Van Marmoleum tot gerecycleerd textiel: vloeroplossingen met oog voor de toekomst
De overgang van een lineaire naar een circulaire bouweconomie verandert de manier waarop we naar materialen kijken. Waar vroeger vooral prestaties, uitstraling en levensduur doorslaggevend waren, komen daar vandaag nieuwe criteria bij. Zijn grondstoffen bijvoorbeeld hernieuwbaar of gerecycleerd? Is de milieu-impact gedocumenteerd? En wat gebeurt er met een materiaal na gebruik?
Ook bij vloerbedekking is die evolutie volop bezig. Forbo Flooring Systems benadert de uitdaging vanuit drie invalshoeken: hernieuwbaarheid, transparantie en circulariteit. Die principes krijgen een verschillende invulling in linoleum, vinyl en textiel, maar vertrekken vanuit dezelfde gedachte: vloeroplossingen ontwikkelen waarbij niet alleen het gebruik van vandaag, maar ook de materiaalstromen van morgen worden meegenomen.
Van duurzame grondstof tot circulair systeem
De samenstelling van een vloer is een logisch vertrekpunt om de milieu-impact te verkleinen. Hernieuwbare grondstoffen verminderen de afhankelijkheid van eindige materialen, terwijl gerecycleerde grondstoffen bestaande materiaalstromen opnieuw benutten.
Binnen het assortiment van Forbo is Marmoleum daarvan het duidelijkste voorbeeld. Deze linoleumvloer bestaat voor meer dan 97% uit natuurlijke en hernieuwbare grondstoffen. Volgens de levenscyclusanalyse van de fabrikant is het gemiddelde 2,5 mm Marmoleum-assortiment klimaatpositief binnen de afbakening 'cradle-to-gate', waarbij enkel de impact tot aan de fabriekspoort wordt meegenomen.
De samenstelling is echter maar één deel van het verhaal. Ook de plaatsingswijze en de bestemming na gebruik zijn bepalend. Een vloer die eenvoudig kan worden verwijderd, biedt bijvoorbeeld meer kansen op hergebruik of recyclage dan een permanent verlijmde oplossing. Voorwaarde is wel dat er ook systemen bestaan om het materiaal in te zamelen, te sorteren en opnieuw te verwerken.
Transparantie maakt vergelijken mogelijk
Voor architecten en voorschrijvers wordt het intussen steeds belangrijker om duurzaamheidsclaims te kunnen toetsen. Levenscyclusanalyses en Environmental Product Declarations (EPD's) bieden daarvoor gestandaardiseerde informatie over de milieu-impact van bouwproducten.
Forbo rapporteert dat 84% van alle verkochte vloerbedekking over een door een onafhankelijke derde partij geverifieerde EPD beschikt. Daarnaast publiceert het bedrijf Health Product Declarations (HPD's) met informatie over de samenstelling en mogelijke impact van materialen op mens en milieu.
Zo kunnen ontwerpers verder kijken dan algemene termen als 'duurzaam' of 'circulair' en verschillende materiaalkeuzes beter onderbouwen. Daarbij blijft het belangrijk om na te gaan welke fasen van de levenscyclus precies in de beschikbare gegevens zijn opgenomen.
Drie materialen, drie routes
De weg naar een lagere milieu-impact verschilt per materiaalsoort. Bij linoleum begint die bij de grondstoffen. Marmoleum bestaat voor meer dan 97% uit natuurlijke en hernieuwbare grondstoffen en beperkt zo de afhankelijkheid van eindige materialen.
Bij vinyl ligt de focus onder meer op gerecycleerde grondstoffen, lagere productemissies en lijmvrije plaatsing. Die laatste maakt het eenvoudiger om een vloer te verwijderen en kan zo terugname, hergebruik of verdere verwerking faciliteren.
Bij textiele vloeren staat het gebruik van gerecycleerde grondstoffen centraal. De tapijttegels van Forbo bevatten tot 56 gewichtsprocent gerecycleerd materiaal. Voor de Coral-schoonloopsystemen wordt onder andere Econyl toegepast, een geregenereerd nylon waarvoor afvalstromen zoals uit de oceanen geredde visnetten als grondstof worden gebruikt.
De drie materiaaltypes tonen zo verschillende manieren om grondstoffen efficiënter te gebruiken en materialen langer in omloop te houden.
Terugname sluit de kringloop
Ook na de gebruiksfase ligt er een belangrijke uitdaging. Een vloer die technisch recycleerbaar is, levert weinig op wanneer hij na renovatie alsnog bij het gemengde bouwafval terechtkomt. Terugnamesystemen kunnen helpen om gebruikte materialen opnieuw in de keten te brengen.
Via zijn ‘Back to the Floor’-programma zamelt Forbo in verschillende markten vloerafval in met het oog op hergebruik en recyclage. In 2025 werd zo volgens het bedrijf 902 ton post-consumer afval verzameld.
Ook de impact van de eigen productie wordt gemonitord. Forbo rapporteert een vermindering van zijn Scope 1- en 2-broeikasgasemissies met 80% tussen 2004 en 2024. Sinds 2012 publiceert het bedrijf jaarlijks een duurzaamheidsrapport met verwijzing naar de standaarden van het Global Reporting Initiative (GRI).
Die resultaten maken duidelijk dat circulariteit meer omvat dan één materiaalpercentage of één CO₂-cijfer. De milieu-impact van een vloer ontstaat over verschillende fasen: van grondstoffen en productie tot plaatsing, gebruik, verwijdering en verwerking.
Circulariteit begint bij het voorschrijven
Voor architecten is de vraag dus niet alleen welke vloer duurzaam is, maar vooral welke oplossing het best past bij de ambities van een project. Een vloer met veel hernieuwbare grondstoffen heeft andere troeven dan een oplossing met een hoog aandeel gerecycleerd materiaal of een lijmvrij systeem dat later eenvoudiger te demonteren is.
Een toekomstgerichte materiaalkeuze vraagt dan ook om meerdere aspecten samen te bekijken: de herkomst van de grondstoffen, de gedocumenteerde milieu-impact, de plaatsingsmethode en het scenario na gebruik. Ook een werkend terugname- of recyclagesysteem kan daarbij meewegen.
De oplossingen van Forbo Flooring Systems tonen hoe die principes bij linoleum, vinyl en textiel een verschillende invulling krijgen. Zo wordt de vloer niet alleen bekeken vanuit zijn huidige toepassing, maar ook vanuit de vraag welke waarde de gebruikte materialen in een volgende levensfase nog kunnen hebben.