Doorzoek volledige site
03 mei 2016

Infrastructuurmuseum België: vaste collectie of pop-uptentoonstelling?

Luc Hellemans: "Er zijn opportuniteiten die ons op infrastructuurvlak kunnen laten evolueren van museum naar avant-garde. Maar dit zal niet enkel geld vergen, maar ook tijd en een mentaliteitsverandering."

In oktober 2015 publiceerde Arcadis de ‘Global Built Asset Wealth Index’, een prima waardemeter voor gebouwen en infrastructuur die resulteerde in een uitgebreid landenklassement. Veel reden tot juichen was er echter niet, want qua totale waarde van de gebouwde omgeving zal België de komende tien jaar wegzakken naar een troosteloze 27e plaats. Een overduidelijk signaal dat het beter moet, weet Luc Hellemans, afgevaardigd bestuurder van Arcadis Europa Zuid. Hij kroop in zijn pen om ons duidelijk te maken dat de oplossing niet zozeer schuilt in stringente besparingen, maar in strategische investeringen en bevlogen samenwerkingen tussen overheden en privépartners.

Optimism is a moral duty. Men zou kunnen stellen dat er eindelijk aandacht is voor infrastructuurproblemen en -oplossingen in ons land. Alle media staan er vol van. De stilstand op de Antwerpse Ring, het haperende voorstadsnet dat de gordiaanse Brusselse mobiliteitsknoop zou moeten ontwarren, de deplorabele staat van de Brusselse tunnels… Het plaatje ziet er echt niet rooskleurig uit. Zwartepieten is eenvoudig, maar lost niets op. Laat ons samen de mouwen opstropen en de situatie oplossen.

In oktober 2015 publiceerde Arcadis de ‘Global Built Asset Wealth Index’, een index die de waarde inschat van alle gebouwen en infrastructuur in 32 landen die samen goed zijn voor 87 procent van het wereldwijde bruto binnenlands product. Wat de totale waarde van de gebouwde omgeving betreft, zakt ons land de komende tien jaar van de vierentwintigste naar de zevenentwintigste plaats en wordt het ingehaald door de Verenigde Arabische Emiraten en de Filippijnen.

De waarde van de gebouwen en infrastructuur in een land vormt een belangrijke indicator voor de welvaart. Men kan zelfs zonder overdrijving stellen dat de kwaliteit van de infrastructuur een cruciale bijdrage levert tot economische groei en bloei. Zonder goed onderhouden wegen, betrouwbare energiebevoorrading en kwaliteitsvol vastgoed kan een economie niet floreren. Dit geldt dubbel voor een open economie als de Belgische/Vlaamse, die specifiek inzet op logistiek en export.

Zelden draagt doemdenken bij tot het vinden van een constructieve oplossing. Het klopt dat Europa niet aanvaardt dat infrastructuurprojecten niet in de jaarbegrotingen worden opgenomen. Het klopt evenzeer dat bepaalde kringen vragen stellen bij zogenaamde publiek-private samenwerkingen (PPS). En Europese initiatieven zoals het Europese Investeringsplan (beter bekend onder de benaming ‘Juncker Plan’) blijven schromelijk onderbelicht. Onbekend is vaak onbemind buiten de muren van de eigen woning.

Er zijn nochtans opportuniteiten die ons op infrastructuurvlak kunnen laten evolueren van museum naar avant-garde. Maar dit zal niet enkel geld vergen, maar ook tijd en een mentaliteitsverandering. Financiële instellingen zijn koortsachtig op zoek naar interessante investeringsmogelijkheden. Uit een studie van Arcadis – de International Construction Cost-index – blijkt dat de meeste Europese centrumsteden interessante financieringsdoelen vormen. Oorzaken hiervoor zijn de relatief goedkope euro, de oververhitting van de vastgoedmarkt in het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten en het geleidelijke herstel van de Europese woningmarkt na de financiële crisis. Het reeds eerder vermelde Juncker Plan kan de investeringen in infrastructuur verder stimuleren via een indirecte injectie van maar liefst 315 miljard euro.

We kunnen het statuut van infrastructuurmuseum nog steeds vermijden indien alle betrokken actoren samenwerken om tot een constructieve oplossing te komen. Dit betekent dat overheden en privépartners elkaar moeten durven vinden. En dan is er veel mogelijk. Enkele maanden geleden organiseerde Arcadis in een aantal belangrijke Europese steden netwerkevenementen rond het Juncker Plan. Beleidsvoerders, financiers, aannemers en de Europese Commissie bespraken samen met ons hoe het infrastructuurvraagstuk in Europa kan worden opgelost. Want enkel een gezamenlijke aanpak zal ertoe leiden dat het vastgoedmuseum te herleiden valt tot een tijdelijke pop-uptentoonstelling.