Doorzoek volledige site
12 oktober 2015 | JEROEN SCHREURS

Patio blikvanger bij Universitair Psychatrisch Centrum KU Leuven van Stéphane Beel

Illustratie | Ney + Partners
Illustratie | Ney + Partners
De tentoonstelling voor de bezoekers in de patio van het Universitair Psychiatrisch Centrum KU Leuven

Architectura.be bezocht op de Dag van de Architectuur het Universitair Psychiatrisch Centrum van de KU Leuven. Het gebouw, een ontwerp van Stéphane Beel Architects, kreeg vorige week ook de Leuvense Architectuurprijs van het publiek. 

Het psychiatrisch centrum biedt plaats aan negentig gehospitaliseerde patiënten op drie verdiepingen van dertig kamers. Daarnaast zijn er ruimtes voor 25 tot 40 dagpatiënten, therapie-, consultatie en administratieruimtes en een sporthal. Dat allemaal rond een ruime, indrukwekkende patio die bijna enkel uit glas en beton bestaat. De akoestiek wordt onder controle gehouden door geperforeerde bakstenen, met binnenin een akoestisch absorberende laag, en een ondergrond van EPDM. Samen met de twee bomen die het gegalm doorbreken, zorgen die maatregelen voor een aangename en rustige gemeenschappelijke ruimte.

 

Contact met buiten

De ruime patio kwam er omdat patiënten vaak voor een langere tijd in het centrum verblijven, tot twee maanden. Dan is er ook een buitenruimte nodig waar mensen kunnen ontspannen. Die mag echter niet te publiek zijn, zodat de veiligheid van de bewoners gegarandeerd wordt en ze niet verloren kunnen lopen. Ondanks dat is er in elke richting contact met de buitenwereld: aan de vier zijden zijn er doorkijken naar buiten, en ook het dak is van glas. Dat is trouwens een serredak, rechtstreeks uit de landbouwwereld, dat via wind-, licht- en temperatuursensoren helpt om de temperatuur mee te sturen.

De hospitalisatie-afdelingen van het centrum bevinden zich aan de noord- en de oostgevel, met een centraal punt tussen de twee gangen. Aan die kanten is het ventilatietechnisch makkelijker om de temperaturen onder controle te krijgen, daar is het immers het koelst. Dat is tegelijkertijd ook de ‘rustplek’ voor de patiënten, want de psychiaters en psychologen mogen er niet komen. Het zuiden en westen wordt dan ingenomen door de therapietoren. Die zijn verbonden met verblijfsdelen, zodat iedereen horizontaal van zijn of kamer naar de therapieruimte kan gaan. Zeker voor mindervalide patiënten is dat belangrijk.

 

Veiligheid

Veiligheid van de centrumbezoekers was ten slotte een belangrijk aandachtspunt. Er zijn in het gebouw heel veel grote en kleine veiligheidsvoorzieningen uitgewerkt om de patiënten te beschermen. De perforaties in de bakstenen zijn bijvoorbeeld te klein om iets in te steken. In de plantenbakken zijn de siersteentjes aan elkaar gelijmd, zodat patiënten ze niet in hun mond kunnen steken. Al het glas is dubbelgelaagd en gehard, zodat het in heel veel kleine stukjes barst die ook nog eens aan elkaar blijven hangen. Kapstok- en gordijnhaakjes klikken uit hun rail bij een groter gewicht dan 25 gram en ook de handvaten van de deuren hebben een conische greep, zodat niemand iets aan de klink kan vastmaken.