Doorzoek volledige site
13 juli 2017 | TIM JANSSENS

Debat: “Gebouwbeheersystemen met open sturing zijn de toekomst”

Illustratie | Stef Gilisssen

Een hedendaags bedrijfsgebouw kan haast niet meer zonder een performant gebouwbeheersysteem. Aangezien het de werking van de aanwezige technieken centraal aanstuurt, op elkaar afstemt en optimaliseert, kan een gebouwbeheersysteem heel wat bedrijven een forse besparing opleveren en zo een aanzienlijke meerwaarde betekenen. Business Vlaanderen nam samen met zeven experts de voornaamste trends en evoluties door: “Gesloten systemen die onafhankelijk van de andere technieken functioneren, zijn passé.” 

BV: Laten we beginnen bij het begin. Hoe is het concept ‘gebouwbeheersysteem’ eigenlijk ontstaan en hoe is het geëvolueerd tot wat het nu is?

Luc De Vos (VMA): “De eerste ‘building management systems’ zijn ontwikkeld door grote internationale spelers op de HVAC-markt, met als doel het sturen van de klimatisatie van gebouwen. Geleidelijk aan is dat ook gebeurd voor andere systemen zoals verlichting en security (branddetectie, toegangscontrole, camerabewaking …). Voor al deze domeinen zijn onafhankelijke platformen in het leven geroepen. Deze waren verticaal opgebouwd, wat impliceert dat zowel de hardware als de software en programmatie uit één hand geleverd werden. Hiervoor moesten bouwheren telkens een specifiek onderhoudscontract afsluiten, waardoor ze voor een zeer lange termijn gebonden waren aan één enkele speler. Zeker in grotere structuren zoals banken, overheidsbedrijven of scholengroepen werd dat na verloop van tijd een probleem. Als gevolg ontstond er een behoefte aan technologie die in staat is om alle afzonderlijke systemen aan elkaar te koppelen, te integreren en te centraliseren op één platform. Dit laatste is echter een proces van lange adem. Naar mijn gevoel staan we nog maar aan het begin van deze evolutie, een evolutie die zich de komende jaren nog volop zal blijven ontrollen.”

Koen Verschuere (FixSus): “Een tiental jaar geleden lag de focus zeer sterk op het correct aansturen van installaties vanwege het gebrekkige isolatiepeil van gebouwen. De sturingen waren vrij eenvoudig: op de juiste momenten de juiste hoeveelheid warmte leveren via een paar ketels. Gebouwbeheer stond in wezen gelijk aan HVAC-sturing en de verwachting was dat dit in nieuwe gebouwen met een beter isolatiepeil steeds minder nodig zou zijn. Het tegendeel bleek waar: nieuwe gebouwen vragen eens zoveel sturing en maken het verhaal nog een stuk complexer, omdat ze ook gekoeld moeten worden, wat vaak gebeurt aan de hand van hybride installaties en een combinatie van technieken (ketels, warmtepompen, BEO-veld, draaikoelers …). Het is een titanenwerk om zulke systemen op een technisch en financieel efficiënte manier te laten coöpereren. Bovendien hebben bouwheren tegenwoordig hogere eisen en verwachten ze steeds vaker dat het klimatisatiesysteem gekoppeld wordt aan andere mechanismes zoals verlichting, toegang en beveiliging. Tot slot wordt het steeds moeilijker om met stand-alone-sturingen te voldoen aan de hedendaagse wetgeving. Kortom: alles wijst in de richting van geïntegreerde gebouwbeheersystemen, maar deze zullen alsmaar complexer worden.”
 

BV: Wat zijn – los van de stijgende complexiteit – de voornaamste tendensen op het vlak van gebouwbeheer en -sturing? 

An Beazar (Enprove): “Ik zie twee belangrijke evoluties. Enerzijds slimme sturing op basis van sensordata, zodat gebouwsystemen zich aanpassen aan het gedrag van hun gebruikers – als de werknemers van een bedrijf doorgaans binnenkomen om negen uur, zal de verwarming automatisch beginnen draaien om halfnegen. Anderzijds monitoring en optimalisering van de werking van installaties – met op termijn een proactieve rol voor onderhoudsfirma’s, die vanop afstand zullen kunnen controleren of er aanpassingen nodig zijn.”

Pascal Kinoo (VMA): “De voornaamste uitdaging bestaat er echter in om samenhang te creëren. Traditioneel worden HVAC en elektriciteit ondergebracht in aparte loten. Het komt erop aan om deze te matchen, maar het is uiteraard de vraag welke partij de overkoepelende sturing op zich moet nemen. Met het bedieningspaneel wil je immers niet alleen de verwarming en de ventilatie, maar ook het licht en de zonwering kunnen aansturen. Dat spanningsveld is momenteel nog erg aanwezig.”

Koen Verschuere (FixSus): “Inderdaad, en dat is een typisch Belgisch probleem: we maken een lot HVAC en een lot elektriciteit, waarna we er eventueel nog een lot sturing aan toevoegen, als er nog budget over is. Dat staat een optimale implementatie van het gebouwbeheerconcept in de weg. Alles zou moeten beginnen bij een lot sturing, dat vanaf de conceptuele fase fungeert als uitgangspunt voor de creatie van een lot HVAC en een lot elektriciteit. Enkel op die manier krijg je een gebouw volledig in de hand en kan je de troeven van een gebouwbeheersysteem optimaal uitspelen. Het vergt echter nog heel wat bewustmaking om bouwheren daarvan te overtuigen.”
 

BV: Bouwheren en bedrijven zijn zich met andere woorden nog niet voldoende bewust van de mogelijkheden en de voordelen die integratie en automatisering hen kan bieden?

Luc De Vos (VMA): “Inderdaad. Vaak weten ze niet eens dat er sinds enkele jaren zowel hardware als software bestaat waarvan de communicatieprotocollen op elkaar kunnen worden afgestemd, zodat de technieken in een gebouw als het ware met elkaar kunnen ‘praten’. Die ‘verticale’ denkwijze (afzonderlijke technieken die los van elkaar functioneren) is nog steeds erg aanwezig.

Ronny Stormezand (ENGIE): “De awareness is stilaan aan het groeien. Veel gebouwen bevatten gesloten systemen van verschillende leveranciers, terwijl er juist nood is aan openheid om ze efficiënt te kunnen laten samenwerken. De optimalisatie van geïsoleerde, ‘verticale’ hardwareoplossingen loopt op haar eind, dus de resterende winst is te boeken via horizontale synergie en connectiviteit tussen de verschillende systemen in een gebouw. Door data gecombineerd te analyseren, kan je als bouwheer operationeel inspelen op je gebouw en op termijn zelfs predictief handelen. Zo kan je eventuele energie- of efficiëntieverliezen wegwerken en allerhande processen optimaliseren. Er is echter nood aan early adaptors die hun conservatieve collega’s over de streep kunnen trekken, want gebouwbeheersystemen kunnen pas volledig tot hun recht komen als er sprake is van een globale mindswitch. Het wordt stilaan tijd, want commerciële gebouwen zijn wereldwijd nog steeds verantwoordelijk voor 40% van het totale energieverbruik, waarvan bovendien 30% verloren gaat. Er ligt dus nog een enorm besparingspotentieel op ons te wachten.”
 

BV: Als je de werking van een gebouw wil optimaliseren, moet je de technieken in een gebouw dus als een gestroomlijnd geheel beschouwen, en niet als aparte entiteiten?

An Beazar (Enprove): “Inderdaad. Alles opdelen in aparte entiteiten is passé. Als de sturing niet vanaf het prille begin wordt ingecalculeerd, kan je een gebouw nadien maar de efficiëntie geven die het toelaat. Het is quasi onbegonnen werk om de klimatisatie van een slecht georiënteerd gebouw te optimaliseren. De architect en het studiebureau moeten mee zijn in het verhaal. Samenwerken in multidisciplinaire teams met gebundelde expertises is een noodzaak als we optimale integratie mogelijk willen maken. Ook open systemen zijn een must, maar dat wil helaas niet zeggen dat bedrijven en fabrikanten hun waardevolle data zomaar te grabbel zullen gooien. Gezien het internet of things-verhaal en de gemakkelijkere beschikbaarheid van data vrees ik dat we aanvankelijk opnieuw afstevenen op een zeker protectionisme. Ik denk echter niet dat dit lang zal blijven duren. Geslotenheid zal afgestraft worden. Ik geloof absoluut in de meerwaarde van onafhankelijke, open systemen die een maximale koppeling en integratie mogelijk maken.”

Koen Verschuere (FixSus): “Ik zie momenteel nog veel verwarmings- of ventilatiesystemen die integratie claimen, maar waarbij er in feite enkel sprake is van een webbrowser die een verbinding maakt met de webbrowser van het gebouwbeheersysteem. Dat is geen integratie. Je kan er wel mee communiceren, maar dat wil niet zeggen dat je ze ook volledig in de hand hebt. Als ze op eigen houtje en naar eigen goeddunken functioneren – los van andere informatie uit het gebouw – wordt het hoe dan ook zeer moeilijk. Bepaalde fabrikanten willen hun eigen regeling verkopen als een toegevoegde waarde, en dat staat uiteraard haaks op de nood aan optimale integratie.”

Kim Jonkmans (Eden Design): “We merken dat bouwheren de zaken toch zo veel mogelijk in de hand proberen te krijgen. Als je toestellen met een eigen regeling wil aansturen via een PLC, moet je heel wat sensoren bijplaatsen en extra in- en uitgangen op die PLC voorzien, wat het kostenplaatje vaak enorm doet oplopen. Meer en meer bouwheren zullen dat als een beperking ervaren en voor andere ketels opteren die zich wél lenen tot centrale sturing.”

Johny Vangeel (Beckhoff Automation): “Terecht! Als je een doordachte open sturing of automatisatie implementeert, is er al vanaf dag één sprake van return dankzij een verhoogde efficiëntie, een kleinere onderhoudsvraag, een lager energieverbruik … Een gesloten systeem waarbij je volledig afhankelijk bent van de leverancier is steeds minder gunstig. Als je opteert voor een open PLC-sturing, kan je er zeker van zijn dat je systeem veel langer ondersteund wordt.”
 

BV: Tot slot: wat zal de nabije toekomst ons brengen?

Pascal Kinoo (VMA): “Ik zie drie uitdagingen. Ten eerste is er het design: voor welk gebouwbeheersysteem en welke intelligentie opteer je? Ten tweede is er de monitoring: hoe optimaliseer je en hoe werk je de sturing bij als ze niet goed functioneert? En een derde uitdaging die de komende jaren steeds relevanter zal worden, is hernieuwbare energie. Technieken zoals geothermie, PV-technologie of elektrische laadpalen vergen een verregaande intelligentie als je ze optimaal wil benutten (bijvoorbeeld slim omgaan met de piek- en daluren voor zonnestroom). Het gebouwbeheersysteem zal in dat opzicht een belangrijke functie vervullen: hernieuwbare energie efficiënt gebruiken wanneer ze beschikbaar is en zo bijvoorbeeld verhinderen dat je een groot deel van de opgewekte zonne-energie opnieuw in het net moet injecteren.”

Ronny Stormezand (ENGIE): “Als we naar de toekomst van de gebouwbeheersystemen op zich kijken, dan is het enorm belangrijk dat we stapsgewijs te werk gaan. Een gebouwbeheersysteem is allesbehalve een statisch geheel, maar een complexe technische puzzel die continu opvolging en optimalisatie vraagt. Het lijkt me dan ook geen slecht idee om het integratieproces te starten vanuit de bestaande mogelijkheden en disciplines, om dan te gepasten tijde voldoende flexibel te zijn om van een beschrijvend gebouwbeheermodel te evolueren naar een predictief en misschien zelfs prescriptief model. Volgens mij zit dáár het besparingspotentieel, en niet langer in het verbeteren van het rendement van de aanwezige hardware. Het spreekt bijvoorbeeld voor zich dat on-demandverlichting een stuk zuiniger kan zijn dan een energie-efficiënte ledverlichting die 24/7 brandt.”

Kim Jonkmans (Eden Design): “Gebouwbeheersystemen bieden heel wat voordelen: comfort en energiebesparing, het stroomlijnen van allerhande complexe systemen, preventief onderhoud wordt mogelijk en de droge en natte technieken worden samengebracht op één platform. Een open systeem dat alle protocollen aankan, is per definitie futureproof.”

An Beazar (Enprove): “Het afgesloten houden van data via individuele componenten is in mijn ogen een eindig verhaal. Voor ons is het al een tijdje duidelijk, dus ik hoop dat ook bedrijven gaandeweg zullen opteren voor gebouwbeheersystemen met open sturing.”

Johny Vangeel (Beckhoff Automation): “Flexibiliteit is cruciaal. Wat als een gebouw na verloop van tijd een andere functie krijgt? Wat als de wetgeving ingrijpend verandert? Of wat als er nieuwe communicatieprotocollen gelden? De infrastructuur is er, maar stuur al die gesloten systemen maar eens accuraat aan … Ik kan het niet genoeg benadrukken: opteer voor open, onafhankelijke systemen die je volledig vrij en op maat kan programmeren!”
 

Het panel:

An Beazar: zaakvoerder van Enprove, gespecialiseerd in de opvolging van gebouwen en installaties, met een specifieke focus op energie-efficiëntie. Enprove analyseert en interpreteert data met het oog op de detectie van anomalieën en energiebesparing.

Kim Jonkmans: Lighting Manager en Software Engineer bij Eden Design. Dit Genks familiebedrijf legt zich al dertig jaar toe op elektriciteitswerken en is sinds tien jaar eveneens actief in de automatiseringsbranche. Daarnaast is Eden Design ook gekend als fabrikant van designverlichting.

Ronny Stormezand: Business Development Manager bij ENGIE Fabricom. Naast energieleverancier is ENGIE ook een serviceverlener. De drie belangrijkste groeipijlers zijn decarbonisatie, decentralisatie en digitalisering van de focusmarkten (Infrastructuur, Gebouwen, Industrie, Energie, Oil&Gas en Luchthavens). In functie van het streven naar digitalisering legt het bedrijf zich specifiek toe op smart supervisory en control systems, waartoe ook gebouwbeheersystemen behoren.

Johny Vangeel: Business Unit Manager Building Automation bij Beckhoff Automation, een fabrikant van PLC’s en sturingen. Beckhoff gaat prat op zijn onafhankelijkheid en ontwikkelt open systemen die de meest complexe technieken in staat stellen om vlot en efficiënt met elkaar te communiceren.

Koen Verschuere: Zaakvoerder van FixSus. De corebusiness van het bedrijf is het sturen van grote en middelgrote gebouwen, met de nadruk op energie-efficiëntie. Dit doet het via gebouwenautomatisering op basis van PLC-technologie van Beckhoff. Sinds een tweetal jaar ontwikkelt FixSus ook eigen hardware.

Luc De Vos en Pascal Kinoo: respectievelijk Senior Key Account Manager en BU Manager Beheer en Supervisie Systemen bij het VMA Cluster. VMA spitst zich toe op grootschalige algemene elektriciteitswerken in gebouwen en industriële omgevingen. Ook het projectmatig customizen door middel van PLC’s, waarmee een open en intelligent gebouwbeheer geïmplementeerd wordt, maakt sinds een zestal jaar deel uit van het activiteitenpakket.


Dit artikel is eerder verschenen in Business Vlaanderen

GERELATEERDE DOSSIERS