Doorzoek volledige site
03 juni 2020 | FILIP CANFYN

Steen & Been: Waterziek

Illustratie | Isiah Gibson, Unsplash

Onze huiscolumnist Filip Canfyn ziet dat lamenteren over uitzonderlijke droogte nu als bij wonder leidt tot nadenken over verloren bemaling. Eindelijk, een oplossing, die zo klaar als pompwater is. Hier moeten schouders onder gestoken en lessen uit getrokken worden, meent hij. Als dat maar goed afloopt …

Men is het koud water opnieuw aan het uitvinden. Antwerpen wil het water, dat op bouwwerven opgepompt wordt, herbruiken om parken nat te houden. Bierbeek wil het water, dat bij de bemaling voor de HST-tunnel naar boven komt, herbruiken om landbouwers uit de nood te helpen. Leuven wil het water, dat uit de NMBS-put gehaald wordt, herbruiken om reservoirs voor jonge bomen en bewoners te vullen. En de brandweer stelt zich terecht overal kandidaat om de eigen tanks te komen bevoorraden.

Waarom komt dat herbruik nù boven water? Bemalen doen we al zo lang, het (gratis) in de riool lozen van het gewonnen water al even lang. Dat is niet geld maar water in het water gooien. Dat is water naar de zee dragen. Dom dus. Dubbeldom zelfs want dat bemalen, zeker in steden, doet de lage grondwaterstand nog meer zakken. Ikzelf heb ooit meegemaakt dat door een werf in de buurt en de macabere werking van het natuurkundig principe van de communicerende vaten de grote vijver van het Antwerpse stadspark poederdroog stond.

Het kan geen toeval zijn, dat staat als een paal boven water, dat die herbruikgedachte opborrelt in een periode van vroege en uitzonderlijke droogte. Men wordt pas inventief rond circulariteit als het water aan de lippen staat. Het lijkt op de maatschappelijke transitietrend dankzij het coronavirus. Dan mogen innovatieve ideeën, die omwille van electorale en egoïstische motieven al jaren in het water vallen, zoals thuiswerken, videocalls en autogebruikbeperking, opeens wél. Dan bestaat er opeens wél een draagvlak, dan is het water niét meer te diep.

 

Het kan geen toeval zijn, dat staat als een paal boven water, dat die herbruikgedachte opborrelt in een periode van vroege en uitzonderlijke droogte. Men wordt pas inventief rond circulariteit als het water aan de lippen staat.

 

Meer nog, herbruik van bemalingswater is als concept de eenvoud zelve. Geen technologische apps nodig, geen commercieel gezwam vandoen. Daarin schuilt wellicht ook het risico: wanneer de oplossing te simpel is, te veel het algemeen belang dient, te moeilijk te recupereren valt, dan komen andere krachten in actie, die de oplossing doen verwateren en uiteindelijk verdwijnen.

Dàt voel ik nogal snel aan mijn water. Ik hoop dat ik dit keer ongelijk krijg.