Doorzoek volledige site
22 januari 2015 | KEVIN MOENS

ATTB: milieu-efficiënt verwarmen wordt dé ecologische en economische uitdaging voor 2015

ATTB, de Associatie voor Thermische Technieken van België, geeft aan het begin van het nieuwe jaar een overzicht van de trends en uitdagingen in de sector van verwarmingsketels, hybride ketels, warmtepompen en zonneboilers. 

Nieuwe energielabels en de nakende invoering van Ecodesign zullen naar verwachting een nieuwe stimulans geven aan de markt van energieperformante verwarmingssystemen. Op het vlak van milieu-efficiëntie hinkt het Belgische beleid achterop bij de meeste andere landen uit de Europese Unie. ATTB vreest dat, indien de maatregelen achterwege blijven, de economische en ecologische schade niet te overzien zal zijn. 

 

Negatieve spiraal zet zich voort

Voor het derde opeenvolgende jaar stelt de sector vast dat de verkoop van verwarmingsketels een dalende trend kent. Geschat wordt dat de verkoop opnieuw met 5 % daalde en dat deze niet gecompenseerd wordt door een stijging van andere technologieën zoals warmtepompen. Dit betekent opnieuw dat de consument steeds langer de vervanging van zijn ketel uitstelt met alle gevolgen voor milieu, veiligheid en economie. Bij veel consumenten weegt het terugverdieneffect op middellange termijn niet op tegen de investering die daarvoor onmiddellijk gemaakt moet worden. Hierdoor blijft het aandeel verouderde ketels in huishoudens stijgen. Deze situatie dreigt nog te verergeren. De Belgische consument moet zijn ketel wettelijk regelmatig laten nazien en onderhouden. In Vlaanderen is dat om de twee jaar voor gas en elk jaar voor een stookolie-installatie. In Brussel en Wallonië is het respectievelijk drie en twee jaar. In Vlaanderen maakte de regering zijn intentie bekend om de periode voor het onderhoud van gasketels ook tot drie jaar te verlengen waardoor technische fouten en inefficiënties later zullen vastgesteld en eventuele vervangingen van de ketels ook verder uitgesteld zullen worden. Terwijl nu al te veel consumenten deze wettelijke plicht negeren, zal deze situatie nog verslechteren door het wegvallen van de fiscale aftrek van de onderhoudsfactuur voor particulieren sinds aanslagjaar 2014. Tot 2013 waren deze kosten (uitgaven tot 2012) nog voor 40% aftrekbaar. Het wegvallen van de fiscale stimuli voor het onderhoud van verwarmingsinstallaties komt bovenop het afschaffen van de belastingvoordelen voor het plaatsen van milieu-efficiënte ketels sinds 2011. Tot dat jaartal kende de markt een vrij indrukwekkend groeiscenario en gebeurde de vervanging van ketels op een grotere schaal dan in de buurlanden.

Door het afschaffen van de maatregelen kwam een eind aan deze hausse. In moeilijke economische tijden betekent het ontbreken van fiscale stimuli voor vervanging en onderhoud dat de consument extra kosten zal moeten maken die eigenlijk te vermijden waren terwijl de nefaste gevolgen voor het klimlaatbeleid waarvoor de verschillende overheden zich geëngageerd hebben duidelijk zijn.

 

België slechtste leerling van de klas?

In oktober beslisten de Europese regeringen dat de CO2-uitstoot tegen 2030 40% lager moet liggen dan in het referentiejaar 1990. Binnen deze maatregel stelt men dat tegen dat jaar deze doelstelling moet bereikt worden door het aandeel hernieuwbare energiebronnen in de energieconsumptie te verhogen tot 27% en de energie-efficiëntie met minstens 27% te verbeteren. Deze doelstellingen gelden als een tussenstap naar de ambitie om de CO2-uitstoot tegen 2050 met 80% te verminderen en als een uitbreiding van de vermindering van de uitstoot tegen 2020 met 20%. Volgens het laatste rapport van het Europese Milieuagentschap zitten een aantal landen waaronder België echter niet op het juiste spoor en is het meer dan twijfelachtig dat België de Europese doelstellingen zal halen. Het rapport wijst erop dat vooral op het vlak van energie-efficiëntie ons land onvoldoende maatregelen neemt. Tussen 2005 en 2012 diende de energieconsumptie door de eindgebruiker (final energy consumption) jaarlijks met gemiddeld 0,86% te minderen. In realiteit was die gemiddelde jaarlijkse daling slechts 0,06%. Om de doelstellingen van 2020 te halen zou de gemiddelde daling in de jaren 2013-2020 1,47% moeten bedragen. Een vermenigvuldiging met factor 25 dus.

Ook in het licht van deze cijfers dringen zich maatregelen op die de vernieuwing van het Belgische ketelpark opnieuw in een stroomversnelling brengen.

Nood aan renovatie van het ketelpark

Naast industriële activiteiten en mobiliteit is verwarming de belangrijkste bron van CO2-emissies. Behalve investeringen in isolatie en hernieuwbare energie, moet daarom ingezet worden op de promotie van milieu-efficiënte technologieën. In het kader van de doelstellingen van Europa moeten strategieën ontwikkeld worden die consumenten aanzetten hun verouderde verwarmingsinstallaties te vervangen door hoogrendementsketels, zonneboilers of warmtepompen. In lage-energiewoningen is het aan te raden te opteren voor systemen op gas aangevuld met installaties op basis van hernieuwbare energiebronnen zoals thermische zonnecollectoren of warmtepompen, om een maximum wooncomfort te garanderen. Ook hybride modellen die klassieke verbranding combineren met hernieuwbare energie zijn een ideale oplossing. Ondanks de aardgasprijzen die momenteel tijdelijk dalen, zien we dat de energiekost een steeds groter aandeel van de koopkracht in beslag neemt. Zowel vanuit maatschappelijk als economisch oogpunt is de modernisering van het ketelpark een vereiste.

 

De sector is klaar voor de toekomst

De Belgische sector van thermische technieken, verenigd in ATTB, heeft het voorbije decennium zwaar geïnvesteerd in de ontwikkeling en promotie van hoogpresterende verwarmingstechnieken en Ecodesign. De nieuwe generatie ketels anticipeerde op de strengere normen die Europa de volgende jaren zal invoeren. Veel leden van ATTB zetten die trend naar de verduurzaming van hun producten ook door naar andere aspecten van hun bedrijfsvoering en zijn op dat vlak pioniers. Ondanks die investeringen stellen we vast dat de negatieve trends van de voorbije jaren in de verkoop zich verderzetten. Alleen de verkoop van warmtepompen bleef in 2014 licht stijgen (+ 5%). In de segmenten van zonneboilers en verwarmingstoestellen op gas of olie zette de dalende trend van de voorbije jaren zich verder. De verkoop van zonneboilers daalde zelfs met 25%. Nochtans zijn zonneboilers de meest efficiënte toepassing van hernieuwbare energie.

De jarenlange investeringen in milieu-efficiënte technologie maakt ook dat de sector klaar is voor de wijzigingen die op til zijn naar aanleiding van de Europese richtlijnen met betrekking tot Ecodesign. Vanaf september 2015 wordt een nieuw energielabel ingevoerd. Voor nieuwe ketels en combiketels op gas of stookolie met een nominale warmteafgifte ≤ 70 kW geldt vanaf 26 september 2015 dat zij een energie-efficiëntie van minimum 86% moeten presteren. Dit betekent dus dat zij minstens een B-label moeten halen, een vereiste die overeenkomt met de prestaties van condensatieketels die dus de minimumnorm worden.

De sector hoopt dat deze nieuwe normen op voldoende ondersteuning van de overheid zullen kunnen rekenen. Zo niet zal de veroudering van het Belgische ketelpark zich verderzetten.

 

Verwarmingstechnologie: speerpunt in een economische transitie

Om onze economie op tempo te houden en economische groei te garanderen, moeten we een economische transitie maken met de inzet van milieu-efficiënte technologie als een hoofdpijler. We stellen echter vast dat België op dat vlak achterop hinkt, zoals blijkt uit het rapport van het Europees Milieuagentschap. Ook de consument is momenteel te weinig doordrongen van de urgentie van het klimaatprobleem. Nochtans schuilt in elke crisis een opportuniteit en nieuwe economische kansen. ‘Business as Usual’ is momenteel geen optie maar de omslag dient gemaakt te worden naar een economie die gewapend is voor een toekomst waar milieu-efficiëntie de norm is. De sector van thermische technologieën is voorbereid op een dergelijk transitie. Het is nu nog wachten op een politiek en economisch kader om deze transitie waar te maken. ATTB meent in deze context dat het debat moet heropend worden in welke mate de overheid de investeringen in energiezuinige technieken en installaties kan ondersteunen als onderdeel van een integraal klimaat- en economisch beleid.

De sector stelt vast dat de fiscale voordelen die er tot 2011 waren een positief klimaat hebben gecreëerd voor energieperformante toepassingen maar dat deze dynamiek sinds het wegvallen van deze stimuli deels is verdwenen. Precies daarom dat ATTB haar hoop vooral stelt op een weldoordacht EPB-beleid waarin energiezuinige verwarmingstechnieken correct gevalideerd worden. ATTB is dan ook vragende partij om als sectorfederatie op een structurele manier nauwer betrokken te worden bij het beleidsvoorbereidende werk met betrekking tot het energiebeleid en is van haar kant bereid haar knowhow en ervaringen ter beschikking te stellen van de Vlaamse regering en overheidsdiensten.