Doorzoek volledige site
24 april 2017

Hoe kies je het juiste bitumen daksysteem?

Het komt er voor ontwerpers op aan om uit alle verschillende mogelijkheden een geschikt daksysteem te deduceren, dat ze vervolgens moeten voorschrijven in een bestektekst. Daarbij kunnen ze uiteraard hulp van echte specialisten gebruiken. (Foto: IKO)
De materiaalkeuze voor de afdichting en de rest van de dakopbouw kan beïnvloed worden door allerhande factoren. (Foto: IKO)
Dat de omschrijving van een gekleefd daksysteem meestal moet worden gewijzigd als er een groendak bovenop de afdichting komt te liggen, durven architecten weleens over het hoofd zien. (Foto: Derbigum)

Dakafdichters en verdelers sturen regelmatig prijsaanvragen naar hun leverancier/fabrikant met een verwijzing naar de besteksteksten. Sommige van deze bestekteksten, die ontwerpers weleens letterlijk overnemen uit vorige opdrachten, zijn echter onduidelijk of onjuist en schrijven een foutieve dakbedekking voor. Bitubel, de vereniging van Belgische fabrikanten van bitumen dakbanen, reikt architecten in dit artikel enkele richtlijnen aan voor de keuze van een geschikt bitumen daksysteem.

Architecten moeten allesweters zijn, en dus is het voor hen niet altijd eenvoudig om voor elke toepassing het juiste bitumen daksysteem te kiezen. Het gamma bitumen dakbanen is immers zeer uitgebreid. Naast verschillende soorten bitumen (geblazen bitumen, PB-bitumen, APP-bitumen en SBS-bitumen) bestaan er ook verschillende soorten wapeningen (glasvlies, polyester, polyestercomposiet, bladaluminium …). Voorts bestaan er bitumen dakbanen met een verbeterd brandgedrag, bitumen dakbanen die wortelwereld of reflecterend zijn … Bovendien kunnen ze op verschillende manieren geplaatst worden (gelast met vlam of warme lucht, gekleefd met koudlijm of warme bitumen, zelfklevend of mechanisch bevestigd).

Het komt er voor ontwerpers dus op aan om uit al deze mogelijkheden een geschikt systeem te deduceren, dat ze vervolgens moeten voorschrijven in een bestektekst. Hierbij opteren veel ontwerpers er echter voor om bestekteksten uit vorige (gelijkaardige) projecten te kopiëren. Dat de omschrijving van een gekleefd daksysteem bijvoorbeeld meestal moet worden gewijzigd als er sprake is van een ander type isolatie of als er een groendak bovenop de afdichting komt te liggen, durven ze hierbij weleens over het hoofd zien…

 

Kwalijke gevolgen van een slechte keuze

Toch is het belangrijk om niet al te nonchalant om te springen met het voorschrijven van een bitumen daksysteem. Een slechte keuze kan immers kwalijke gevolgen hebben. Bij hoge gebouwen en in windgevoelige zones moet er rekening gehouden worden met de mogelijke windbelasting, wat een invloed kan hebben op de materiaalkeuze en de bevestigingswijze.  

Rekening houden met de omgevingsomstandigheden is uiteraard essentieel, maar ook foutief kopieer-en-plakwerk in de bestektekst kan negatieve consequenties hebben. Denk bijvoorbeeld aan het feit dat de isolatie op een draagvloer van geprofileerde metalen platen doorgaans mechanisch bevestigd wordt met behulp van schroeven en drukverdeelplaatjes. In bepaalde omstandigheden is dit echter niet aangewezen en moet er overgeschakeld worden op een gekleefd systeem. Dit is onder meer het geval in gebouwen met een hoge vochtproductie (bijvoorbeeld zwembaden), waarbij het dampscherm onvoldoende functioneert als het geperforeerd wordt. Of in sporthallen en showrooms zonder plafondbekleding, waar de mechanische bevestiging van de isolatie omwille van esthetische redenen niet zichtbaar mag zijn.

 

Rekening houden met de omgevingsomstandigheden is uiteraard essentieel, maar ook foutief kopieer-en-plakwerk in de bestektekst kan negatieve consequenties hebben.

 

Aandachtspunten bij het maken van de keuze

Ontwerpers en architecten die een bitumineus daksysteem voorschrijven, moeten het plat dak steeds beschouwen als één geheel. Niet enkel de afdichting is belangrijk, maar ook de rest van de dakopbouw (dakvloer, afschot, dampscherm, isolatie, schutlaag).

De materiaalkeuze voor deze onderdelen kan beïnvloed worden door verschillende factoren: de toegankelijkheid van het plat dak (als het bijvoorbeeld regelmatig belopen wordt, is een polyestervlieswapening aangewezen), de eisen inzake brandgedrag of wortelwerendheid, de binnenklimaatklasse van het gebouw, eventuele wensen op het vlak van reflectiewaarde en regenwaterrecuperatie …

Bovendien bestaan er verschillende plaatsingstechnieken voor dampschermen, isolaties en bitumen dakafdichtingen. Voor welke methode(s) er het best geopteerd wordt, hangt onder meer af van de potentiële windkrachten, die bepaald worden door de hoogte van het gebouw, ligging, overdruk ... Bij het voorschrijven van een bitumineus daksysteem moeten ontwerpers dus rekening houden met de interactie tussen al deze elementen.

 

Waar vind je informatie en advies?

De TV 215 van het WTCB is integraal gewijd aan de opbouw, materialen en uitvoering van bitumineuze platte daken. Het geeft niet enkel een overzicht van de meest aangewezen keuzes in bepaalde situaties (type afdichting, ondergrond, bevestigingswijze, kleeftechniek …), maar ook toelichting bij de keuze en de plaatsing van isolatie en dampschermen. Bijkomende informatie is eveneens terug te vinden in de technische goedkeuringen van de bitumen dakafdichtingssystemen en de dakisolaties. Bovendien kunnen architecten en ontwerpers zich ook wenden tot de adviseurs van de verschillende Bitubel-leden. Deze experts kunnen hen de nodige besteksteksten bezorgen of hen begeleiden bij de keuze van het juiste bitumen daksysteem. Extra informatie kan eveneens worden opgevraagd via www.bitumeninfo.be of info@bitumeninfo.be.

 

Ontwerpers en architecten die een bitumineus daksysteem voorschrijven, moeten het plat dak steeds beschouwen als één geheel. Niet enkel de afdichting is belangrijk, maar ook de rest van de dakopbouw.

 

Concrete tips

  • Dampschermen: kies niet altijd voor de laagste dampschermklasse. Zo vermijd je problemen bij een toekomstige herbestemming van de onderliggende ruimtes of het gebouw. Vermijd dampschermen uit PE-folies in bitumen daksystemen. Je kan deze best vervangen door bitumineuze dampschermen. Deze garanderen namelijk een betere aansluiting met de bitumen dakafdichting.

 

  • Isolatie: de afwerking van de isolatieplaten moet afgestemd zijn op de plaatsingsmethode van de bitumen dakafdichting. Als er bijvoorbeeld sprake is van een zelfklevende onderlaag, moet deze onderlaag uitgerust zijn met zelfklevende en dampdrukverdelende bitumen noppen of strepen en is er nood aan een aangepaste cachering van PUR- of PIR-platen. Raadpleeg steeds de technische goedkeuring (ATG) van de gekozen isolatieplaten om na te gaan welke toepassingen of combinaties al dan niet mogelijk zijn.

 

  • Bitumenhechtvernis: Ook wel kleefvernis of primer genoemd. Cruciaal aangezien het mee de kwaliteit van de hechting bepaalt en nodig is om de binding met fijne stofdeeltjes in de ondergrond te verzekeren (beton), het hechtingsoppervlak te ontvetten (staalplaat) of te impregneren (poreuze materialen) en de oude bitumen afdichting te ‘reactiveren’ (bij renovatie). Hou er ook rekening mee dat er verschillende types bestaan (met of zonder solventen, voor zelfklevende dakbanen, enzovoort).

 

  • Bitumen dakafdichting: Hou rekening met de aanwezigheid van dakdetails en neem ze mee op in het ontwerp (aansluitingen en afwerkingen aan koepels, dakranden, tapbuizen, verluchtingskokers …). Door minstens 20 centimeter vrije ruimte rond zulke dakdetails te voorzien, vermijd je problemen bij de plaatsing van de waterdichte aansluiting.