Doorzoek volledige site
16 april 2014

Groter, dunner of gezonder: wat zijn de gevolgen voor de aannemer?

Scheurvorming en ponsschade op een tegel met een zeer groot formaat en een zeer geringe dikte.
Scheurvorming en ponsschade op een tegel met een zeer groot formaat en een zeer geringe dikte ten gevolge van een onvoldoende verlijming.
Onthechting van een betegeling op een anhydrietgebonden dekvloer.
Onthechting van een betegeling op een anhydrietgebonden dekvloer.

De huidige tendensen en modetrends spoorden de sector aan om steeds grotere maar ook dunnere harde vloerbekledings­producten te produceren. Indien men bij de plaatsing van deze producten echter geen rekening houdt met de specifieke eisen voor de toleranties en de verlijmings- of uitvoeringstermijnen, kan men volgens het WTCB te maken krijgen met een plaatselijk loskomende en/of hol klinkende harde-vloerbekleding

Het is dan ook raadzaam om bij de toepassing van dergelijke producten een beroep te doen op gekwalificeerde vakmannen en te zorgen voor een goede planning en coördinatie van de werken om de juiste drogingstermijnen te garanderen. De evolutie in de regelgevingen kunnen ook bepaalde gewoontes wijzigen. Zo maakt men bijvoorbeeld vaker gebruik van verven met een zogenaamd 'verminderd VOS-gehalte' die gepaard kunnen gaan met toepassingsproblemen.

1. 'Hol klinkende' of loskomende harde vloerbedekkingen

Eerst en vooral moeten we bij vloerbetegelingen een onderscheid maken tussen enerzijds het loskomen van meerdere tegels die een holle klank afgeven – een fenomeen dat doorgaans ook gepaard gaat met een knarsend geluid bij beloping en schade aan de naastliggende voegen – en, anderzijds, enkele tegels of tegeldelen die plaatselijk hol klinken. Dit laatste fenomeen kan zich voordoen in zones waar de tegel geen contact heeft met de mortel(lijm) maar zal, bij een normale belasting en een voldoende tegeldikte, normaalgesproken geen invloed hebben op de duurzaamheid van de vloerbekleding.

1.1. 'Hol klinkende' vloerbetegelingen

Indien men een holle klank hoort wanneer een hard voorwerp in contact komt met het tegeloppervlak en indien dit fenomeen zich op meerdere naast elkaar geplaatste tegels voordoet, is de kans groot dat deze tegels volledig losgekomen zijn en op korte of lange termijn schade zullen vertonen (deze situatie wordt besproken in § 1.2). Indien deze holle klank zich echter enkel voordoet op beperkte delen van bepaalde tegels en niet gepaard gaat met schade aan de voegen, is de holle klank waarschijnlijk te wijten aan een plaatselijke discontinuïteit tussen de betegeling en het lijmproduct (bv. door luchtinsluiting tijdens de plaatsing). Een kleine tegelzone die niet volledig in contact staat met de gebruikte tegellijm zal immers meteen een andere klank opleveren, ook al is het hechtende gedeelte ruimschoots groot genoeg om een langdurige hechting van de tegel te garanderen. Dit fenomeen kan veroorzaakt worden door een vlakheidsgebrek in de ondergrond en/of in de tegel dat aanleiding geeft tot een onvolledig contact tussen de betegeling en de ondergrond. We willen hierbij opmerken dat het risico op een plaatselijke holle klank in het tegeloppervlak toeneemt naarmate het tegelformaat groter is.

De keuze van de mortellijm of lijm kan ook op een ander vlak bepalend zijn. De huidige keramische tegels zijn vaak zeer weinig poreus waardoor het centraal aangebrachte lijmproduct niet altijd correct zal drogen bij grootformaattegels. Het vocht dat in de mortellijm of lijm aanwezig is, moet in dit geval immers een lange weg afleggen om de voegen te bereiken en kan zo de optimale hechting van het volledige tegeloppervlak verstoren omwille van verminderde mechanische prestaties van het hechtingsproduct in het centrale gedeelte.

Lees dit artikel verder op de website van WTCB

GERELATEERDE DOSSIERS