Doorzoek volledige site
21 januari 2021 | TIM JANSSENS

Ingenieuze trambrug overkapt archeologische openluchtsite

Om de Noorderlijn te kunnen realiseren, moest er een gelijkvloerse trambrug over de archeologische Kipdorpsite gebouwd worden. Illustratie | Infosteel
Aangezien de onderliggende archeologische resten zichtbaar moesten blijven, is de trambrug afgewerkt met roostervloeren. Illustratie | Infosteel
De realisatie van trambrug was een technisch huzarenstukje. Illustratie | Infosteel

Een vlotte tramverbinding tussen het historisch centrum, het Eilandje en het noorden van de stad: dat is de Antwerpse Noorderlijn in een notendop. Om dit langverwachte megaproject te kunnen realiseren en zo meteen enkele hardnekkige stedelijke mobiliteitsknopen te kunnen ontwarren, waren er op en rond het traject ingrijpende infrastructuurwerken nodig. In dit artikel zoomen we in op de realisatie van een trambrug op de archeologische Kipdorpsite.

Van de trein stappen in Antwerpen-Centraal of je auto parkeren op de nieuwe Park & Ride langs de A12 en even later op de tram springen om door te reizen naar het justitiepaleis, het Red Star Line Museum, het MAS of het prachtige Havenhuis: sinds dit jaar is het eindelijk mogelijk. De Noorderlijn maakt het noorden van Antwerpen vlot bereikbaar met de tram, waardoor het aantal wagens in en rond het stadscentrum opnieuw drastisch afneemt en de algemene leefbaarheid in Antwerpen fors toeneemt. Ook verschillende wegen, kruispunten, pleinen en andere publieke ruimtes langs het kersverse tramtraject kregen een nieuwe invulling. Zo ondergingen de Noorderleien, de Noorderlaan, het Operaplein en de Rooseveltplaats een grondige metamorfose om het openbaar vervoer, fietsers en voetgangers (opnieuw) alle ruimte te geven.

 

Spaanse Omwalling

Een van de meest opvallende plekken op het traject van de Noorderlijn is de historische Kipdorpsite. Daar werden in het voorjaar van 2018 waardevolle archeologische restanten van de vroegere stadsmuren blootgelegd, die dateren uit de zestiende eeuw. De overblijfselen van deze indrukwekkende ‘Spaanse omwalling’, die in opdracht van Keizer Karel V werd opgetrokken en ter hoogte van de huidige Leien lag, bleken nog in goede staat te verkeren (tot bijna 8 meter onder het maaiveld). Een deel van het Kipdorpbastion en een pijler van de Kipdorpbrug moesten helaas plaatsmaken voor de autotunnels die ook onder het Operaplein lopen, maar de zuidelijke flank van het Kipdorp­bas­tion, een derde van de 90 meter lange Kipdorp­brug en 75 meter van de vroegere stadsmuur werden gerestaureerd en zijn voortaan te bezichtigen op een archeologische openluchtsite, die toegankelijk is voor het grote publiek.

 

Technisch huzarenstukje

In deze bijzondere setting moest tevens een nieuwe gelijkvloerse trambrug gerealiseerd worden – een cruciale missing link voor de Noorderlijn. Een technisch huzarenstukje, temeer omdat de tramwissels volledig geïntegreerd zijn in de brug en ook de hulpdiensten erover moeten kunnen rijden (zelfs met het zwaarste brandweervoertuig: de Hilton 530T). Bovendien moesten de onderliggende archeologische resten zichtbaar blijven. “De brug is bijgevolg afgewerkt met zware roostervloeren”, zegt Andreas Vermeeren, projectleider bij staalbouwer CSM. “De structuur van de brug bestaat uit S355-staal en weegt circa 135 ton. Ze is opgebouwd uit drie samengestelde kokerliggers, die telkens 29 meter overspannen. De plaatdiktes voor deze kokers lopen op tot 50 mm. Tussen deze kokerliggers vormen HEA400-balken en al dan niet samengestelde HEA300-balken de draagstructuur voor de spoorgoten. De roostervloer draagt af op IPE270-balken, die geraveeld uitgevoerd zijn om de brug zo laag mogelijk te houden. Naast de roosterstructuur zijn ook gootbakken geplaatst, die door middel van een boutverbinding aan de brug verankerd zijn.”

 

Logistieke uitdaging

De trambrug heeft negen steunpunten: zeven aan beide uiteinden en twee in het midden, die via een portiek op de wanden van de onderliggende autotunnel rusten. “Bovendien zijn deze centrale steunpunten gerealiseerd doorheen de Spaanse Omwalling, waarin twee sparingen zijn aangebracht”, legt Andreas Vermeeren uit. “Gezien de spanningswisselingen ten gevolge van het tramverkeer is de brug onderworpen aan vermoeiing en moesten we extra aandacht besteden aan de lasdetails en de brugovergangen. Ook het transport van de drie secties – inclusief voorgemonteerde roosters en spoorgootbakken, afgezien van de stukken nabij de lasvoegen – was een hele uitdaging. Het zwaarste deel woog bijna 65 ton en was 4,5 meter breed, terwijl het lichtste stuk 30 ton woog, maar 6,5 meter breed was. Het was geen sinecure om met deze gewichten en afmetingen door de binnenstad van Antwerpen te manoeuvreren. Eens gearriveerd op de werf, zijn de transportsecties eerst op tijdelijke, modulaire ondersteuningen gelegd met behulp van een speciale montagekraan. Pas nadat ze aan elkaar gelast waren, is de brug op de definitieve oplegpunten en de twee centrale steunpunten geplaatst. Tot slot is het drielaags schildersysteem aangebracht op de werfvoegen en zijn de resterende roosters en spoorgootbakken gemonteerd.”