Doorzoek volledige site
07 januari 2016 | TIM JANSSENS

Paul Robbrecht: “Het VRT-complex wordt geen kantoor, maar een cultuurgebouw”

Wat al een tijdje in de lucht hing, is nu officieel: Robbrecht & Daem staat samen met Dierendonckblancke, Arup UK, VK Engineering en Bureau Bas Smets in voor het ontwerp van het nieuwe VRT-gebouw. Het wordt een transparant, toegankelijk passiefvolume dat zich profileert als een dynamisch baken van cultuur en dat zo resoluut breekt met de geslotenheid van het huidige VRT-complex. Paul Robbrecht lichtte het ontwerp deze middag verder toe op een speciaal belegde persconferentie.

Dat Robbrecht & Daem en Dierendonckblancke het nieuwe VRT-gebouw zouden ontwerpen, was al langer een publiek geheim. Het nieuws lekte eind augustus uit in De Standaard, al was de openbare omroep er toen als de kippen bij om te benadrukken dat er op dat moment nog geen definitieve beslissing genomen was. Nu is dit dus wel het geval; het contract werd vanochtend definitief ondertekend. “Het ontwerp heeft drie belangrijke troeven”, motiveerde Stefan Devoldere, die de jury voorzat als waarnemend Vlaams Bouwmeester. “Het is een publiek gebouw dat natuurlijk aansluit op de omgeving, het maakt deel uit van een nieuwe stadswijk met een kwalitatieve openbare ruimte en het vormt door zijn doordacht architecturaal concept een aangename werk- en leefomgeving. De selectieprocedure is uiterst zorgvuldig verlopen. De omvang van dit project maakt dat het een absolute mijlpaal is voor het Team Vlaams Bouwmeester en de Open Oproep-procedure.”

 

Gebalde energie en ether

Nadien was het woord aan Paul Robbrecht, die ruim zijn tijd nam om het gekozen ontwerp toe te lichten. “We vonden het belangrijk om verschillende generaties ontwerpers en ingenieurs in ons team te incorporeren. Het is immers de bedoeling om een gebouw te ontwerpen dat de tand des tijds met verve zal kunnen doorstaan”, aldus Robbrecht, die hierbij meteen ook de belangrijke inbreng van Arup UK (akoestiek en duurzaamheid), VK engineering (studiebureau), Grontmij (financiële ondersteuning) en Mullen Van Severen (meubilair) benadrukte. “Ons uitgangspunt was een stilleven dat we kunnen typeren als ‘gebalde energie en ether’. Het omvatte onder meer een sculptuur van Isa Genzken, het boek Sphere van Peter Sloterdijk en een watertekening van Leonardo Da Vinci – het idee van ‘vloei’ is blijven doorwerken in het ontwerpproces. Een glas water symboliseerde de sterke nadruk op transluciditeit en transparantie.”

 

Hoofd, lichaam en kioskplein

Het nieuwe VRT-gebouw zal bestaan uit twee volumes: een hoofd dat zich hecht aan de stad en een lang, horizontaal lichaam dat opgaat in het landschap van het achterliggende park. “Het zijn twee volumetrieën, twee polariteiten die met elkaar in verband staan via een overdekt kioskplein. Van hieruit kan je het gebouw op verschillende manieren betreden. Deze open ruimte van ca. 40 op 40 meter nodigt uit en stimuleert dynamiek – naar analogie met een creatie van Oscar Niemeyer in het Biënnalepark in Sao Paolo. Het nieuwe omroepgebouw mag geen kantoor zijn, maar moet zich profileren als een cultuurgebouw waar creatie zeer heftig en dagdagelijks aanwezig is. Niet enkel de medewerkers, maar ook het publiek moet voeling hebben moet het gebouw. De karakteristieke toren blijft intact en maakt integraal deel uit van de nieuwe vestiging.”

 

Een stad op zich

Binnenin zal er sprake zijn van een sterk variabele ruimtelijke ervaring. Het wordt geen gebouw met gangen en deuren, maar een samengaan van organismes, een stad op zich als het ware. “Volgens een plan van verdichting en verijling”, verduidelijkt Robbrecht, “compacte vertrekken dooraderd met open ruimtes, een mengeling van formele en georganiseerde plekken met veel aandacht voor luminositeit. Dubbelhoge ruimtes trekken het gefilterde daglicht binnen in het gebouw. Langgerekte balkons aan de zuidzijde fungeren als tuinkamers. Ze vormen een uitbreiding van de werkplek – het is belangrijk dat je naar buiten kunt, dat het gebouw niet beklemmend aanvoelt. Het idee van de VRT als ‘Het Huis’ blijft centraal staan: de werknemers zijn de bewoners van het gebouw, dus het is erg belangrijk dat ze zich deze unieke plek eigen zullen kunnen maken. De specifiek ontworpen meubels zullen hierbij een belangrijke rol spelen, als kleurrijke prikkels doorheen het gebouw die werkactiviteiten en ontmoetingen kristalliseren.”

 

Passief lowtechgebouw

Hoe dit alles er in de praktijk zal uitzien, kunnen we ontdekken vanaf 2021. Met een oppervlakte van 55.000 m² zal het nieuwe gebouw een beduidend kleinere footprint hebben dan het huidige complex (95.000 m²). Een van de basisprincipes van het project is dan ook dat het complex niet mag overkomen als een geïsoleerde mastodont en dat het naadloos moet opgaan in zijn groene omgeving. Met glas en aluminium als dominante materialen beoogt het ontwerpteam een lichte, discrete uitstraling. Belangrijk om weten is dat het een passief lowtechgebouw wordt dat zich voor zijn energieproductie zal beroepen op een brandstofcel. Zo zou het in principe 60 procent minder moeten verbruiken dan het huidige gebouw. Met dit prestigieuze project is een investeringsbedrag van 105 miljoen euro gemoeid. Als alles goed gaat, starten de bouwwerken in de loop van 2018.