Doorzoek volledige site
02 december 2015 | FILIP CANFYN

Boekrecensie (Fillip Canfyn) MVRD Buildings: "An advertisement for architecture"

Illustratie | nai010
Filip Canfyn Illustratie | Filip Canfyn.

MVRDV heeft met Ilka en Andreas Ruby een lijvige architectuurmonografie over de gerealiseerde werken samengesteld. Huiscolumnist en -recensent Filip Canfyn doorbladerde de kanjer met plezier en werd er blij van. Behoorlijk blij zelfs: "Een architectuurboek, dat mij blij maakt, het gebeurt me niet vaak, maar met MVRDV Buildings is het wel degelijk prijs."

"Een architectuurboek, dat mij blij maakt, het gebeurt me niet vaak, maar met MVRDV Buildings is het wel degelijk prijs. In deze kanjer van 430 bladzijden maken Ilka en Andreas Ruby de status questionis op van 20 jaar samenwerking tussen Winy Maas, Jacob Van Rijs en Nathalie De Vries. Die laatste zegt in haar inleiding dat “anyone should be able to read this book” en deze opdracht mag geslaagd genoemd worden. Ruim 500 projecten, inclusief stedenbouwkundige oefeningen, worden herleid tot een selectie van 44 effectief gebouwde voorbeelden en met schitterende foto’s, verhelderende teksten en net voldoende planmateriaal wordt een parcours uitgetekend, dat mij inderdaad blij maakt. Omdat MVRDV heel wat rake dingen geconcipieerd heeft en omdat het boek dat al even raak vertelt.

Een lijn trekken die die 20 jaar samenvat, is moeilijk: de auteurs wijzen er dan ook op dat de kwaliteiten van MVRDV eigenlijk liggen in hun gebrek aan homogeniteit en in hun drang om als eenzaten buiten de kudde te gaan staan. Ik zie vooral architecten op hun best als ze volume geven aan gevels, aan interne buitenruimten, aan atriums, als ze spelen met gigantische uitkragingen en balkons, als ze de drie dimensies uitdagen. Ik zie ook architecten die om die redenen gevraagd worden in Madrid, Lyon, Tianjin of andere buitenlanden en dan wel eens vervallen in een gedicteerde megalomanie, die tot correctie-architectuur leidt, tot het decoreren van disproportionele woon- en kantoorblokken, tot het camoufleren van een schaamteloze grootschaligheid met fotogenieke buitenterrassen en –trappen. MVRDV kunnen dus ook pedante starchitects worden ‘op een ander’ omdat ze hun werk in en voor Nederland inderdaad goed doen.

 

Ik word blij van hun Villa VPRO (Hilversum, 1997), 10.000 m² creatieve ruimte voor het stelletje ongeregeld van het televisielandschap, dat kan vrijbuiten in een spannend gebouw.

Ik word blij van hun Silodamappartementen (Amsterdam, 2008), die als gestapelde containers middenin de IJ-haven samen een kubistische pakketboot om in te wonen vormen.

Ik word blij van hun Markthal (Rotterdam, 2014), weliswaar een Boqueria voor kieskeurige telgen van de stedelijke elite maar ook een overtreffende trap van winkelen en wonen.

Ik word wat minder blij van hun masterplan voor Ypenburg (Den Haag, vanaf 1998), een Vinex-vergissing, waar ik al menig architect en weldenkend mens rondgeleid heb om te tonen hoe verkavelingsvlaanderen er zou uitzien als het door Nederlanders stedenbouwkundig gepland zou zijn.

Ik word minder blij van hun Nederlands Paviljoen op Expo 2000 (Hannover, 2000), dat als iconisch gebouw bedoeld was maar door een gebrek aan ruggegraat nu als spookruïne, overgroeid door de natuur, de relativiteit van menselijke artefacten pijnlijk bewijst.

Ik word heel blij van hun woningen van Hageneiland (Ypenburg, 2001), die als legoblokken in felle kleuren en met steeds andere gevelmaterialen de oervorm van een huis herdefiniëren middenin een spannend spel van binnen en buiten, van privaat en publiek.

Ik word heel blij van hun Diddendak (Rotterdam, 2007), een binnenstedelijk helblauw pareltje van 45 m² en 120 m² dakterras, dat een mini-Hageneiland op een interbellumpand plaatst, als kroon op hun woonwerk.

Ik word heel blij van hun Boekenberg (Spijkenisse, 2012), een ingenieus opgebouwde bibliotheek: centraal een hoop donkere auditoria en exporuimten, daarboven een begaanbare reusachtige piramide van kasten barstensvol boeken, dat alles onder een immens glasdak voor massa’s daglicht en nachtstilte.

 

Het boek over MVRDV noemt de Boekenberg “an advertisement for reading”. Het boek zelf kan als “an advertisement for architecture” aangeraden worden."

GERELATEERDE DOSSIERS