Doorzoek volledige site
20 augustus 2020 | WOUTER POLSPOEL

Paul Gijsemans (GDesign) over Archicad: “Na 4 dagen basiscurcus kon iedereen al een mooi model maken”

Na een Archicad-opleiding van vier dagen tekende Paul Gijsemans van GDesign Architecten meteen al dit model in het programma. Illustratie | GDesign Architecten

KUBUS organiseerde in samenwerking met architectura.be recent een online event waarin het enkele architecten aan het woord liet over BIM. Building Information Modeling is tegenwoordig immers al wat de klok slaat; een overstap lijkt haast onvermijdelijk. Maar levert het nu effectief zoveel voordeel op als iedereen loopt te roepen? BOGDAN & VAN BROECK, bow architecten en GDesign Architecten brachten hun verhaal over werken met Archicad. Hoe beleefden zij de overstap? Welke valkuilen kwamen ze tegen? En zouden ze nog terug willen? Aan elke uitgebreide getuigenis wijden we een artikel. In een eerste laten we Paul Gijsemans van GDesign Architecten aan het woord.

“Ik wil benadrukken dat de pro’s en contra’s van werken met BIM voor een stuk mee bepaald worden door je eigen werking. Mijn mening over overschakelen op BIM is dus een heel persoonlijke en zal waarschijnlijk niet voor iedereen geldig zijn”, opende Gijsemans zijn betoog. “In 2016 zijn wij met ons bureau overgeschakeld van AutoCad naar de BIM-software Revit, net als AutoCad gemaakt door Autodesk, omdat steeds meer klanten een 3D-model wilden, en wij eigenlijk ook. Die beslissing betekende een zware investering voor ons. Onze werknemers kregen ook een opleiding op kantoor. Desondanks konden slechts weinigen ermee werken. Daardoor raakte ons eerste project in BIM, ondanks de hulp van Autodesk, niet tijdig klaar. Het idee van één model dat heel de bouwtermijn meegaat, bleek ook een utopie. In de praktijk wordt het model opnieuw gemodelleerd door de aannemer en aangevuld door het studiebureau dat instaat voor de technieken. Wél positief was de manier waarop Revit renderde. We zijn er uiteindelijk mee gestopt omdat de prijzen werden aangepast – Autodesk zou beginnen werken met huurlicenties – en er geen compatibiliteit was met de vorige versies.”

“Vervolgens zijn we gaan zoeken naar een alternatief. Voorop in die zoektocht stond gebruiksgemak en intuïtiviteit van de software. Die moest in de eerste plaats geschreven zijn voor de architecten en niet voor de ingenieur. Het programma moest voor ons ook beschikken over de mogelijkheid om plannen aantrekkelijk te maken, het moest voldoende geïmplementeerd zijn in de architectenwereld, het moest in staat zijn een meetstaat te genereren en ons van conceptueel niveau tot uitvoeringsniveau begeleiden en er moesten scholen bestaan die er opleiding in geven. UHasselt is één van de scholen waar Archicad onderwezen wordt.”

Archicad dus. “Via via had ik immers ook vernomen dat er collega’s waren die met Archicad werkten en die lieten me weten dat de software voldeed aan de genoemde voorwaarden. Vervolgens heb ik de gratis testversie van de software gedownload en ook via YouTube wat ervaringen opgezocht. Ik kon er vrij snel mee werken en als ik, op mijn leeftijd, dat kon, vertrouwde ik erop dat mijn collega’s dat ook zouden kunnen.”

“Archicad was dus een kanshebber, maar de overstap ernaar moest ook gedragen worden door hetteam. Ik heb daarom contact gezocht met de verdeler ervan, KUBUS, dat vervolgens een demo kwam geven. Onze medewerkers waren kritisch, maar ook enthousiast. We zagen vooral veel heil in het aanmaken van lay-outing, zeker in het kader van de ingang van het omgevingsloket waar het aantal plannen of lay-outs erg was toegenomen.”


Handig naslagwerk

“We besloten er dan ook voor te gaan. Zeven van onze mensen woonden een opleiding van vier dagen bij. Die was zeer gestructureerd, beter dan ik gewoon was uit het verleden, zeer hands-on en iedereen kreeg een handig naslagwerk mee dat de meesten hier nog altijd naast zich hebben liggen. Na vier dagen kon iedereen al een mooi model maken van een relatief complex ontwerp. Vijf van de zeven mensen die de cursus hadden gevolgd, zijn bijna meteen overgeschakeld op Archicad. Die andere twee niet, omdat de projectfase er zich niet toe leende.”

De factor ‘KUBUS’ bleek heel belangrijk voor Gijsemans. “We kozen voor de KeyMember Editie, te vergelijken met de Maintenance Subscription-formule bij Autodesk. Althans, dat dachten we. Er zit namelijk een groot verschil in de motivatie van de mensen van KUBUS en die van de mensen bij Autodesk. De slagzin ‘Als je 10 minuten moet zoeken naar iets, is het tijd om ons te bellen’, koos KUBUS duidelijk niet zomaar. De mensen aan de andere kant van de lijn, die alle dagen bereikbaar zijn, helpen je voort via TeamViewer. Daardoor durfden onze medewerkers ook veel sneller te starten met de nieuwe software. Bovendien merken we een duidelijke bereidheid om de software nog meer af te stemmen op de wensen van de gebruikers. Als je opmerkingen hebt of nieuwe toevoegingen suggereert, wordt dat duidelijk beschouwd als constructief.

Het is nu een halfjaar geleden dat GDesign Architecten van start ging met Archicad. De meeste projecten worden nu vanaf dag één uitgevoerd met het programma, de eerste templates zijn gemaakt. Waar loopt het bureau nog tegenaan? “De Meetstaat Manager van het programma is gebaseerd op het lastenboek van de VMSW”, vertelt Gijsemans. “Spijtig genoeg is in de industriebouw, waarin wij vooral actief zijn, 80% afwijkend van dat lastenboek, maar de mensen van KUBUS weten dat intussen al. Het zou daarnaast ook makkelijk zijn dat men in voorstudies de gevel kan indelen en aan elk deel een verschillend materiaal kan toekennen, los van de gebruikte composieten, een beetje als bij SketchUp/Revit. En een laatste werkpuntje: complex profiles worden (nog) niet opgenomen in de meetstaat.”


Doelstellingen

Wat zijn de doelstellingen die GDesign Architecten nog heeft op het vlak van de implementatie van Archicad? “We willen per fase juist aflijnen wat we tekenen en zo tekenconventies vastleggen. Het verschil tussen voorontwerp en definitief ontwerp, zowel op het vlak van visualisatie als naar nauwkeurigheid, moet duidelijk bepaald zijn. We moeten ook de integratie tussen ons lastenboek en alle gebruikte materialen nog op punt stellen en zijn ook van plan alle medewerkers de opleiding laten volgen. We zijn ook vragende partij voor een extra opleiding rond visualisatie. Hoe tonen wij onze plannen het best aan de klant?”

“De tip rond BIM waarmee ik wil besluiten, is eerder een waarschuwing. BIM wordt heel vaak verkocht als holistisch verhaal. Waardoor de klant meestal verwacht dat hij een gebouwbeheersysteem krijgt vanaf de eerste plannen. Maar dat is niet wat wij maken. Ik probeer dat dan ook uit te leggen. Mijn raad is dus om zoiets als architect niet te beloven aan de klant. Trap niet in die valkuil.”


Vragenronde

Na het verhaal van Gijsemans konden de volgers van het webinar ook enkele vragen stellen. Die lijsten we hieronder op, samen met de antwoorden.

  • De voordelen voor jullie bureau heb je aangehaald, maar welke voordelen zitten erin voor jullie klanten?

    “Wij ontwerpen vooral productiegebouwen. Een groot voordeel aan BIM is natuurlijk dat je IFC-modellen kan aanleveren. Dat biedt een groot voordeel wanneer je met machinebouwers samenzit. Zij kunnen dan hun materialen gaan plaatsen binnen de context, gaan nakijken of die te integreren vallen of niet. Dat is allemaal veel moeilijker als je hen gewoon 2D-plannen kan voorleggen. Voor hen is BIM dus wel echt een zeer goede tool.”
     
  • Hebben jullie een BIM-manager aan boord?

    “We hebben iemand die zich bezighoudt met het BIM-verhaal, maar het is niet zo dat die persoon zich er vijf dagen per week fulltime mee bezighoudt. Het is ook daarom dat de implementatie zo gestaag verloopt.”
     
  • Waar leren jullie de werkmethodiek en vooral dan de volgorde van het opzetten van een nieuw model?

    “Die methodiek zijn we ons momenteel zelf aan het aanleren, met vallen en opstaan. Er is wat dat betreft een groot verschil tussen industriële en residentiële projecten, aangezien de modellen voor beide soort projecten sowieso erg verschillen.”
     
  • Gebruiken jullie ook andere tools naast Archicad, zoals Solibri en BIMcollab en kan je vertellen welke tool voor welke doeleinden wordt ingezet?

    “Helaas moet ik hier gewoon neen op antwoorden. Een kort antwoord op een lange vraag.” (lacht)
     
  • Wordt alles bij jullie altijd in BIM uitgevoerd of kiezen jullie bepaalde projecten uit? En hoe bepalen jullie dan welke projecten dat zijn?

    “Wij starten nu elk project in BIM. Het is niet zo dat wij alle oude projecten opnieuw gaan uittekenen in BIM. We zullen voor die oudere projecten enkel de dingen die we nodig hebben bijtekenen in BIM en een koppeling maken met bestaande tekeningen.”
     
  • Wij zijn voor de renderings net gestart met Twinmotion en er is een directe koppeling met Archicad zodat wijzigingen direct doorgevoerd kunnen worden. Hebben jullie daar ook al ervaring mee?

    “Ja, dat filmpje dat ik na vier dagen had gemaakt, had ik gemaakt met Twinmotion. Dat is echt kinderspel.”
     
  • Dat visuele is wel belangrijk voor jullie. Wil dat zeggen dat jullie ook al nadenken over VR en AR?

    “Ik ben er zelf mee aan het werk, maar alles gaat stap per stap. Zeker in de residentiële sector heeft beleving van een model een grote meerwaarde. Daar ligt dus veel potentieel voor VR en AR. Je moet je wel afvragen waar de grens ligt tussen rentabiliteit en een toegevoegde waarde. Als zaakvoerder moet ik daar aandacht voor hebben."