Doorzoek volledige site
02 december 2020 | LIESBETH VERHULST

Gevelgroen? Ontwerp een degelijk irrigatiesysteem

Groene gevel, Parijs Illustratie | arch. Filip Dobbels

In een vorig artikel onderwierpen we het opmerkelijke nieuws dat een woonproject in de Chinese stad Chengdu zou verlaten zijn een muggenplaag te wijten aan de groene gevels aan een factcheck. De conclusie van het WTCB was duidelijk: groene gevels zijn geen broedplaats voor muggen en verhogen het aantal muggen dus niet. Wel is een doordacht irrigatiesysteem van groot belang om stilstaand water – dat wel muggen kan aantrekken – te vermijden. Het WTCB voorziet ons i.s.m. gespecialiseerde wetenschappelijke partners van enkele aandachtspunten en tips.

Het water in een irrigatiesysteem voor groene wanden staat nooit lange tijd stil: op geregelde tijdstippen stroomt er water door het systeem om de wortels van de planten van vocht te voorzien. Eventuele eitjes van muggen worden dus meegespoeld. Stilstaand water is ook voor de planten nadelig en wordt dus vermeden in de irrigatiesystemen. In de winterperiode (geen watergift nodig) wordt het irrigatiesysteem geleegd om vorstschade te voorkomen. Irrigatiesystemen o.b.v. sproeiers, druppelaars, zweetbuizen… vormen absoluut geen verhoogd risico voor een verhoogde muggenconcentratie. Deze houden alleen het substraat vochtig. Eventueel overtollig water stroomt meteen af van de gevel. Bemerk dat deze situatie zich ook voordoet in elke tuin, in elke plantenbak, … Dit is dus niet eigen aan groene wanden.

Vlottersystemen vergen mogelijk meer aandacht. Bij het concept is het belangrijk is om eventuele reservoirs met stilstaand water niet in contact te laten komen met de buitenlucht. Bij de ons gekende systemen van groene wanden is deze voorwaarde altijd voldaan. Bij het enige ons gekende LWS met waterreservoirs in de gevel – met name het capillaire systeem Mobilane Live Panel - zijn deze volledig afgesloten van de buitenlucht. We hebben nog geen verhoogde concentratie muggen vastgesteld met dit systeem, noch in onze proefwanden, noch in de gekende realisaties zoals bijvoorbeeld Nike in Laakdal met een groene wand op zeer grote schaal.

Het irrigatiewater wordt steeds naar de planten gevoerd in gesloten buizen of kanalen. Er zijn ons geen systemen bekend met open goten voor buitentoepassingen. Hierdoor zou het water immers te snel kunnen verdampen. Ook bij het hydrocultuursysteem van Aquarella zijn bij  het PCS, waar dit geïnstalleerd staat, geen problemen met muggen bekend. In dat systeem worden onderaan geperforeerde kunststof potjes met planten geplaatst in een open goot waar steeds enkel centimeters water aanwezig is. Dit systeem wordt (enkel) toegepast in binnenruimtes. Ook in dit systeem wordt het water regelmatig ververst, wat cruciaal is, omdat dit anders ook problemen oplevert voor de planten zelf.


Groene daken

In principe is er een groter risico op stilstaand water bij groene daken, gezien in dat geval horizontale oppervlakken van vegetatie voorzien worden, maar ook bij groendaken hebben we nog nooit gehoord van een muggenplaag. Waterretentiedaken lijken ons wel potentieel een risico in te houden voor een verhoogde concentratie op muggen, gezien in dat geval een relatief grote hoeveelheid water gedurende langere tijd op het dak bewaard wordt. Bij de ons gekende systemen wordt het water ook in dat geval quasi steeds afgedekt van de buitenlucht, bijvoorbeeld door een groendak.

Het voorkomen van het indringen van muggen lijkt ons een aandachtspunt bij de detaillering van dergelijke systemen, om te vermijden dat bijvoorbeeld aan randen of doorstroomopeningen muggen tot bij het waterreservoir zouden kunnen dringen. Eventuele dakvijvers moeten steeds voorzien worden van een installatie om het water te laten circuleren en van zuurstof te voorzien. In de gekende voorbeelden uit de praktijk blijkt dit ook het geval te zijn. Bij het (voor)ontwerp van gebouwen lijkt het ons aangeraden om geen waterretentiedaken of dakvijvers te voorzien vlakbij plaatsen waar geregeld mensen aanwezig zijn (rust- of circulatiezones) of vlakbij opengaande delen in de gevel (deuren, vensters, luchttoevoeropeningen, …).



Praktische aandachtspunten & tips om van groene wanden een succes te maken

  • Ontwerp het irrigatiesysteem zo dat er nergens stilstaand water in contact staat met de buitenlucht, zelfs bij tijdelijk gebrek aan onderhoud (aandachtspunt bij vlottersystemen, in principe voldaan bij alle gekende systemen op de markt)
  • Streef een gelijkmatige bevochtiging na van de wortels (dus geen zones die te weinig water krijgen en ook geen zones die permanent te vochtig staan)
  • Verfijn de watergift (precies gepast, nooit te weinig of te veel)
  • Check het systeem op plaatsen waar water mogelijk zou kunnen stagneren (bijv. kleine holtes aan de bovenzijde van kunststof of metalen onderdelen, eventuele putten in het substraat…). Pas zo nodig de vormgeving aan, zodat overtollig water meteen en volledig afvloeit
  • - Tip: transparante kunststof buizen bieden een mogelijkheid tot visuele controle van de waterdoorvoer en kunnen voor bepaalde onderdelen nuttig zijn
  • Tip: door toepassing van bepaalde plantensoorten in groene wanden kunnen deze helpen om muggen en/of wespen op afstand te houden. Muggen worden niet (extra) aangetrokken door de aanwezigheid van planten. Er zijn wel een hele reeks planten bekend die muggen niet aantrekkelijk vinden en dus kunnen helpen om ze op afstand te houden of te verhinderen dat larven zich kunnen ontwikkelen. Denk maar aan citroengras, rozemarijn,  lavendel, basilicum, salie,... Sommige planten (zoals bv. lavendel, rozemarijn, goudsbloem, kattenkruid en munt) kunnen ook meehelpen om wespen op afstand te houden, naast andere maatregelen zoals geurkaarsen en vooral het vermijden van producten die voedsel kunnen zijn voor wespen, zoals bepaalde zoete dranken.


Dit artikel is tot stand gekomen dankzij de bijdrage van ir.-arch. Filip Dobbels (WTCB) in overleg met de wetenschappelijke partners van het onderzoeksproject TETRA Wonderwalls. Met dank aan: prof. Siegfried Denys (UAntwerpen), dr. Bruno Gobin, dr. ir. Sandy Adriaenssens (PCS - Proefcentrum voor Sierteelt), prof. Luc de Bruyn (muggenexpert INBO), prof. Wim Van Bortel (muggenexpert ITG - Instituut voor Tropische Geneeskunde)  en dr. ing. Joris Van Herreweghe (WTCB).