Doorzoek volledige site
04 februari 2015

Bouwmeester Peter Swinnen: ‘Geen bewijzen van belangenvermenging’

Illustratie | Jimmy Kets

Vlaams Bouwmeester Peter Swinnen zegt dat hij nog niet op hoogte gebracht werd van de precieze redenen waarom hij ontslagen werd door de Vlaamse Regering. De audit die aan de basis van zijn ontslag ligt, zou volgens hem geen bewijzen van belangenvermenging aantonen. Swinnen ziet daarentegen wel ‘onjuistheden en insinuaties’ in de audit en wil zijn ontslag aanvechten voor de rechtbank.

Het ontslag van Bouwmeester Swinnen kwam er na een verslag van Audit Vlaanderen, de eigen interne auditorganisatie van de Vlaamse overheid, dat op last van Vlaams minister-president Geert Bourgeois (N-VA) werd opgesteld. Dat verslag kreeg Swinnen naar eigen zeggen pas maandagmorgen. ‘Ik betreur dat ik nooit een behoorlijke mogelijkheid heb gekregen om op dit verslag te reageren. Het verslag bevat immers onjuistheden en insinuaties. Maar kennelijk was de beslissing toen al genomen’, aldus Swinnen in een mededeling.

De zaak draait rond een studieproject voor stadsontwikkeling in Albanië. Het team dat de studieopdracht van Swinnen kreeg, het Centrum voor Stedelijke Ontwikkeling van voormalig SP.A-politicus Patrick Janssens, zou over voorkennis beschikt hebben.

Een oud verhaal, aldus Swinnen, dat nu weer opduikt. ‘Het verhaal wordt nu kennelijk opgewarmd om mij alsnog te verhinderen mijn mandaat af te maken.’

 

‘Geen bewijs’

Volgens Swinnen is er geen bewijs voor malversaties en moet ook Audit Vlaanderen dat toegeven. ‘Ik heb de wetgeving en reglementering scrupuleus nageleefd, meerdere partijen werden geraadpleegd en konden een offerte indienen. De offerte van Janssens was de beste offerte.’

 

‘De man gespeeld’

In de audit wordt Swinnen ook een aantal kleinere feiten aangewreven. Volgens sommige bronnen zou het gaan om ten onrechte ingediende onkosten en het personeelsbeleid (zo zou een van zijn medewerkers naar de Vlaamse preventieadviseur gestapt zijn wegens pesterijen). ‘Het valt op hoe partijdig de audit daarover is. Het gaat om feiten die onjuist zijn en geen ontslag kunnen rechtvaardigen’, vindt Peter Swinnen.

Dat er in verschillende mediaberichten over andere aanbestedingen gesproken wordt,  met name voor de herinrichting van de Brusselse Ravensteingalerij, waarover de audit niets vermeldt, maakt volgens Swinnen duidelijk dat de man gespeeld wordt. ‘De bevoegde ministers Bourgeois en Homans hebben werkelijk geen seconde geaarzeld om mij persoonlijk in diskrediet te brengen.’

Peter Swinnen bevestigt dat hij zijn ontslag voor de rechtbank zal aanvechten.