verzekeringsplicht. De ruwbouwaannemer, de dakdekker, ... kunnen daar niet aan ontsnappen. De installateur van het sanitair, de elektricien of de schilder is niet verzekeringsplichtig.

 

Maximaal 500.000 euro

De te verzekeren waarde is afhankelijk van de wederopbouwwaarde van de woning. De maximale dekking bedraagt 500.000 euro per schadegeval. Dat  bedrag omvat zowel de materiële schade, als de gevolgschade (financieel verliezen). Een hogere dekking kan worden onderhandeld met de verzekeraars, indien nodig.

Schade die gekend of zichtbaar was bij de voorlopige oplevering, kan men in de daarop  volgende 10 jaar niet claimen. Ze valt immers niet onder de  verzekeringsdekking volgens de wetgever.

 

Verzekeringspremie

Over de verzekeringspremie is nog niets geweten. De verzekeraars zijn zich nog volop aan het beraden en aan het organiseren. Wel weten we al dat de wetgever de mogelijkheid biedt om niet elke aannemer, architect, .. afzonderlijk te verzekeren, maar ook iedereen samen op basis van het volledige project. De verzekeraars moeten een attest afleveren dat de bouwpartners moeten voorleggen aan de bouwheer vóór de start van de werken.

En wie gaat dat controleren? Die wettelijke controleverplichting rust op...jawel, de architect.  Maar ook de RSZ, de kredietverlener en de notaris moeten controleren.

 

1 juli 2018

Dat is de datum waarop deze wet in werking moet treden.  Mogelijk past de wetgever in de tussentijd ook het aansprakelijkheidsregime van de architect aan. Dat valt nog af te wachten.

Assiver volgt voor u de ontwikkelingen op de voet. Heeft u nog vragen of wenst u op de hoogte te blijven? Laat het ons weten via karl@assiver.be. Zo ontvangt u deze informatie uit eerste hand.

GERELATEERDE DOSSIERS