Doorzoek volledige site
09 maart 2021

Staalbouwwedstrijd 2020: CART van MAX8 architecten laureaat residentiële gebouwen

Illustratie | Yannick Milpas

Infosteel maakte op 22 februari de laureaten van de Staalbouwwedstrijd 2020 bekend. De Staalbouwwedstrijd wordt jaarlijks georganiseerd beurtelings in België en in Luxemburg en was aan zijn 21ste editie toe. De komende weken zetten we op architectura.be de laureaten in de schijnwerpers. Vandaag is het de beurt aan CART in Ham, naar een ontwerp van MAX8 architecten. Dit project werd bekroond werd in de categorie residentieel. 

Motivatie van de jury

"De keuze voor staal is bewust doorgetrokken in het hele gebouw, zowel constructief als in de gevels. Het zichtbare structurele staal maakt er een ‘eerlijk’ architecturaal project van. Architectuur en structuur gaan in elkaar op. De slimme planopzet geeft maximale ruimte aan de hoogwaardige woonfunctie", aldus de jury. 


Het winnende project

Opdrachtgever: Cartledge Consultancy & Investments
Architect: MAX8 architecten
Interieurarchitect: Arjaan De Feyter
Studiebureau IRS studiebureau
Hoofdaannemer/staalbouwer: Caels & Partners

Op een bescheiden, bijna driehoekig, bebost bouwperceel in een kmo-zone, met uitzicht op het Albertkanaal, verrezen een atelierruimte voor laswerken, een landschapskantoor voor circa vier personen en een woning met loftallures. Aangezien het perceel te klein was om het bouwprogramma volledig bovengronds te realiseren, zijn het lasatelier en bijhorende ruimtes ondergronds gerealiseerd. De loft en het kantoor bevinden zich grotendeels op de eerste verdieping en zijn ondergebracht in een royaal beglaasde doos op pijlers.

Om de activiteiten van het lasbedrijf in de verf te zetten, werd beslist om met zichtbaar blijvend profielstaal en stalen zonweringen te werken. Hoewel de structuur van het gebouw hybride is – deels beton, deels staal – wekt het de indruk dat het is opgetrokken als een zuivere staalbouwconstructie, vermits de zwarte stalen liggers en kolommen zichtbaar zijn in de gevels. In die zin verwijst het gebouw naar de begindagen van het modernisme, toen staal en glas de boventoon voerden. Er is niet met steeldeck of sandwichpanelen gewerkt, maar met ter plaatse gegoten betonnen vloerplaten tussen stalen liggers en randbalken. De gevels zijn bekleed met houten latten, die tussen zichtbaar gelaten stalen liggers (type UPN400) bevestigd zijn.

In totaal is er 38 ton S235-profielstaal verwerkt in het gebouw met een lasbaarheid van J0 / J2, een brandwerende coating (R60) en een tweecomponenten exterieurcoating van Sigma (Sigmadur 520). Er is voornamelijk voor staal gekozen vanwege esthetische redenen. Dankzij de hybride staal-betonconstructie kon de opbouw van de vloer- en dakplaten ook slank gehouden worden, waardoor de grote overspanningen, de opstelling op stalen kolommen en de uitkragingen samen met de isolatie en afwerkpakketten te verwezenlijken waren binnen de dikte van 40 cm – lees: de hoogte van de stalen UPN400-liggers die de vloerplaten omzomen.

Het resultaat is een gedurfde expressieve vormgeving en een onconventionele indeling.