Doorzoek volledige site
07 oktober 2010 | RAF LINMANS

WZC Biezenheem Kortrijk koelt en verwarmt met VRV-warmtepompsysteem van Daikin

De VRV-systemen van Daikin die op energiezuinige wijze zowel voor verwarming als koeling zorgen, zijn al redelijk goed ingeburgerd in kantoren, scholen en hotels maar krijgen nu ook voet aan wal in de zorgsector. Mooi voorbeeld daarvan is de recente uitbreiding van het woonzorgcentrum Biezenheem van het OCMW Kortrijk.
De VRV-systemen van Daikin die op energiezuinige wijze zowel voor verwarming als koeling zorgen, zijn al redelijk goed ingeburgerd in kantoren, scholen en hotels maar krijgen nu ook voet aan wal in de zorgsector. Mooi voorbeeld daarvan is de recente uitbreiding van het woonzorgcentrum Biezenheem van het OCMW Kortrijk.

VRV-systeem op basis van een luchtwarmtepomp

Het OCMW heeft in mei van dit jaar een uitbreiding en een nieuwbouw opgeleverd voor het woonzorgcentrum Biezenheem. Het ontwerp was in handen van eigen architecten van het OCMW. Het project bestond uit een extra verdieping op het bestaande gebouw, gecombineerd met een nieuwbouw. Dat leverde 25 extra kamers op en een aantal kwaliteitsvolle gemeenschappelijke ruimtes voor de bewoners waaronder een overdekt terras, een leefruimte, ….


    
Uitbreidingsgedeelte van het Woonzorgcentrum Biezenheem


Voor de klimatisatie van de nieuwbouw viel de keuze op een VRV-systemen van Daikin, maar het werd ook toegepast in de bestaande serviceflats. “Hier bevonden zich nog elektrische accumulatiekachels. Doordat de warmte ‘s nachts tegen laag tarief opgeladen werd, werd het energieverbruik wel enigszins beperkt, maar het bleek toch de moeite waard om over te schakelen op een energiezuiniger systeem”, vertelt Rik Lambert, facility directeur van het OCMW Kortrijk. “Het principe van convectoren op zich hebben we behouden, maar ze worden nu aangedreven door een VRV-systeem op basis van een luchtwarmtepomp. Het toestel haalt dus de warmte uit de lucht en kan wat dat betreft een hoog rendement voorleggen.”




Het VRV systeem haalt tot buitentemperaturen van -20°C nog warmte uit de buitenlucht en is een volwaardig verwarmingssysteem. De warmtepomp is elektrisch aangedreven maar is geen elektrische verwarming. Deze elektriciteit wordt gebruikt om warmte te transporteren. Hierdoor is het rendement een stuk hoger dan bij elektrische verwarming waar 1 kWh elektriciteit voor 1kWh verwarming zorgt. Bij een warmtepomp ligt deze verhouding een pak hoger, 1kWh elektriciteit zorgt voor gemiddeld 3,5 kWh verwarming door gebruik te maken van de warmte in de buitenlucht. Op de energiefactuur is dit verbruik tot 30 % lager dan met conventionele fossiele verwarmingssystemen. In de nieuwbouw staat het VRV-systeem zowel in voor de klimatisatie van de kamers als van de gemeenschappelijke ruimtes.

Verbeterde VRV-systemen doen intrede in zorgsector

Het VRV-systeem is zeker niet nieuw. Het bestaat al sinds begin jaren ’80 maar werd voortdurend opgewaardeerd en kreeg meer toepassingen toegewezen. Aanvankelijk trof je het systeem vooral aan in hotels en kantoren en wat later ook in residentiële toepassingenscholen, maar nu doen de VRV-systemen dus ook hun intrede in de zorgsector.

Belangrijk voordeel van het VRV-systeem is dat het snel reageert en dat het hele jaar door kan voorzien in verwarming en koeling. Dat vormde ook in dit project een belangrijk argument om voor het VRV-systeem te kiezen. “Zeker in de bovenste verdieping van een gebouw moet je oververhitting zien te vermijden”, legt Rik Lambert uit. “We hebben wel gekozen voor een wit dak en voor een ver doorgedreven isolatie, maar dan nog is het voor bewoners van een woonzorgcentrum geen overbodige luxe om bij extreme warme dagen te zorgen voor bijkomende koeling. Het VRV-systeem liet ons toe om met één unit zowel te koelen als te verwarmen zonder dat er een uitbreiding van het cv-systeem nodig was.”




Luchtsnelheid en luchttemperatuur

VRV systemen zijn lucht/lucht systemen waarbij in de kamers de warmte of de koeling via lucht wordt verdeeld. Hierdoor is de plaats van de convectoren en de dimensionering zeer belangrijk. De convectoren bestaan in meerdere maten en vormen zodanig dat de mogelijkheid bestaat om deze in te bouwen (in bv. een verlaagd plafond) of te kiezen voor een zichtbare opstelling. De keuze van het model wordt bepaald door plaats en comfort. Soms spreekt men van tochtgevoel bij een lucht/lucht systeem. Deze hangt af van 2 faktoren: de luchtsnelheden en de luchttemperatuur. In deze toepassing was een opstelling met convectoren aangewezen.

“We hebben ook veel aandacht besteed aan de luchtsnelheden. Zeker als je met oudere bewoners te maken hebt, moet je luchtverplaatsing zien te vermijden. Daarom was het ook belangrijk om de toestellen wat te overdimensioneren waardoor ze bij lage luchtsnelheden toch voldoende warmte afgeven. In het begin hebben we dan ook heel wat tijd moeten steken in de instellingen en de bijregeling van het systeem, maar nu werkt dat zoals het hoort. Tijdens de hete zomerdagen van dit jaar heeft het systeem zijn nut zeker bewezen”, aldus Rik Lambert.

In de serviceflats kunnen de bewoners zelf de unit in hun kamer regelen. In het woonzorgcentrum kan dit moeilijk aan de bewoners zelf overgelaten worden. Hier werd geopteerd voor een centrale weersafhankelijke regeling die in verbinding staat met een voeler op iedere afzonderlijke kamer. Het gaat wel om een centraal regelsysteem, maar toch kan men per kamer een individuele temperatuur instellen.




Zijn er ook nadelen aan het systeem verbonden, vroegen we aan Rik Lambert. “Sommige bewoners kunnen het wel als een nadeel ervaren dat je niet echt een zichtbaar warmtemedium hebt dat aangename stralingswarmte afgeeft zoals je dat wel hebt met een traditionele radiator of kachel. De units werken immers volledig op het principe van convectiewarmte. Verder moet je er ook rekening mee houden dat je tijdens de opstartfase behoorlijk wat tijd moet steken in de exacte afregeling om het tochtgevoel te vermijden en om de ideale temperatuur in te stellen voor de bewoners, maar eenmaal dat achter de rug is, moet je er nog weinig naar omkijken.”