Lezing 10x20x20sec. in Genk groot succes

Op 29 september 2010 organiseerde Stad Genk in samenwerking met Architectuurwijzer de laatste lezing in een reeks van drie i.v.m. Genk in stelling. Met deze reeks wou de stad aan de hand van concrete projecten haar architectuurbeleid in beeld brengen. Een talrijk opgekomen publiek nam plaats in de gloednieuwe grote zaal van het cultuurcentrum, waar het gedurende 10x20x20sec. kon kennismaken met interessante projecten in Genk. Wie de lezing heeft gemist, kan hier zijn schade inhalen.

Op 29 september 2010 organiseerde Stad Genk in samenwerking met Architectuurwijzer de laatste lezing in een reeks van drie i.v.m. Genk in stelling. Met deze reeks wou de stad aan de hand van concrete projecten haar architectuurbeleid in beeld brengen. Een talrijk opgekomen publiek nam plaats in de gloednieuwe grote zaal van het cultuurcentrum, waar het gedurende 10x20x20sec. kon kennismaken met interessante projecten in Genk. Wie de lezing heeft gemist, kan hier zijn schade inhalen.

Roel De Ridder van Architectuurwijzer opende de avond met een voorspelling. In het pas gepubliceerde jaarboek Architectuur Vlaanderen is er geen enkel Limburgs project te vinden. In de volgende editie zal het C-mine-project ongetwijfeld vermeld staan, denkt hij. Vervolgens nam burgemeester Wim Dries het woord. Hij lichtte toe dat de stad architectuur erg belangrijk vindt, maar dat het ook belangrijk is de kwaliteit door te trekken in private projecten. 85% van de inwoners vindt Genk mooi. Hiermee apprecieert de Genkenaar de inspanningen die de stad levert inzake ruimtelijke ordening, de verhouding tussen publieke en private ruimte,... Hierna startte de eigenlijke lezing, georganiseerd op een bijzonder en ludiek concept: elke spreker kon gedurende 20  afbeeldingen, die telkens 20 seconden werden geprojecteerd, zijn verhaal vertellen.

Osar

Michiel Verhaegen van Osar beet de spits af met het project vzw Menos Ouderen. Het project, een woon- en zorgcentrum voor personen met dementie, vertrekt vanuit de gebruiker. Normaal gezien krijgt elke bewoner van een zorgcentrum een oppervlakte van 22 m² ter beschikking, dit brengt heel wat problemen met zich mee wanneer de bewoners spullen van thuis meebrengen. Door o.a. geen gangen te voorzien kon de oppervlakte opgedreven worden tot 35 m². De circulatie bevindt zich in een gemeenschappelijke kamer waarin acht individuele kamers uitkomen. Naast het innemen van oppervlakte, kunnen ‘gangen’ ook voor verwarring zorgen bij dementerenden. Ze hebben immers moeilijkheden met het terugvinden van de juiste deur.
Een volgend project dat Osar voorstelde, is het kinderpsychiatrisch centrum ZOL, wat zich in het groen en de bossen bevindt. Belangrijk in dit project was voor de architecten een gebouw te ontwerpen dat een lage drempel had. Het diende een open en toegankelijk gebouw te zijn met een duidelijke expressie. Het resultaat is een betonnen lus, verzonken in het landschap. De kamer in het centrum heeft een dubbele functie, naast slapen moeten de kinderen er ook tot rust kunnen komen. De kamers kunnen aangekleed worden a.d.h.v. verschillende modules. Dat kinderen een persoonlijke touch kunnen geven aan de kamer bleek nodig omdat er kinderen van 3 jaar maar ook tieners van 16 jaar over de vloer kunnen komen.



Michiel Verhaegen tijdens 20x10x10sec.




Drieskens & Dubois Architecten

 

Jos Dubois, Drieskens & Dubois Architecten, nam het woord over. Hij vertelt over de herbestemming van de Sint-Jansschool in Waterschei die gelegen is rond een immense binnenkoer waarop heel wat mooie bomen stonden, te mooi om af te breken. In hun ontwerp zijn ze te werk gegaan met een groot respect voor de authenticiteit. De ingrepen beperken zich tot de achterzijde van het gebouw. De voorzijde van het gebouw blijft bewaard, de gevel wordt gereinigd en er worden nieuwe ramen geplaatst. De binnenkoer zelf wordt opgedeeld in verschillende delen met podia, tribunes, zithoeken en behoud van groen en privacy. De buitentuin blijft bewaard en is publiek toegankelijk. De woningen zijn opgevat als doorzonwoningen met zowel een link met de straat als achterzijde.



Jos Dubois tijdens 20x10x10sec.




Helsen & Vancom Architekten

 

Rik Vancom vertelde gedurende 20x20sec. over Hangaar 58 in Bokrijk. Deze loods, tegenover de oude stad in Bokrijk, beslaat een oppervlakte van 3000 m² en wordt vooral gebruikt voor evenementen. In de lage ruimtes aan de voorzijde bevindt zich het servicegedeelte met berging,... De ‘aangespoelde vis’ is ingegraven in een soort heuvel, hiermee wordt de link gelegd met het achterliggende landschap. Aan de voorzijde bevindt zich het kasseienplein. Het gebouw, een industriële constructie, kan opgevat worden als een kijkdoos op de oude stad. De nieuwe doos contrasteert met de collage van restanten van oude gebouwen. Het glas weerspiegelt de oude gebouwen, dit werd door de architect eerder toevallig ontdekt. Philips maakte een lichtstudie voor binnen en buiten. Dit levert vooral ‘s avonds bijzondere beelden op.


Lava architecten

Wim Goossens, architect bij Lava architecten, vertelt zijn verhaal naar aanleiding van de 32 sociale woningen en het OCMW dienstencentrum die zijn bureau ontwierp aan de André Dumontlaan. Geen spektakelbeelden, geen dure details en geen overgedimensioneerde ruimtes, het spel van de sociale woningbouw wordt immers gespeeld met andere spelregels en andere budgetten. De context is gratis. Een architect moet proberen zijn project in die context te nestelen zodat je de aanwezige kwaliteiten kan betrekken op je project zonder zelf een negatieve invloed uit te oefenen op de omgeving. De gepaste inplanting, het optimale ruimtegebruik en de juiste schaal blijkt niet evident. Het vereist moed en nederigheid en de wil je eigen project ondergeschikt te maken aan de omgeving. Densiteit had in een recent verleden een negatieve bijklank, vandaag is dit misschien nog alleen in sociale woningbouw. Het grote aantal in combinatie met de kleine woonoppervlaktes, schrikt nog steeds al te vaak af. Echter, wanneer je er als ontwerper in slaagt binnen in de architectuur het gevoel op te wekken dat ook de omgeving deel begint uit te maken van het interieur, dan wordt de stringente oppervlaktenormering waarmee je in de sociale woningbouw wordt geconfronteerd plots minder problematisch. Het moeilijke van de VMSW oppervlaktenormering is overigens niet zozeer de beperktheid van de woonoppervlakte, maar wel het dogmatische van de oppervlakte-opdeling, die woonpatronen aan de bewoners oplegt. Detaillering is in sociale woningbouw ook een belangrijk punt. Het gaat over het creatief samenbrengen van gestandaardiseerde oplossingen en niet per se over de genialiteit van het ultieme detail. In de sociale woningbouw moet de architectuur het hebben van de geleding van het gebouw, het spel van texturen of de volumetrie die flirt met het licht, die trouwens ook gratis is.



Wim Goossens tijdens 20x10x10sec.




Cops architecten

 

De Sint-Jansschool in Waterschei is te groot geworden voor de buurtschool en voldoet bovendien niet meer aan de huidige normen, zo vertelde Vincent Cops van Cops architecten. Het project houdt een combinatie van oud en nieuw in en tracht rekening te houden met de sociale rol van de site. De bestaande turnzaal krijgt een hoofdrol in het project toebedeeld. Na de schooluren is ze beschikbaar voor de buurt, horend tot het concept van een ‘brede school’. In de turnzaal wordt een nieuwe horizontale vloer aangebracht waardoor een verhoogd niveau ontstaat. De constructie wordt behouden en alle technieken blijven in het zicht. De kleuterschool, met eigen speelplein, bevindt zich op een verschillend niveau dan deze van de lagere school, dit werd ook ingegeven door de helling van het terrein. De circulatie is gebaseerd op een lussysteem, dit zorgt voor een verschil in belevingswaarde, gebruik en efficiëntie. De beglazing zorgt ervoor dat de circulatieruimte deel gaat uitmaken van de speelplaats. De klaslokalen vangen zenitaal en zijdelings licht. De crearuimtes bevinden zich in het verzonken niveau en beschikken over een buitenpatio.



Vincent Cops tijdens 20x10x10sec.




De Gouden Liniaal Architecten

 

Frank Vanden Ecker van het jonge architectenbureau De Gouden Liniaal Architecten, gevestigd in Genk, lichtte het door hen gemaakte masterplan met woonontwikkeling voor het RUP Grotestraat Zuid-Oost toe. Het gebied bevindt zich op de rand van de stadsstrip, bij de overmaatse brug van de westerring en vlakbij het stadsbos. In de straat zijn heel wat schaal- en stijlconflicten terug te vinden en bovendien weet men klaarblijkelijk niet hoe men moet omgaan met de heuvel in zijn tuin. De Gouden Liniaal Architecten zocht naar een oplossing om ‘iets nieuws’ te laten schijnen alsof het er al altijd is geweest. De rode draad in hun verhaal is het talud. Het naar binnen plooien van het gebouw doet een pleinwand ontstaan, het project vroeg immers naar een eigen publieke ruimte. Het stadsbos mag deze ruimte binnendringen. Door het werken met plateaus ontstaan er verschillen in belevingswaarde. De bebouwing, evenwijdig met de westerring, richt zich naar het plein en vormt zo een berm en tegelijkertijd een scherm tegen het geluid. 
De bedoeling van ‘De Gouden Liniaal Architecten’ was met dit masterplan de krachtlijnen vast te leggen en de start te geven van iets nieuws.



Frank Vanden Ecker tijdens 20x10x10sec.




BVB Architects

 

Leo Van Broeck van BVB Architects liet het verhaal van de Media&Design Academie van de Khlim vertellen door het werk van twee fotografen. Mikaël Falke was vooral geïnteresseerd in de arbeider. De foto’s bekijken het werk van de arbeider op een poëtische manier. Deze manier van kijken verschilt van deze van de architect die controle doet. Een foto werd getoond van het auditorium in relatie met de schachtbok terwijl het pijpenstelen regent. Fotograaf Thomas Mayer fotografeerde het gebouw wanneer het was afgewerkt en ontdekte interessante reflecties in de beglazing van het studielandschap. Het gebouw vertelt het verhaal van de mijn door de gevelhuid, een soort ‘doorkijkblouse’. Het industriële karakter van het gebouw wordt ook benadrukt in de wijze van compartimentering, deze gebeurt met netten. Na verschillende pogingen om de skeletmaten uit de parking in het gebouw te integreren, werd de moed opgegeven. Hierdoor ontstaat een interessante dialoog tussen draagstructuur en ruimtelijkheid.



Leo Van Broeck tijdens 20x10x10sec.




Moors-Mestdagh

 

Bart Moors beschreef Genk op dit moment als een combinatie van ongerepte natuur en historische ballast. Hun ingreep in het terrein, beperkte zich tot een minimum. Lijnen, vlakken, materialen en elementen werden samengesmolten tot een samenspel van volumes. Het abstractieniveau werd beperkt. De architect stelde dat het verhaal niet eindigt bij de goedkeuring van een EPB-verslag of bij de oplevering,... Het project leidt zijn eigen leven en wordt geïnterpreteerd door de bewoner. In het lineaire landschap waar de Renaissance overheerst, kan men vertoeven tussen pleister- en metselwerk.



Bart Moors tijdens 20x10x10sec.




Cleuren_Merken

 

Guy Cleuren, Cleuren_Merken, gaf een typologische analyse van het opgestelde RUP Mispelaer in opdracht van Stad Genk. De opdracht eindigde in een beeldkwaliteitsplan, dat sturend wilde zijn en een beeldregie trachtte mee te geven.  Het binnengebied, bestaande uit gras, naaldbos, loofbos en open plekken, werd ingevuld door woningen. In plaats van wonen aan de straat werd hier het beeld van wonen in een parkzone voor ogen gehouden. Het gebied werd ingevuld met een dambordpatroon waarin verschillende types en openbare functies werden ondergebracht. Drie verschillende types komen aan bod: een langswoning die ommuurd wordt om het architectonisch beeld te bewaren, woningen die afwisselend voor en achter op het perceel worden ingeplant waardoor men soms een voortuin heeft in plaats van een achtertuin, en een laatste, geconcentreerder, type met drie bouwlagen waar men de mogelijkheid heeft tot het aanleggen van daktuinen.


LENS°ASS

Bart Lens,Lens°Ass, kon tot heden slechts twee projecten realiseren in Genk. Zijn liefde voor brede luifels, geborgenheid en perspectieven, bleek al in zijn kindertekeningen vervat te zitten. Voor het bedrijf Eden ontwierp hij een bedrijfshal op de mijnsite in Winterslag. Dit werd echter niet weerhouden. Een nieuw ontwerp van een steriele eenvoudige bedrijfshal werd gemaakt voor op het industrieterrein. De administratie van het bedrijf, meestal herkenbaar als een bijgebouw aan de doos, werd hier opgenomen in het geheel, de showroomvloer loopt door in het administratiegedeelte. Tot slot toont hij met enkele beelden uit Genk dat duurzaamheid in architectuur niet gezocht moet worden in zonnepanelen maar eerder gevonden kan worden in oriëntatie en ligging.



Bart Lens tijdens 20x10x10sec.

 

 


Deel dit artikel:

Onze partners