“Eenvoudige regels zijn niet altijd toereikend en kunnen leiden tot foutieve conclusies”

  • image

Is het strikt volgen van de basisvoorschriften voldoende om de veiligheid van een gebouw te garanderen? Hoe ga je om met de onduidelijkheid rond de certificering van passieve brandveiligheid in België? Tijdens het webinar over brandveiligheid op woensdag 5 mei deelt Martial Delplanche, Senior Fire Engineer bij Jensen Hughes, zijn inzichten. Hij neemt deel aan een panelgesprek met Liesbeth Jacobs (Firesa), Steven Paulussen (Paulussen Houthandel), Pieter Poppe (Promat), Kurt Van Den Bergh (Reynaers Aluminium) en Raf De Haes (Knauf), onder leiding van moderator Rik Neven (Palindroom).

Sinds 1998 ondersteunt Martial Delplanche architecten bij het navigeren door de wettelijke vereisten op het gebied van brandpreventie. Voor hem is brandveiligheid een drieluik van een goed ontwerp, degelijk onderhoud en sterke organisatorische maatregelen. Hij benadrukt dat de werkelijke veiligheid van een gebouw niet enkel afhangt van de systemen zelf, maar van het beheer over de volledige levensduur.

De grens van de regelgeving

In de praktijk merkt Martial dat ontwerpteams de minimumvoorschriften vaak als het eindpunt beschouwen. “Elke maatregel die verder gaat dan dat minimum, wordt al snel als overbodig gezien,” stelt hij. Toch waarschuwt hij voor een blind vertrouwen in enkel de prescriptieve regelgeving. Voor complexe projecten moeten deze regels volgens hem worden aangevuld met maatregelen op basis van een grondige risicoanalyse.

Er bestaat bovendien een hardnekkig geloof in eenvoudige regels die niet altijd toereikend zijn en tot foutieve conclusies kunnen leiden. “De toestand in de uitvoering is vaak verschillend van de toestand van het product bij het testen. Kleine verschillen in de realiteit resulteren soms in een totaal ander brandverloop dan wat men op basis van de testdocumenten zou verwachten.”

Onduidelijkheid in certificering

Een kritiek punt dat Martial aankaart, is de huidige staat van certificering en erkenning in België. Waar andere landen duidelijke kaders hebben, blijft het in de Belgische context vaak onduidelijk. “Het is zeer onduidelijk hoe passieve brandveiligheid gecertificeerd kan worden in België. Keuringsinstellingen zijn daar niet voor geaccrediteerd en ook studiebureaus zijn niet officieel erkend.” Deze onduidelijkheid onderstreept de noodzaak voor een verdere harmonisering van de brandveiligheid op Europees niveau, een thema dat Martial tijdens het webinar verder zal toelichten.

Veiligheid met marge

Volgens Jensen Hughes moet er bij het ontwerp al rekening worden gehouden met het feit dat het veiligheidsniveau tijdens het gebruik van een gebouw onvermijdelijk zal dalen. “Er is nood aan een voldoende hoog veiligheidsniveau bij het ontwerp, met enige marge. Een dynamisch risicobeheersingssysteem moet ervoor zorgen dat nieuwe risico’s tijdig worden opgespoord.”

Richting 2030 en 2050 ziet Martial een duidelijke verschuiving voor moeilijker projecten. Terwijl eenvoudige gebouwen nog met standaardvoorschriften uit de voeten kunnen, zal de sector voor complexe opdrachten steeds meer gebruikmaken van prestatievoorschriften en risicoanalyses. Wie als ontwerper in dit proces de dialoog aangaat met de brandweer, doet dat volgens Martial overigens best strategisch: door niet met open vragen naar de brandpreventiedienst te stappen, maar zelf het voortouw te nemen met een onderbouwd concept.

Schrijf je in voor het gratis webinar

Wil je meer weten over de toepassing van risicoanalyses en de verschuiving naar prestatievoorschriften? Registreer je dan nu voor het webinar op 5 mei.

Dit webinar werd mogelijk gemaakt door onze partners Paulussen Houthandel, Reynaers Aluminium, Knauf en Etex Siniat/Promat.

  • Deel dit artikel

Onze partners