Nobel I: een nieuw landmark op campus UZ Gent (Wiegerinck + LOW architecten)

Het masterplan voor het nieuwe wetenschapspark van UZ Gent heeft als ambitie om uit te groeien tot een ‘Living Lab’: een plek waar het Universitair Ziekenhuis Gent, Universiteit Gent, en verschillende spin-offs en onderzoeksorganisaties de krachten zullen bundelen. De toren Nobel I zal het eerste gebouw zijn dat gerealiseerd wordt binnen dit masterplan en uitdrukking geeft aan deze ambities. Het dak van Nobel I - dat is opgevat als tuinkamer - is letterlijk de bekroning op het werk. Nobel I wordt gerealiseerd door het bouwteam gevormd door aannemer MBG en architectenteam Wiegerinck en LOW architecten. Ook eld, Ingenium en Bureau De Fonseca werken mee aan het project. 

Vertaling ambities op gebouwniveau

Door haar strategische positie aan de rand van het park zal Nobel I de functie vervullen van een ‘poortgebouw’: een baken met een sterke signaalfunctie langs de C. Heymanslaan. Tegelijkertijd zal Nobel I op een grotere, regionale schaal de vernieuwing van de universitaire campus uitstralen en zo naar een hoger niveau tillen. Nobel I wordt een nieuwe landmark voor de stad Gent en zal, net als de boekentoren van architect Henry Van de Velde uit 1942, beeldbepalend zijn voor de skyline van de stad. "Beide torens zijn vergelijkbaar in schaal - de boekentoren is 66m hoog, Nobel I meet ca. 62m – maar er zijn nog  meer gelijkenissen. Daar waar de boekentoren symbool stond voor de ‘moderniteit’, kennis en wijsheid in het centrum van de stad, zal Nobel I een symbool zijn voor innovatie en duurzaamheid aan de rand van de stad waar men Gent binnenrijdt", aldus het ontwerpteam. 

Voor de toren is een voorlopig programma voorzien voor de eigen diensten van het UZ, teneinde plaats vrij te maken in het hart van het UZ-park waar een grondige vernieuwing is gepland. Maar op lange termijn is het de bedoeling dat de toren plaats biedt aan innovatieve, onderzoeksgerelateerde spin-offs of andere bedrijven die een synergie met de medische, farmaceutische, etc. wereld kunnen bieden. Nobel I zal ingepland worden tussen drie gebouwen: de auditoria F-G, het langgerekt administratief (ICT) gebouw en het L-vormige catering-gebouw. Het administratief gebouw en de auditoria zullen na realisatie van Nobel I gesloopt worden. Voor wat het cateringgebouw betreft, wordt bekeken op welke manier dit relatief recente gebouw kan worden geïntegreerd in de ‘plint’ van Nobel I, in lijn met de visie van het masterplan dat torens voorziet met zogenaamde (lagere) ‘plinten’.
 

Drieledige toren

De architecturale uitstraling van Nobel I is helder en geeft maximaal vorm aan de ambities van het masterplan. Nobel I staat met zijn voeten in het park. Dat is meteen duidelijk. De grote driehoekige elementen ondersteunen het lichaam van de toren. Ze symboliseren de verbondenheid van de lucht en de aarde. Ze dragen het lichaam en tillen het gebouw visueel op. De schuine belijning zorgt voor een speels effect. Door hun vormgeving ontstaat er een interessante dynamiek en vervaagt de grens tussen binnen- en buitenruimte. Beide zijn in elkaar aanwezig.

Het lichaam van de toren is modulair en rationeel uitgewerkt, en daardoor formeler van uitstraling. De gevel is hier een fijnmazig open grid dat de Nobel I een verfijnde elegantie verleent. Door deze openheid ontstaat een wisselwerking tussen de toren en de campus. Nobel I staat dan ook symbool voor een nieuw tijdperk, voor een nieuwe kennisindustrie waar gebruikerscomfort en ‘human wellbeing’ centraal staan.

Het dak van Nobel I is letterlijk de bekroning op het werk. Het is opgevat als een groene oase, een tuinkamer. Het groen dat wordt ingenomen in het park wordt als het ware naar boven getild en ‘teruggegeven’ op de bovenste verdieping. Deze kroon is een belvédère hoog in de lucht. Op de bovenste verdieping – waar tevens enkele vergaderlokalen en een polyvalente ruimte voorzien zijn – geniet je van een adembenemend 360°-uitzicht over de omgeving van Gent.

Door de blauwgrijze kleur – de kleur van de lucht, maar ook van ‘zakelijkheid’, ‘objectiviteit’ en ‘technologie’ – krijgt de toren een zekere lichtheid tegenover de ‘massieve’ betonnen gebouwen op de campus.
 

Een duurzame gevel

Omdat een torengebouw slechts een beperkt dakoppervlak heeft, wordt de huid van het nieuwe Nobel I  uitgewerkt als Energie-Gevel. Op de zuidgevel worden onder de raamopeningen pv-cellen voorzien. Verder is de gevel zodanig ontworpen opdat de opwarming tot een minimum gereduceerd wordt. Door de gevel-elementen 50cm te laten uitkragen ten opzichte van het glas ontstaat een slimme zonwering. Op niveau van gevelafwerking wordt de aluminium gordijngevel van geïntegreerde ventilatieopeningen voorzien met een akoestisch tussenschot. Zo wordt geluidstransmissie tussen verschillende ruimten en geluid van buitenaf gereduceerd wanneer de luikjes geopend zijn. Deze energie-gevel zorgt niet enkel voor groene stroom, maar ook voor een technologische en duurzame uitstraling die past bij een R&D campus.

Bron: LOW architecten
Deel dit artikel:

Met medewerking van

Onze partners