Doorzoek volledige site
04 december 2019 | MICHEL CHARLIER

Historisch landgoed omgetoverd tot administratief centrum met fraaie publieke ruimte

Illustratie | © Marie-Noëlle Dailly
Illustratie | © Marie-Noëlle Dailly
Illustratie | © Marie-Noëlle Dailly
Illustratie | © Marie-Noëlle Dailly
Illustratie | © Marie-Noëlle Dailly
Illustratie | © Marie-Noëlle Dailly
Illustratie | © Marie-Noëlle Dailly
Illustratie | © Marie-Noëlle Dailly

In het Naamse Fosses-la-Ville zijn het gemeentehuis, het cultureel centrum en de kantoren van het OCMW ondergebracht in Château Winson, een zeventiende-eeuws landgoed dat eigendom is van de stad. Deze opmerkelijke transformatie (THV RESERVOIR A – A+11 – Piron Architectes – Atelier Paysage) ging gepaard met het doorbreken van de hoge baksteenomheining, waardoor de site eindelijk deel uitmaakt van de publieke ruimte. Een symbolische ingreep: het prachtige domein, dat voordien toebehoorde aan een enkeling, is voortaan toegankelijk voor de hele gemeenschap. De besloten ruimte van weleer is omgetoverd tot een unieke ontmoetingsplek.

Château Winson huisvest niet alleen nieuwe functies, maar wordt ook geflankeerd door een nieuwbouw van 800 m², die loodrecht aansluit op de bestaande bebouwing en die het mogelijk maakt om de interne circulatie te reorganiseren en de inkom naar de stad te richten. Aangezien de architecten de interne buitenruimte wilden laten overvloeien in de publieke ruimte, kozen ze voor een zwevend volume dat nauwelijks zichtbaar is bij het betreden van de site. Het verzoent de dualiteiten die het domein typeren: kasteel/boerderij, vijver/moeras, park/moestuin en grasvlaktes … – als een sterke as met een herkenbare volumetrie die de dynamiek van de site heroriënteert zonder de leesbaarheid van het bestaande teniet te doen.

 

Oud versus nieuw

Het inkomportaal is verwerkt in het deel van de omwalling dat zich het dichtst bij de stad bevindt. De muur omringt een parking met waterdoorlatende klinkers, die de plaats van de oude moestuin heeft ingenomen. De dienstingang wordt gemarkeerd via een inham die omringd is door een kader in cortenstaal en die zo de monotonie van de witgekalkte blinde muur doorbreekt. De architectuur van de nieuwbouw wijkt bewust af van die van de bestaande gebouwen, waardoor de historische entiteiten eens zo sterk tot hun recht komen.

Het zwevende parallellepipedum springt in het oog zodra je de site betreedt. Het is bekleed met een houten rasterstructuur en rust op slanke stalen pijlers. Dit creëert een onbelemmerd zicht onder het nieuwbouwvolume en vergroot de doorwaadbaarheid van het parkdomein, dat fungeert als een volwaardige ontmoetingsplek.

 

Houten gevelgrid

In combinatie met de optimale oriëntatie zorgt de houten rasterstructuur voor maximale zonnewinsten. Hij is ontworpen door kunstenaar Patrick Everaert. Het houten grid, waarvan het patroon evolueert naargelang de blootstelling aan de zon, is voor de ramen geplaatst. Via de toevoeging van enkele bijkomende horizontale ribben ontstond er een subtiele variatie. Dit heeft niet alleen een positieve invloed op de bezonning, maar ook op de geveldynamiek.

De transformatie van het besloten landgoed in een publiek park maakte dat er nood was aan de creatie van extra ingangen. De visuele en fysieke doorwaadbaarheid van de site leek met andere woorden een conditio sine qua non. De verharde paadjes verbinden de verschillende zones van het park en nodigen de aanwezigen uit om een verkwikkende wandeling te maken en/of onderweg even rustig te verpozen. De nieuwe landschappelijke inrichting ondersteunt een nieuwe vorm van ruimtelijke beleving.