Doorzoek volledige site
14 december 2018

Laatgotische kangoeroewoning net architectuur wint publieksprijs Monumentenprijs Brugge 2018

Illustratie | jAu fotografie
Illustratie | jAu fotografie
Illustratie | jAu fotografie
Illustratie | jAu fotografie
Illustratie | jAu fotografie
Illustratie | jAu fotografie
Illustratie | jAu fotografie
Illustratie | jAu fotografie
Illustratie | jAu fotografie
Illustratie | jAu fotografie
Illustratie | jAu fotografie
Illustratie | jAu fotografie

De Stad Brugge heeft zopas de Monumentenprijs 2018 uitgereikt. Het stadsbestuur wil hiermee de inspanningen van particulieren in de kijker zetten voor de restauratie van historisch patrimonium, én de vakkennis van architecten en aannemers. De publieksprijs ging naar de restauratie en herbestemming van een laatgotische burgerwoning tot kangoeroewoning van net architectuur.

De beschermde, laatgotische burgerwoning in de Sint-Amandsstraat te Brugge, op een steenworp van de Grote Markt, is sedert verschillende generaties de thuis van dezelfde familie. De droom van de eigenaar was om de prachtige historische woning te restaureren en een nieuwe bestemming te geven als kangoeroewoning. Door de enorme dakverdieping nieuw leven in te blazen, ontstaat er genoeg ruimte voor de drie generaties om onder hetzelfde dak te wonen als één gezin.

De woonwensen van de bouwheer werden door net architectuur omgezet in een open en ademend plan waarin de beleving van de dakconstructie een hoofdrol kan spelen. De gemeenschappelijke leefruimte wordt volledig opengewerkt, waardoor de machtige dubbelhoge dakconstructie zichtbaar wordt. Via de mezzanine bereikt men de master bedroom van waaruit men de volledige lengte van het dak kan zien.

De bestaande dakconstructie werd geïsoleerd en van een nieuwe binnenafwerking voorzien maar blijft voor het grootste deel zichtbaar en bepalend voor de architectuur als structurerend element. Eerdere slordige herstellingen werden weggewerkt, ruwe of beschadigde delen fijngeschuurd, onherstelbare delen vervangen door nagemaakte spantdelen in eikenhout. Nieuwe daklichtopeningen brengen licht in de verschillende ruimtes en kaderen zichten op de historische Brugse binnenstad. De daklichten lijken wel gemaakt op maat van de Halletoren, die als een reusachtige staande klok deel wordt van het interieur. 


Erfgoedwaarde

 “Bijzonder aan dit project is absoluut de erfgoedwaarde van het beschermde monument. De zestiende-eeuwse sporenkap bleef aan het zicht onttrokken door voorzetwanden en tussenvloeren. Op geen enkele plaats was de mooie dubbelhoge constructie zichtbaar. Van binnenaf deed niets vermoeden dat men zich in het historische hart van Brugge bevond. Uitdaging was dan ook om licht en zicht te creëren zonder hierbij aan de constructie te raken en rekening houdende met andere waardevolle elementen zoals de gemetste bovendakse schouwen”, aldus de ontwerpers.  

“Het volledige ontwerp, van de planindeling tot en met het vaste binnenmeubilair past zich in binnen de ritmering en grillen van de bestaande structuur zonder dat dit gedwongen aanvoelt. Het constant herdenken en in vraag stellen van elk toegevoegd element en een zekere terughoudendheid en zuinigheid in de vormentaal en het materiaalgebruik waren hierbij cruciaal.”


Duurzaam wonen

Niet alleen ruimtelijk maar ook bouwtechnisch gezien dienen de puzzelstukjes in elkaar te vallen. Dankzij een doordacht technisch ontwerp, met isolatiewaardes op BEN-niveau, vloerverwarming, een warmtepomp en een systeem van zonnepanelen, werd de tochtige zolder opgewaardeerd tot een laagenergie leefomgeving.

“Ook op het gebied van ruimtegebruik is dit een duurzaam project”, aldus net architectuur. “Als we zuiniger willen omgaan met de schaarse ruimte in Vlaanderen moeten we niet alleen compacter bouwen, maar is het volledig benutten van het reeds gebouwde patrimonium minstens even belangrijk. Dat de bestaande constructie volledig behouden bleef is ook inzake duurzaam materiaalgebruik een opsteker. Voor de nieuwe bouwmaterialen werd maximaal gebruik gemaakt van nagroeibare en/of cradle-to-cradle materialen.”