Doorzoek volledige site
26 mei 2020

OPINIE (Stefaan Vandist): De vijfvoudige winst van natuurinclusieve stadsontwikkeling

Een van de meest zichtbare, hoopvolle en aantrekkelijke trends die zich over meerdere jaren wereldwijd zal aftekenen, is de transformatie naar natuur-inclusieve steden. Soms is het gemotiveerd door prestige en citymarketing, maar vaak ook uit noodzaak, aldus Stefaan Vandist. Hij werkt als toekomstverkenner en begeleider van innovatieprocessen voor zowel bedrijven als overheden, en schrijft momenteel zijn tweede boek Pretopia, een gids voor toekomstmakers. 

De relatie tussen groen en gezondheid

Een ‘overstijgend gevoel van samenhang’. Dat moet de sensatie geweest zijn bij de jonge onderzoekster Kristing Engemann aan de Arhus University of Denmark rond het jaareinde van 2018. Satellietopnamen van Deense steden tijdens de afgelopen twintig jaar, gecombineerd met een kosmische hoeveelheid cijfers over de gezondheid van 1 miljoen Denen, stelden haar in staat boeiende dwarsverbanden te ontdekken tussen (mentale) gezondheid en de beschikbare aanwezigheid van natuur in de woonomgeving.

 

“Mensen die in hun kindertijd in de nabijheid van natuur opgroeien, lopen op volwassen leeftijd 55% minder kans op 16 van de meest voorkomende mentale aandoeningen.

 

Die vaststelling moet een eureka-gevoel hebben ontketend. Maar het ligt in lijn met wat we eigenlijk al wisten. Het wetenschappelijk inzicht in het verband tussen gezondheid en aanwezig groen stapelt zich op sinds midden jaren tachtig. Maar wanneer we vandaag dankzij big data en artificiële intelligentie nieuwe relaties ontdekken tussen gezondheid en toegankelijk groen, maar ook tussen stadsnatuur en sociale cohesie, biodiversiteit, klimaatbestendigheid en aantrekkingskracht van buurten en steden, wordt het steeds duidelijker dat de mens beter gedijt in een groene dan in een grijze habitat.

 

Thuiskomen in groene steden dankzij Big Data

Ontdekken van nieuwe inzichten is één ding. Computational en Parametric Design (ontwerp gevoed met data en ondersteund met de rekenkracht van computers) stellen ons in staat om stadsnatuur te ontwerpen aan de hand van specifieke planologische, maar ook sociale en ecologische criteria.

Platformen zoals i-Tree en Cyclomedia helpen steden en gemeenten hun groen stadskapitaal samen te stellen op maat en zelfs te simuleren hoe hun vegetale portfolio de komende decennia letterlijk zal groeien in termen van kostenbesparing, opbrengst, boomkruin-volume, CO2-opslag, waterabsorptievermogen, hitte-reductie, etc…

 

"De Wereldgezondheidsorganisatie van de Verenigde Naties (WHO) becijferde dat ongeveer 450 miljoen mensen in de wereld leiden aan een mentale aandoening. Het Wereld Economisch Forum berekende op haar beurt dat bij huidige aanwas de mentale gezondheidszorg wereldwijd 5000 miljard zou gaan kosten tegen het jaar 2030.

 

De maakbaarheid, economische argumenten, maar ook het toenemende politieke draagvlak (zowel aan de linker- als rechterflank) zorgen ervoor dat vergroening van steden in een versneld tempo opgang maakt in de wereld. Zeker wanneer een groene stadstransformatie zich verankert tussen de volgende vijf wingebieden.

 

1) Besparing in de gezondheidseconomie

Besparing in de gezondheidseconomie is een indirecte, maar één van de meest uitgesproken wingebieden van natuur-inclusieve steden. Naast een positieve invloed op onze mentale gezondheid en cardiovasculaire gezondheid, zijn ook al positieve effecten op onze cognitieve ontwikkeling vastgesteld, als ook een algemene langere levensverwachting en algemene lagere medische uitgaven.

 

"Stanford University berekende dat de aanwezigheid van bomen in Amerikaanse steden jaarlijks 12 miljard dollar aan hitte-gerelateerde gezondheidskosten bespaart. Met iedere dollar die je investeert in bomen in een stad als New York, verdien je 5,60 dollar terug aan vermeden uitgaven in de gezondheidseconomie.

 

2) Klimaatrobuustheid

Met het Belgische hitterecord van 26 juli 2019 nog vers in het geheugen, herinneren we ons ook hoe lokale media in Brussel aan de alarmbel trokken. Met haar wijken zonder groen stevende Brussel af op een crisis, zeker in buurten waar de meest kwetsbare mensen gehuisvest zijn. Volgens CBS zijn in Nederland tijdens de warme maand juli van 2019 400 extra vroegtijdige overlijdens geteld door de hitte. Hitte- en sterftecijfers lopen al een tijdje parallel. Bos+ rekende uit dat de Vlaamse overheid dringend werk moet maken van 6 miljoen bijkomende bomen in Vlaamse steden. Iedere uit de kluiten gewassen boom heeft immers het koel-effect van tien airco’s. Volgens Wageningen Environmental Research neemt de temperatuur bij volle zon af met 1°C, telkens het volume van boomkruinen in een straat met 10% toeneemt.

 

"Ook steeds groter wordende regenbuien eisen hun tol. De drie grootste stortvloeden tijdens de zomer van 2018 kostten de Gemeente Rotterdam 35 miljoen euro aan opgemeten schade. Een kwalitatief groenontwerp in straten en woonwijken zorgt niet alleen voor koeling door schaduw en evaporatie van regenwater, maar werkt ook als een spons. Regenwater wordt makkelijker in de bodem opgenomen wanneer deze onthard en beplant is. Zo wordt het rioleringsnetwerk ontlast en kan het water op een gedoseerde manier worden verwerkt en verdampt door bomen.

 

3) Sociale Cohesie

Onderzoek toont aan dat in een groene omgeving mensen meer buiten komen, meer aan sport doen, zich meer met de fiets verplaatsen, meer initiatief nemen om evenementen te organiseren, en er zich meer zinvolle, spontane contacten voordoen. Stadsgroen omvat dus een krachtige ontwerpstrategie om isolement en stadsanonimiteit tegen te gaan.

 

"In haar ambitie om van Amsterdam een echte autoluwe stad te maken, wil de gemeente 11.200 straatparkeerplekken op de schop tegen 2025. Dit resulteert in allerlei participatieve initiatieven. In sommige wijken mogen bewoners mee bepalen wat er in de plaats komt: een fietsenstalling, plantsoenen, picknicktafels, …

 

Proeftuin Weesperzijde is zo’n experiment waar (net zoals bij Tuinstraten in Antwerpen of Leefstraten in Gent) per onmiddellijk bij bewoners de waardering wordt opgetekend voor de ontstane rust, ruimte voor groen en dorpse gezelligheid. Aan de andere kant van de wereld onderhoudt de National Parks Board van Singapore een netwerk van therapeutic gardensals manier om ouderen en mensen met mentale uitdagingen op een zinvolle manier in contact te brengen met elkaar.

 

4) Biodiversiteit

Wereldwijd staat de biodiversiteit stevig onder druk. Op 6 mei 2019 publiceerde de VN een rapport dat aangaf dat de zesde wereldwijde massa-uitstervingsgolf volop aan de gang is. Ook bij ons gaan veel populaties vogels en insecten achteruit. Vaak wordt verwezen naar de alarmerende achteruitgang van de bijenpopulatie, met negatieve gevolgen voor onder meer de voedselproductie. Steeds meer steden en gemeenten stellen een stadsecoloog aan die observeert hoe soorten in de stad gedijen en met welke maatregelen we biodiversiteit in stand kunnen houden en zelfs aantrekken. Singapore is daarbij uitzonderlijk. Niet alleen omdat ze de enige stad is met een binnenstedelijk stuk oerwoud, maar ook omdat ze al sinds de jaren zestig initiatieven neemt om zoveel mogelijk soorten te doen floreren binnen haar stadsgrenzen. Inwoners van de stad gaan er dan ook massaal tijdens weekends op verkenning om vogels, vlinders en zelfs apen te observeren in het brede netwerk van stadsparken. Maar ook bij ons zijn er mogelijkheden. Remco Daalder, stadsecoloog van Amsterdam ziet de stad juist als een boeiend en afwisselend landschap met unieke mogelijkheden om habitats te creëren en soortendiversiteit te ondersteunen. Door proactief beleid tel je vandaag in Amsterdam honderd soorten broedvogels, zestig soorten vissen en zeven soorten vleermuizen. Dat maakt dat de biodiversiteit in de stad Amsterdam groter is dan in de buitengebieden eromheen. Het voordeel van biodiversiteit is dat je stad er vrolijker van wordt. Ironisch genoeg krijgen vervelende dieren zoals ratten, muggen en parasieten minder kans in een biodiverse stad dan in een soortenarme stad.

 

5) Imago en aantrekkelijkheid

Onderzoek van Vlaams Instituut voor Technologisch Onderzoek VITO toont aan wat projectontwikkelaars en vastgoedmakelaars al lang wisten: een groene werk- of leefomgeving is meer waard. Prijzen van residentieel vastgoed zouden gemiddeld 20% hoger liggen in Vlaanderen, en trekken meer jonge gezinnen aan. Voor bedrijventerreinen is groen ook van belang. Niet alleen gaat de aantrekkingskracht voor investeerders er er op vooruit, groene bedrijventerreinen trekken ook meer talent aan, zorgen voor minder werkverzuim en meer tevreden, loyale medewerkers. Geen wonder dat actuele initiatieven zoals CIRCL aan de Zuidas in Amsterdam, Stepelerveldin Haaksbergen of Blue Gate in Antwerpen de uitstraling van een park krijgen.

 

De space race van enkele metropolen richting naturu-inclusieve stadsontwikkeling

De vijf genoemde meerwaarden worden vandaag vooral in steden verzilverd. Leefbaarheid, klimaatrobuustheid en prestige zijn de voornaamste drijfveren. Iedere dag komen nieuwe initiatieven op onze radar die wijzen op een versnelling richting natuur-inclusieve stadsontwikkeling.

[Parijs]Burgemeester Anne Hidalgo kondigde in juni 2019 aan dat ze maar liefst 50% van de stad Parijs in een groen gewaad wil hullen tegen het jaar 2030. Dat is indrukwekkend gezien de klassieke esthetiek van Parijs waar pleinen, straten en monumenten vooralsnog gebeiteld zijn in steen. Parijs zal een frisser, zachter, minder geregimenteerd en — wie weet — een nog levendiger gezicht krijgen. Door het verkeer ieder jaar met vijf percent te verminderen (en dus ook het aantal parkeerplaatsen), wordt ruimte gecreëerd voor een mozaïek van ‘tiny city forests’ en groene boulevards.

Geïnspireerd door het concept van 'chrono-urbanisme' trok ze naar de verkiezingen met haar concept 'La Ville du quart d'heure' (Een school, je werk, een supermarkt, een park.... Parijs wordt de stad waar je alles op een kwartiertje te voet of fietsen kan vinden) Zonder Corona-crisis had de tweede ronde van de lokale verkiezingen in Frankrijk gisteren plaatsgevonden. Benieuwd of Anne Hidalgo met een groen toekomstbeeld voor haar stad de bevolking weet te bekoren.

[Milaan] Guiseppe Sala, de burgervader van Milaan wil dan weer 3 miljoen bomen planten in Milaan. Dat zijn bijna drie bomen per inwoner. Op strategisch vlak maakt Guiseppe Sala werk van de nodige stapelijver. Hij wil de brug slaan tussen verkoeling van de stad in de zomer, betere luchtkwaliteit, betere buurtontwikkeling en het integraal klimaatplan van Milaan. De vergroening van zijn stad past ook in de transitie van een industriestad naar een stad die inzet op design, technologie en toerisme. Guiseppe Sala beschouwt een stad vol bomen als zijn nalatenschap aan de volgende generaties. Hij wil dat Milaan opnieuw de aantrekkingspool bij uitstrek wordt voor creatief talent.

[China] 98% van China’s grootste steden heeft regelmatig te kampen met condities zoals overstromingen door overvloedige regenval, smog of extreme hitte. Grote regenhozen bedreigen de sanitaire infrastructuur met risico’s voor het drinkwater, en povere luchtkwaliteit en aanhoudende hitte vormen vandaag de grootste bedreigingen voor de volksgezondheid. Daarom dat China werk maakt van zogenaamde sponssteden door met veel groen fijn stof te filteren uit de lucht, regenwater te late in filteren én op te vangen in grote, ondergrondse waterreservoirs.

[London] De burgemeester van Londen ‘Sadiq Khan’ beschouwt de povere luchtkwaliteit van de hoofdstad als een humanitaire ramp. Hij neemt een bulkverpakking aan maatregelen, en één daarvan is natuur-inclusief stadsontwerp. Op 22 juli 2019 werd Londen officieel de allereerste ‘National Park City’. Aan de basis staat een maatschappijbrede beweging om zoveel mogelijk actoren in de stad te betrekken bij het groener, divers en gezonder make van Londen. Daarnaast is het ook de bedoeling om ‘London’s great outdoors’ te promoten als recreatiegebied bij het brede publiek. Steden als Amsterdam en Breda willen graag een gelijkaardige programmatie ontwikkelen en ook aanspraak maken op het label dat in het leven is geroepen door The National Park City FoundationWorld Urban Parks en Salzburg Global Seminar.

 

Stadsnatuur buiten de stad?

Eén van de dominante verhalen van deze tijd is dat innovatie vooral een grootstedelijk fenomeen is. Om de echte testbedden en proeftuinen van innovatie te vinden, moet je in de stad zijn. Maar terwijl steden steeds drukker, voller, duurder en complexer worden, zien we een verschuiving van de aandacht ontstaan richting buitengebieden. Matthias Horx, oprichter van het Duitse Zukunftsintitut omschrijft het fenomeen als ‘Die Progressive Provinz’: Urbanisatie betekent niet noodzakelijk ’meer stad’, maar steeds vaker ook een mentale update van kleinere gemeenten. Burgers gaan de rust, groen en geborgenheid buiten de stad opnieuw waarderen. Een nieuwe generatie utopisten slaagt er bovendien in om op innovatieve manier plaatsen te creëren die functies zoals wonen, werken, zorg en ontspanning dankzij nieuwe samenwerkingsvormen combineren. De dorpse gezelligheid wordt steeds meer gecombineerd met een kosmopolitische levenstijk en esthetiek.

 

Enkele voorbeelden die ons op het netvlies kwamen:

De Kweektuin in Haarlem bieden een infrastructuur van serres en buitenruimte voor gemeenschapstuinieren. De centrale kapel van wat ooit een adelijk landgoed was, is vandaag een yoga studio. Verder is er een circulaire schrijnwerkerij ondergebracht, een restaurant, een kinderboerderij, een speelweide, en een uniek aangelegd moerasgebied voor beschermde amfibieënsoorten, gecombineerd met speelinfrastructuur voor kinderen.

Op een uur rijden van San Francisco vinden we één van de honderden Amerikaanse zogenaamde ‘agrihoods’: Davis Cannery. Een agrihood is een georganiseerde community die voedselproductie integreert met wooninfrastructuur, en bewoners vaak een actieve rol in voedselproductie toebedeelt. Gegoede millennials ruilen de coutryclub en golfterreinen massaal in voor agrihoods.

Wouter Van Eck, één van de finalisten van ‘De Plattelandspioniers’ heeft de ambitie het grootste voedselbos van Europa aan te leggen nabij Nijmegen.

Het Nederlandse docu-televisieprogramma VRPO Tegenlicht organiseerde in 2019 een landelijke wedstrijd ‘de Plattelandspioniers’. Hierin gingen ze opzoek naar de meest opmerkelijke pioniers die het landelijke weten in te zetten voor de samenleving van de toekomst. De finalisten zijn stuk voor stuk verassende en schaalbare initiatieven die het buitenstedelijke gebied kunnen transformeren.

Natuur-inclusief ontwerp vindt dus ook haar weg buiten de stad waar meer ruimte is om concepten neer te zetten die wonen, werken, zorg, ontspanning en kwalitatief groen combineren.

 

Of we nu in een stad of een kleine gemeente zijn, natuur-inclusief ontwerp betekent dat we de voorwaarden vormgeven waarbinnen stadsnatuur zich op een kwalitatieve en ecologisch waardevolle manier kan ontplooien, zonder de menselijke en stedelijke functies te frustreren, maar juist te verrijken.

 

Betrokkenheid van buurtbewoners is daarbij cruciaal. Trots en eigenaarschap over het groen zijn belangrijke succesfactoren, niet alleen tijdens het creatie- en uitvoeringsproces, maar vooral tijdens de zorg, beheer en bescherming die daarop volgt. De vele moedige initiatieven die we in binnen- en buitenland mogen aanschouwen tonen aan dat een goed uitgevoerde orkestratie van het proces van groot belang is, en dat we deuren en ramen moeten openzetten voor burgers, bedrijfswereld, gemeentelijke diensten en iedereen die van onze dorpen, wijken en steden een waar leefpark wil maken.