Pritzker Architecture Prize 2026 gaat naar Chileense architect Smiljan Radić Clarke
De Chileense architect Smiljan Radić Clarke is bekroond met de Pritzker Architecture Prize 2026, internationaal beschouwd als de hoogste onderscheiding in de architectuur. Radić, die woont en werkt in de Chileense hoofdstad Santiago ontvangt de prijs voor een oeuvre dat zich over meer dan drie decennia uitstrekt en uiteenloopt van woningen en culturele gebouwen tot installaties en tijdelijke paviljoens. Volgens de jury weet hij in zijn werk op een zeldzame manier architectuur te verbinden met menselijke ervaring, waarbij fragiliteit en onzekerheid niet worden vermeden maar juist een plaats krijgen in het ontwerp.
Smiljan Radić zelf beschrijft architectuur als een spanningsveld tussen twee uitersten: enerzijds de zware, duurzame constructies die eeuwen kunnen blijven bestaan, anderzijds de lichte en tijdelijke structuren die nauwelijks een vaststaande bestemming lijken te hebben. Binnen die spanning probeert hij ruimtes te maken die mensen even laten stilstaan en anders laten kijken naar hun omgeving. Zijn gebouwen willen geen monumentale statements zijn, maar eerder plekken die een emotionele aanwezigheid oproepen.
Architectuur zonder vaste stijl
Radić weigert een herkenbare signatuurstijl te ontwikkelen die van project tot project wordt herhaald. Elk ontwerp begint opnieuw, vanuit een onderzoek naar de specifieke omstandigheden van een plek. Daarbij kijkt hij niet alleen naar de fysieke site, maar ook naar historische, sociale en politieke contexten. Volgens de jury van de Pritzker Architecture Prize bevindt zijn werk zich op het kruispunt van onzekerheid, materiaalexperiment en cultureel geheugen.
Die houding leidt tot gebouwen die soms bewust onaf of tijdelijk lijken. Ze ogen fragiel, alsof ze elk moment zouden kunnen verdwijnen, maar bieden tegelijk een duidelijke en beschermende structuur. Juryvoorzitter Alejandro Aravena omschrijft Radić als een architect die “met radicale originaliteit het ogenschijnlijk onopvallende zichtbaar maakt” en zo de essentie van architectuur opnieuw verkent.
Ontwerpen die uit hun plek groeien
In Radić’s projecten ontstaat de vorm vaak rechtstreeks uit de omstandigheden van de site. Restaurant Mestizo in Santiago (2006) ligt bijvoorbeeld deels verzonken in het landschap, terwijl Pite House in Papudo (2005) zo is georiënteerd dat het beschutting biedt tegen wind en fel zonlicht. In het project Chile Antes de Chile (2013), een uitbreiding van het Museum voor Precolumbiaanse Kunst in Santiago, koos hij ervoor bestaande structuren te transformeren in plaats van ze te vervangen.
Zijn gebouwen ogen vaak eenvoudig of elementair, maar achter dat uiterlijk schuilt een nauwkeurig geconstrueerde technische logica. Materialen zoals beton, steen, hout en glas worden zorgvuldig gecombineerd om gewicht, licht en akoestiek te sturen. Constructie wordt bij Radić bijna een vorm van storytelling, waarbij textuur en massa even belangrijk zijn als vorm.
Licht, massa en atmosfeer
Een bekend voorbeeld is het Serpentine Pavilion in Londen (2014), waar een halftransparante schaal van glasvezel rust op enorme natuurlijke rotsblokken. Het paviljoen filtert het licht en biedt beschutting zonder bezoekers volledig af te sluiten van het park eromheen. Een gelijkaardige aandacht voor licht en materialiteit is zichtbaar in het Teatro Regional del Biobío in Concepción (2018), waar een subtiele gevelstructuur het daglicht reguleert en tegelijk bijdraagt aan de akoestische prestaties van het gebouw.
Radić’s architectuur wordt vaak omschreven als moeilijk in woorden te vatten. Zijn gebouwen zijn volgens de jury niet bedoeld als louter visuele objecten, maar als ruimtelijke ervaringen die pas volledig begrepen worden wanneer men ze lichamelijk beleeft.
Architectuur als menselijke ervaring
Die aandacht voor ervaring vertaalt zich in gebouwen die bescherming en introspectie bieden. House for the Poem of the Right Angle in Vilches (2013) is bijvoorbeeld opgevat als een contemplatieve plek, met openingen die het licht van bovenaf binnenlaten en de tijd voelbaar maken. Ook in zijn eigen woon- en werkgebouw in Santiago, Pequeño Edificio Burgués (2023), speelt Radić met de verhouding tussen openheid en bescherming.
Daar kijken bewoners vanuit het interieur uit over de stad, terwijl het gebouw zich naar buiten toe grotendeels afsluit achter kettinggordijnen. Grote glasvlakken laten regen, geluid en veranderend licht binnen, zodat de dagelijkse weersomstandigheden deel worden van de ruimte. Onder het huis bevindt zich een half ingegraven studio, waar een aarden wal het licht filtert en een rustige werkomgeving creëert.
Continuïteit in plaats van vervanging
Radić’s aanpak van bestaande gebouwen illustreert zijn visie op architectuur als een gelaagd proces. In het NAVE Performing Arts Center in Santiago (2015) transformeerde hij een beschadigd historisch woonhuis tot een plek voor repetities, workshops en performances. De bestaande structuur bleef zichtbaar, terwijl nieuwe volumes en een dakterras met circustent een onverwachte lichtheid toevoegen.
Naast zijn praktijk richtte Radić in 2017 ook de Fundación de Arquitectura Frágil op in Santiago, een platform voor onderzoek en publieke uitwisseling rond architectuur. De stichting fungeert tegelijk als archief en als experimentele ruimte waar studies, referenties en projecten van andere architecten worden verzameld. Die dialoog met het werk van anderen vormt volgens Radić een essentieel onderdeel van hoe architectuur zich blijft ontwikkelen.
Met de Pritzker Prize wordt Radić de 55ste laureaat van de prijs. Sinds de oprichting van zijn bureau in 1995 realiseerde hij projecten in onder meer Chili, Italië, Frankrijk, Zwitserland en het Verenigd Koninkrijk. Nieuwe projecten zijn momenteel in voorbereiding in onder meer Spanje, Albanië en Zwitserland. Volgens de jury toont zijn werk hoe architectuur, zelfs vanuit een kleine praktijk “aan de rand van de wereld”, universele vragen kan stellen over ruimte, tijd en menselijke kwetsbaarheid.