Doorzoek volledige site
23 februari 2018

"Beter isoleren is de sleutel tot een succesvolle klimaataanpak"

Illustratie | Wikimedia Commons

"Aan de vooravond van Batibouw het nut van isolatie in vraag stellen is een totaal verkeerd signaal. Beter isoleren is net een van de meest efficiënte manieren om de klimaatuitdaging succesvol aan te pakken." Dat stelt Saskia Walraedt, doctor in de chemie en directeur van de PolyMatters kunststofdivisie bij Essenscia, de sectorfederatie van de chemie en life sciences. Ze reageert hiermee op een artikel in Het Nieuwsblad waarin de Vlaamse Confederatie Bouw de isolatienormen in vraag stelt.

De organisatie van de eerste Vlaamse Isolatiedag, de campagne ‘Ik BENOveer’ om huiseigenaars te motiveren meer en beter te renoveren, de introductie van het S-peil om de energiezuinigheid van nieuwbouwwoningen te optimaliseren. Allemaal recente initiatieven om de renovatiegraad van het Vlaams woningpatrimonium op te krikken en door beter te isoleren de CO2-uitstoot te verminderen. Het was de voorbije dagen dan ook opmerkelijk dat het nut van isolatie openlijk in vraag werd gesteld: Meer isolatie is minder milieuvriendelijk (De Standaard, 20 februari 2018) en Bouwsector wil hervorming isolatieregels (Het Nieuwsblad, 17 februari 2018). Aan de vooravond van Batibouw is dit een totaal verkeerd signaal.
 

CO2-uitstoot

Beter isoleren is net een van de meest efficiënte manieren om de klimaatuitdaging succesvol aan te pakken. Uit een studie van de FOD Economie blijkt dat woningen en gebouwen 35 % van het totale energieverbruik in België vertegenwoordigen. Desondanks wordt jaarlijks minder dan 1 % van de particuliere woningen gerenoveerd. Het volstaat om dit percentage op te krikken naar 3 % om elk jaar 140.000 ton CO2-uitstoot te besparen. Dat stemt overeen met het jaarlijkse energieverbruik van 25.000 gezinnen. Kortom, meer mensen overtuigen om hun woning vakkundig te isoleren is één van de beste oplossingen om energiezuiniger te wonen. Resultaat? Een lagere energiefactuur en een stap dichter bij de Vlaamse klimaatdoelstellingen.

Wellicht bestaat er vanuit een louter theoretisch denkkader een ecologisch kantelpunt waarop de CO2-uitstoot tijdens de productiefase van isolatiematerialen hoger zal liggen dan de CO2-uitstoot die door diezelfde materialen wordt uitgespaard tijdens de gebruiksfase. Maar er is nu eenmaal een groot verschil tussen theorie en praktijk. Zo is de productiefase slechts een momentopname terwijl de levensduur van isolatiematerialen in bouwconstructies makkelijk vijftig jaar bedraagt, en dat is dan nog een conservatieve inschatting. In de bouwpraktijk is het bijgevolg zo dat de huidige isolatievoorschriften ver van dit theoretische omslagpunt verwijderd zijn, welgeteld 9 centimeter.


9 centimeter

Dat is namelijk het verschil tussen de isolatiedikte van 10 centimeter die momenteel wordt voorgeschreven om aan de nieuwste normen te voldoen en het ecologische kantelpunt van 19 centimeter waarboven de positieve milieu-impact van elke centimeter extra isolatie niet langer opweegt tegen de uitstoot tijdens de productiefase. Negen centimeter lijkt misschien niet veel, maar in isolatietermen is het een wereld van verschil. Belangrijke nuance: deze isolatiediktes gelden voor kunststof isolatiematerialen als PUR (polyurethaan) of PIR (polyisocyanuraat). Voor andere materialen, zoals minerale wol of bio-ecologische toepassingen zoals schapenwol of kurk, liggen de isolatiediktes gemiddeld vier tot vijf centimeter hoger. Je moet met andere woorden veel meer isolatie aanbrengen om dezelfde isolerende eigenschappen te verkrijgen.


MMG-tool

De cijfers komen uit de zogeheten MMG-tool (Milieugerelateerde Materiaalprestatie van Gebouwelementen) die door de federale overheid en de drie gewesten op Batibouw werd voorgesteld. De lancering volgt na vijf jaar onderzoek en ontwikkeling door OVAM in samenspraak met specialisten van onder meer KU Leuven en VITO. De rekenmodule is gebaseerd op een internationaal erkende methodologie en dito databank en laat toe om de milieu-impact van alle gebruikte materialen in een gebouw op een objectieve en wetenschappelijk onderbouwde manier in kaart te brengen.

Dankzij het nieuwe rekeninstrument kunnen architecten op een gebruiksvriendelijke manier de meest duurzame materiaalcombinatie selecteren, rekening houdend met de totale levenscyclus van de bouwconstructie. Daarbij wordt zowel de impact van de productiefase als de gebruiksfase in rekening gebracht, maar wordt er ook gekeken naar de ontginning en het transport van de gebruikte materialen. Dit is alvast een meer neutrale en algemeen aanvaarde methodologie dan de analyses van het Nederlandse NIBE-instituut waarnaar in eerdere berichtgeving werd verwezen, omdat die een zelfontwikkelde en betwistbare methodologie hanteert.

Uit de Belgische MMG-rekenmodule blijkt nu dat synthetische isolatieplaten (PUR/PIR) voor gelijkaardige bouwconstructies vergelijkbare of betere milieuscores laten optekenen dan alternatieve isolatiematerialen. Als vervolgens de volledige milieu-impact tijdens de ganse gebruiksfase op gebouwniveau wordt berekend, dan wordt de uitstoot tijdens de productiefase ruimschoots gecompenseerd door de uitstekende isolerende eigenschappen van deze materialen. Ze zijn dus uitermate geschikt om met een minimum aan grondstoffen een maximum aan effect te bereiken.

 

Maatschappelijke meerwaarde

Om duurzaam te bouwen, is het namelijk essentieel de duurzaamheid van het bouwproject in zijn geheel te analyseren eerder dan zich te beperken tot een evaluatie van de eigenschappen van elk materiaal afzonderlijk. De keuze van een bepaald type isolatiemateriaal bepaalt de rest van de constructie. Dunnere, performantere isolatiematerialen – zoals PIR of PUR – maken smallere funderingen en smallere dorpels mogelijk. Maar in feite draait de discussie niet over het type isolatiemateriaal. Het komt er vooral op aan om beter te isoleren. En dat doen we met z’n allen nog altijd te weinig. Nochtans is energiezuinig bouwen en renoveren cruciaal om de klimaatdoelstellingen te halen. Innovatieve bouw- en isolatiematerialen zijn al langer een gegeerd Vlaams exportproduct. Laat ons er samen werk van maken om ze ook in onze eigen Vlaamse woningen en gebouwen nog vaker toe te passen.

En wat zal dat kosten? Critici werpen op dat bouwen door de strengere isolatienormen duurder wordt. Dat is een kortetermijnvisie, want het is een investering die je op langere termijn terugverdient dankzij een lagere energiefactuur. Bovendien is het net verstandig om voor nieuwbouwwoningen de isolatielat voldoende hoog te leggen. Dat is beter dan na enkele jaren al aanpassingen te moeten doen om de Europese normen te halen, wat veel duurder zal uitvallen. En je draagt een steentje bij aan een schonere planeet. Is de maatschappelijke meerwaarde daarvan niet onbetaalbaar?