Doorzoek volledige site
15 april 2015 | HANNE GOOSSENS

Nieuwe basisschool De Zonnebloem in Lummen

Basisschool De Zonnebloem in Lummen Illustratie | Filip Dujardin
Basisschool De Zonnebloem in Lummen Illustratie | Filip Dujardin
Basisschool De Zonnebloem in Lummen Illustratie | Filip Dujardin
Basisschool De Zonnebloem in Lummen Illustratie | Filip Dujardin
Basisschool De Zonnebloem in Lummen Illustratie | Filip Dujardin
Basisschool De Zonnebloem in Lummen Illustratie | Filip Dujardin
Basisschool De Zonnebloem in Lummen Illustratie | Filip Dujardin
Basisschool De Zonnebloem in Lummen Illustratie | Filip Dujardin
Basisschool De Zonnebloem in Lummen Illustratie | Filip Dujardin

Frederic Vandoninck Wouter Willems architecten heeft in samenwerking met MikeViktorViktor architects en Bureau Bouwtechniek een nieuwe basisschool ontworpen in Lummen. Voor die school, De Zonnebloem, hebben de architecten zoveel mogelijk ruimte proberen creëren in de beperkte beschikbare oppervlakte. Daarbij voegden ze beperkte chaos toe aan hun ontwerp.

Kleine oppervlakte

De architecten moesten aan de slag met een beperkte grondoppervlakte. Aangezien er tien klaslokalen, een turnzaal en bureaus aanwezig moesten zijn in het gebouw, besloten de architecten verticaal te werken. Zo konden ze meer ruimte creëren. Naast de beperkte grondoppervlakte, vormde ook de kleine ontwerpmarge een moeilijkheid: elke oppervlakte is immers verbonden aan regels.

 

Vorm

Het startpunt voor de architecten was de speelplaats die verbonden is met de poort en de straat. Van daaruit werkten ze aan een beperkte voetafdruk voor het schoolgebouw zelf. Het gebouw kraagt in twee stappen uit naar de speelplaats, waardoor er een overdekte speelplaats ontstaat.

De schoolpoort dient als doorsteek naar het gebouw. Tussen het nieuwe schoolgebouw en het oude, reeds bestaande schoolgebouw, wordt een fietsenstalling geplaatst. Die staat onder een lichte dakstructuur van serreglas. Het dak is iets groter dan de fietsenstalling zelf, waardoor opnieuw een overkoepeling gecreëerd wordt en er een extra luifel voor de speelplaats ontstaat.

 

Complexe doorsnede

De school plooit zich naar binnen zonder de verbinding met de straat verloren te laten gaan. Doordat de derde verdieping schuin achteruit wijkt om de impact van een nieuwe school op de hoek te verkleinen, versterkt het de richting van de uitkraging naar de speelplaats.

De turnzaal is lager gelegen, net niet onder het water. Door de verbindingstrap met de hoger gelegen speelplaats, ontstaat er in het oostelijke gedeelte een complexe doorsnede. 

De volledige vorm van de school is een onvolmaakte L, waarvan het korte beentje grotendeels ondergronds ligt. De architecten werkten met een balustrade om de school af te lijnen.

 

Buitenruimte

Een nieuwe school in een Vlaamse gemeente is altijd een archetypische ontwerpkwestie. Er zijn steevast vaste onderdelen aanwezig: een muur, een poort, een speelplaats, een gang, klassen, onderverdeelde ramen, rode bakstenen en rood-oranje dakpannen. De Zonnebloem zoomt in op bepaalde onderdelen. Daardoor verschillen de verhoudingen: de bakstenen op de gevel zijn extra groot, bezand en licht gevoegd. Dat creëert een grafische kwaliteit. Ook versterken de ramen, de poort en de kleinere, gladde bakstenen de grafiek van de gevel.

 

Beperkte chaos

Frederick Vandoninck Wouter Willems architecten en partners hebben beperkte chaos proberen creëren. Die chaos speelt zich vooral af in de gangen en trappen, die meer zijn dan enkel ontsluiting. De gangen en trappen krijgen breedte en laagte, waardoor het opgedikte lijnen worden, ruimtes die andere richtingen toelaten. Doordat er plaats gemaakt wordt voor chaos, ontstaat er een genereus en schokdempend ontwerp. Het doel was om ruimte te creëren voor leven rond de lesuren.

 

Ramen

De architecten opteerden voor grote ramen, aangezien voor de leerlingen het zicht naar buiten de enige rechtstreekse ervaring van de buitenwereld is tijdens de lesuren. De ramen rusten op een lag horizontale lijn die doorheen de hele school loopt. De hoogte van de lijn is aangepast aan de kinderen en zorgt voor een vreemde verschaling. In de klassen verandert de invulling van de lijn. Onder de ramen vormt ze een lage kast, vooraan in de klas is de lijn een lambrisering. Aan de gangkant is het een lage kast die als sokkel voor een hogere kast fungeert en achteraan in de klas wordt de lijn aangehouden als tablet. Eenzelfde lijn loopt hoger langs de muur, als een omgekeerde lambrisering. Het plafond komt als een muts langs de muur naar beneden. De ruimte tussen de twee lijnen is het blikveld van de leerlingen: op het bord, door het raam. Op de bovenste verdieping, waar de trap eindigt, is het zicht gemaximaliseerd: een laag raam voor schuin zicht naar de koer en een groot raam richting dak. Zelfs schuin zicht door de traphal tot in de doorsteek van de schoolpoort kan.

GERELATEERDE DOSSIERS