Mauritshoeve zet in op biobased bouwen in nieuw Brabants voedselbos (ExMaterials)
Aan de rand van de Loonse en Drunense Duinen transformeert een traditioneel natuurgebied tot een nieuw, productief landschap. Waar ooit intensieve veehouderij plaatsvond, groeit de komende jaren een voedselbos van 20 hectare, met in het hart daarvan de Mauritshoeve: een biobased en circulair ontworpen gebouw van ExMaterials Architectuur.
Voor het ontwerp en de coördinatie wordt gebruikgemaakt van een BIM-aanpak in Archicad, ondersteund door KUBUS. Het digitale model brengt alle disciplines samen en maakt het mogelijk om al in een vroeg stadium keuzes af te toetsen en af te stemmen.
Voedselbos als landschappelijke drager
Het gebouw maakt deel uit van een groter geheel: een voedselbos van circa 20 hectare, ontwikkeld door Stichting Juniper. In dit ecosysteem groeien verschillende vegetatielagen door elkaar. Alle lagen samen vormen een natuurlijk netwerk waarin de planten elkaar versterken, zonder gebruik van bestrijdingsmiddelen.
“Het bos stimuleert biodiversiteit en produceert tegelijk voedsel voor mens en dier”, beschrijft Jochem Alferink, oprichter van ExMaterials Architectuur. “Door de eetbare bodembedekkers, herstelt het bodemleven zich. Er ontstaat een rijk leefgebied voor insecten, vogels en kleine dieren. Na enkele jaren kan de opbrengst ook echt geoogst worden.”
Multifunctionele hoeve als ontmoetingsplek
De Mauritshoeve krijgt een centrale rol binnen het gebied. Het programma omvat onder meer woningen voor de beheerders van het voedselbos, gastenverblijven voor bezoekers en onderzoekers, en ruimtes voor bijeenkomsten en educatie. Daarnaast wordt voorzien in een lunchroom en een landwinkel waar producten uit het voedselbos worden verkocht.
Architectonisch verwijst het ontwerp subtiel naar de traditionele Brabantse vierkantsboerderij, met een compacte opbouw rond een binnentuin. Deze typologie wordt vertaald naar een hedendaagse, duurzame interpretatie.
Ontwerpen vanuit materiaal als vertrekpunt
De ontwerpvisie van ExMaterials Architectuur vertrekt vanuit de herkomst en impact van materialen. In plaats van materialen pas in een latere fase te bepalen, worden ze vanaf het begin geïntegreerd in het ontwerp. Hout, kalkhennep en vlas vormen daarbij de belangrijkste bouwstenen van de Mauritshoeve.
“Voor ons zijn materialen geen sluitstuk van het ontwerp”, zegt Jochem. “We nemen ze vanaf het begin mee. In Archicad kunnen we vervolgens precies zien hoe constructie, detaillering en materialisering samenkomen.” Deze biobased materialen dragen niet alleen bij aan een lagere ecologische voetafdruk, maar hebben ook functionele voordelen. Zo slaat hout CO₂ op en reguleren vlas en hennep vocht, waardoor ze bijdragen aan een gezond binnenklimaat.
Circulair en demontabel gebouwd
De hoeve wordt opgebouwd met een houten draagstructuur en wanden en dak-elementen van biobased materialen. Door te kiezen voor demontabele verbindingen blijft het mogelijk om materialen in de toekomst te hergebruiken. De toegepaste grondstoffen zijn bovendien hernieuwbaar en afkomstig uit duurzaam beheerde bronnen.
Het BIM-model speelt hierin een belangrijke rol: het bevat gedetailleerde informatie over materialen, verbindingen en constructies. “In Archicad zien we precies waar bepaalde materialen zijn toegepast en hoe de onderdelen samenkomen in het gebouw”, legt Jochem uit. “Dat maakt het later ook makkelijker om elementen te hergebruiken.”
Prefab en precisie in uitvoering
De keuze voor prefab houtbouw stelt hoge eisen aan de nauwkeurigheid van het ontwerp. Omdat de elementen vooraf worden geproduceerd, moeten alle afmetingen en aansluitingen exact kloppen. Het digitale 3D-model in Archicad fungeert hierbij als leidraad.
“We bouwen het gebouw eigenlijk eerst digitaal”, legt Jochem uit. “Alle onderdelen worden uitgewerkt en gecontroleerd voordat ze in productie gaan en op de bouwplaats worden gemonteerd.” Deze werkwijze beperkt fouten op de werf en draagt bij aan een efficiënter bouwproces, met minder faalkosten en een kortere bouwtijd.
Samenwerking in één gedeeld model
De realisatie van de Mauritshoeve gebeurt in een bouwteam met verschillende partners, waaronder aannemer Banbouw, constructeur BreedID en diverse leveranciers en installateurs. Alle partijen werken vanuit één gedeeld BIM-model, waarbij deelmodellen via IFC worden uitgewisseld en gecoördineerd, onder andere met BIMcollab.
Volgens Jochem zorgt dat voor een andere manier van samenwerken: “Eventuele conflicten tussen de verschillende expertises zijn al in de ontwerpfase zichtbaar. Daardoor verloopt de afstemming tussen de verschillende partijen een stuk efficiënter. Omdat iedereen naar hetzelfde model kijkt, spreken we dezelfde taal.”
Naast ontwerp en uitvoering speelt het 3D-model ook een rol in de communicatie met opdrachtgevers en andere betrokkenen. Met behulp van visualisatietools kunnen gebruikers het gebouw digitaal verkennen en een beter inzicht krijgen in ruimtelijke kwaliteiten, zichtlijnen en materialisatie. Dit draagt bij aan een duidelijker ontwerpproces en helpt om keuzes beter te onderbouwen.
Ontwerp afgestemd op klimaat
In het ontwerp is ook aandacht besteed aan passieve klimaatstrategieën. Met behulp van de analysetool EcoDesigner STAR in Archicad onderzocht het team de invloed van de bezonning op het gebouw. Op basis daarvan werden de plaatsing en afmetingen van de overstekken nauwkeurig bepaald.
“Door de zonstand goed te analyseren kun je het gebouw passief laten meewerken”, licht Jochem toe. “In de winter kan de zon diep het gebouw binnenvallen, terwijl de overstekken in de zomer juist voor schaduw zorgen.”
Bouwen met respect voor de omgeving
De ligging naast het Natura 2000-gebied van de Loonse en Drunense Duinen vraagt om een zorgvuldige aanpak. Door te werken met prefab elementen en natuurlijke materialen wordt de impact op het gebied beperkt. De kortere bouwtijd en lagere milieubelasting dragen bij aan het behoud van de kwetsbare omgeving.
Met de Mauritshoeve wordt ingezet op een integrale benadering waarin architectuur, materiaalgebruik en landschap samenkomen. “De natuur heeft een enorme intelligentie", besluit Jochem. “Als ontwerpers kunnen we daar veel van leren. Denk aan hoe planten samenwerken in een ecosysteem of hoe bomen vanzelf reageren op zon en wind. Als je die principes vertaalt naar architectuur, bijvoorbeeld door materialen bewust te kiezen of zon en schaduw in het ontwerp mee te nemen, ontstaan gebouwen die met hun omgeving samenwerken in plaats van ertegenin.”
De eerste bouwwerkzaamheden staan gepland voor eind 2026.